Radicaal, populistisch, verenigd: hoe het linkse Nupes in Frankrijk flikt wat in Nederland niet lukt

Beeld: MathieuMD

De linkse alliantie Nupes werd de op één na grootste bij de laatste Franse parlementsverkiezingen. Dat terwijl links Nederland nog nooit zo klein was. Kunnen de klassieke linkse partijen in Nederland niet wat opsteken van hun radicale, populistische Franse kameraden?

“Er valt geen enkel verschil te overbruggen, want we komen niet uit dezelfde wereld, we hebben niet dezelfde waarden, niet dezelfde doelen.” Dat was Jean-Luc Mélenchon’s antwoord op een toenaderingspoging vanuit de partij van zittend president Macron, vlak na de uitslagen van de afgelopen Franse parlementsverkiezing. Het was niet de overwinning waar Mélenchon op had gehoopt, maar de behaalde 149 zetels zetten zijn gloednieuwe Nupes om tot de belangrijkste oppositiebeweging in de Assemblée Nationale. Onder andere door dat succes verloor Macron zijn meerderheid: ‘Een totale nederlaag’, aldus Mélenchon.

In Nederland leden de klassieke linkse partijen bij de laatste verkiezingen een historische nederlaag. De Partij van de Arbeid (PvdA), de Socialistische Partij (SP) en GroenLinks behaalden slechts 15% van de stemmen: de laagste score sinds de invoering van het algemeen kiesrecht een eeuw geleden. De twee liberale winnaars van de verkiezingen, D66 en VVