Ik moest dus kiezen. Met een muntje van vijf eurocent in mijn hand zat ik op mijn donkere balkon. De grote boom in de binnentuin was versierd met lichtsnoeren, die zouden binnenkort wel uitgaan, zoals elke nacht. Maar deze nacht was anders dan andere, want ik had besloten dat het tijd was voor een besluit.

Met de rellen in Charlottesville in augustus en de keuze van het kunstencentrum Witte de With in Rotterdam om van naam te veranderen, is de discussie over de interpretatie van onze geschiedenis weer flink aangewakkerd. Wat moeten we toch met al die straten, pleinen, tunnels en monumenten die refereren aan omstreden ‘helden’ uit de zeventiende- en achttiende eeuw? Is het tijd voor een nieuwe beeldenstorm?

Dit bericht is oorspronkelijk gepubliceerd bij Maximum Amsterdam

Waar je nu op de fiets je best moet doen om door de mensenmassa heen te komen die uit de Kalverstraat het Spui oversteekt, stond slechts een kleine 150 jaar geleden nog een brug: de Osjessluis. Het verbond de Kalverstraat aan de noordelijke kant van de gracht met de Kalverstraat ten zuiden van het Spui. Pas in 1882 werd het Spui gedempt en ontstond de doorsteek van het Spui naar het Rokin zoals Amsterdammers het nu kennen: smal en druk. 

Dit bericht is oorspronkelijk gepubliceerd bij Maximum Amsterdam

10689863_524340387697095_5654334841844278691_nDoor onze verslaggever Frank Hills – Vanaf mijn vierde woon ik in Amsterdam, in een buurt die elke Amsterdammer kent: De Pijp. De straat waar ik woon, gelegen aan het Sarphatipark, staat ook wel bekend als het ‘Fluwelen Randje’. Waarom had deze wijk überhaupt een Fluwelen Randje nodig? Was de rest van deze buurt dan zo verschrikkelijk? Dat kan je je tegenwoordig niet meer voorstellen, als je door deze wijk met gezellige terrasjes en levendige markt wandelt.