Een huis van hout en stro: zijn biomaterialen de toekomst van de bouw?

De bouw stoot gigantische hoeveelheden broeikasgassen uit. Biomaterialen zoals hout, stro en leem kunnen deze uitstoot fors terugdringen. Op een stukje land aan de rand van Eindhoven pionieren doe-het-zelvers met de bouwmaterialen van de toekomst.

Is elk huis in de toekomst gemaakt van biomaterialen? Als het aan Emma den Brok ligt wel. Tot een jaar geleden woonde Den Brok in een appartement in Utrecht. Uitzicht op een eigen koophuis had ze niet. Via de stichting Minitopia kreeg ze de kans om haar eigen huis te bouwen, met als enige eis dat het huis volledig duurzaam zou zijn. Nu bouwt ze op buurtschap te Veld in Eindhoven haar eigen huis van stro, leem en hout – volledig van natuurlijke, duurzame materialen. 

De reguliere bouw blinkt niet uit in duurzaamheid. De bouwsector is verantwoordelijk voor wel veertig procent van de mondiale CO2-uitstoot. Alleen al de productie van cement is goed voor zeven procent van alle wereldwijd uitgestoten broeikasgassen. Hoog tijd dat het roer omgaat. Kunnen biomaterialen de oplossing zijn? 

Buurtschap te Velde

Buurtschap te Veld ligt op een stuk braakliggend terrein aan de noordkant van Eindhoven. Hier moet een volledig duurzame woonwijk komen. Op een deel van het terrein is er ruimte voor eigen initiatieven van bewoners. Alles kan, zolang het maar duurzaam en kleinschalig is. Een echte plek voor creatieveling en pioniers. En dat is te zien. Een verzameling van vijfendertig kleine en zeer diverse huisjes staan verspreid over het terrein. Sommige zijn gemaakt van oude containers, andere van hout, of volledig van gerecyclede materialen. 

Emma den Brok (27) komt over een modderig pad aanlopen. In het dagelijks leven is ze rijkstrainee, in haar vrije tijd bouwt ze hier haar eigen huis. Ze ziet er zowel praktisch als creatief uit – op haar paarse haar draagt ze een muts met een klein bouwlapje erop. Ze staat op stevige bouwschoenen en draagt een dikke jas en handschoenen om de koude decemberwind weerstand te bieden.

Het huis dat ze bouwt heeft een rechthoekige vorm met een oppervlakte van 44 vierkante meter. De buitenkant is volledig bedekt met golfplaten. Binnen zit een klein kijkgaatje in de wand waardoor de binnenkant van de muur te zien is. Door het kijkgaatje is te zien wat het huis zo bijzonder maakt. De muren bestaan volledig uit hout en stro. Houten balken zorgen ervoor dat de constructie het gewicht kan dragen. Tussen de balken zit stro dat voor natuurlijke isolatie zorgt. Aan de binnenkant komt nog een laag van leem die de muur een mooie bruine kleur geeft. Alles volledig van biomaterialen gemaakt dus. 

De muren van het huis van Emma den Brok zijn gemaakt van hout en stro. Foto: Camiel Mudde

Biomaterialen steeds populairder

Om als biomateriaal aangemerkt te worden moet een materiaal aan verschillende eisen voldoen. Zo moet het een natuurlijke herkomst hebben waarbij de aanwasgroter is dan het verbruik. Hout is bijvoorbeeld pas een biomateriaal als er op de plek van herkomst meer bomen worden bijgeplant dan dat er gekapt worden. Ook zijn veel biomaterialen CO2-positief, wat betekent dat ze in hun levende vorm CO2 opgenomen hebben. Hout en stro hebben bijvoorbeeld als bomen en graangewassen CO2 opgeslagen voordat ze in de bouw werden gebruikt. 

Bouwen met biomaterialen wordt steeds populairder volgens Arjan van Timmeren, hoogleraar Environmental Technology and Design aan de TU Delft: “Dit komt doordat de materialen een enorme verbeteringsslag hebben gemaakt. Het beste voorbeeld hiervan is de houtbouw. Veel mensen denken dat hout bouwtechnisch minder is dan staal of beton. Hout heeft zich alleen enorm ontwikkeld. Zo zorgen nieuwe technieken ervoor dat hout veel sterker is geworden. Tegenwoordig kan hout net als beton en staal enorme constructies dragen. Londen is bijvoorbeeld van plan om een wolkenkrabber volledig van hout te bouwen. Deze Oakwood Tower moet met 305 meter de op één na hoogste toren van de stad worden. Nog niet zo lang geleden was dit ondenkbaar geweest.”

Dat houtbouw in de lift zit, blijkt ook in de Green Deal van de metropoolregio Amsterdam. Hierin is afgesproken dat in 2025 twintig procent van de nieuwbouw volledig uit hout moet bestaan. Logisch, vindt Van Timmeren. “Houten huizen hebben ongelooflijk veel voordelen. Bewoners geven vaak aan dat ze hout mooi vinden en het binnenklimaat prettiger is dan bij stalen gebouwen. Tegelijkertijd zijn veel nadelen verdwenen. Hout kon vroeger nog wel eens brandgevoelig zijn. Tegenwoordig is dat opgelost.”

Het huis van Den Brok is nog niet af. Ze weet dus ook nog niet precies hoe het gaat bevallen. Wel merkt ze al dat haar stromuren een heel sterke natuurlijke isolatie hebben. Den Brok: “De zon maakt mijn huis heel snel aangenaam warm. Als in de winter de zon een paar uur schijnt blijft mijn huis de hele dag warm. In de zomer moet je oppassen dat het niet te warm wordt, maar daar ga ik een pergola voor aanleggen.”

In haar vrije tijd werkt Emma den Brok aan haar huis. Foto: Camiel Mudde

De toekomst van de bouw

Zijn biomaterialen de toekomst van de bouw? Volgens Van Timmeren is er in ieder geval voldoende biomateriaal beschikbaar. “Van hout wordt bijvoorbeeld vaak gedacht dat het niet duurzaam zou zijn omdat er bossen voor gekapt worden, terwijl er in Europa meer dan voldoende duurzaam hout aanwezig is. Op dit moment bestaat al 38 procent van Europa uit bos. Op korte termijn wordt nog honderd miljoen vierkante meter aangeplant als onderdeel van de Europese Green Deal. Al dat bos is ruim voldoende om in de Europese vraag naar woningen te voorzien. Wel is het belangrijk dat bossen duurzaam beheerd worden, zodat de omvang en biodiversiteit van het bos niet verloren zal gaan. Op dit moment wordt de helft van de Europese bossen al duurzaam beheerd. Deze bossen leveren meer dan genoeg hout voor de huidige vraag.”

De echte verandering moet vanuit de samenleving komen. Zo zijn er nog weinig vakmensen die met biomaterialen kunnen werken. Dit geldt voor alle delen van de bouwsector, zowel voor bouwvakkers als architecten. Ook zijn biomaterialen vaak duurder dan conventionele bouwmaterialen, omdat de ecologische voetafdruk van materialen nog niet in de prijs wordt meegenomen. Dat zou kunnen veranderen als er een CO2-belasting komt. Als zo’n belasting wordt ingevoerd, worden cement en beton duurder, terwijl hout juist goedkoper wordt, aangezien het CO2 opneemt. Er is nog veel werk aan de winkel, ziet Van Timmeren. “Ik vrees dat we tot minstens 2050 nodig hebben voordat de helft van de bouw biobased is”, zegt de hoogleraar. “En zelfs dat is optimistisch.”

Dat de samenleving nog niet op biomaterialen is ingesteld, merkt Den Brok ook. “Doordat je niet oneindig veel tijd en geld hebt, kies je soms niet voor de duurzame optie”, geeft ze aan. “Daardoor haal je bijvoorbeeld wel eens nieuw gereedschap bij de bouwmarkt. Idealiter hergebruik je iets bestaands, maar die optie is er gewoon niet altijd. Bijvoorbeeld omdat er geen winkel is waar je dat kan halen. Sowieso is niet alles wat wij doen duurzaam. We gebruiken bijvoorbeeld relatief veel grond voor het aantal huizen dat erop staat. Toch hoop ik dat we een voorbeeld kunnen zijn voor mensen. Wij zijn de pioniers van het biobased bouwen en laten mensen zien hoe het ook kan.”

Eindredactie door Kaz Schonebeek


STEUN NIEUW JOURNALISTIEK TALENT

Red Pers werd vijf jaar geleden opgezet door vier jonge en ambitieuze studenten en is inmiddels uitgegroeid tot een landelijk opleidingsplatform. Het is dé springplank naar een journalistieke carrière.

Wil je ons helpen het medialandschap te vernieuwen door jonge journalisten een stem te geven? Doneer dan nu een flinke kan koffie (€ 5,-), één maandje Zoomen (€ 15,-) of een ander bedrag. Bedankt!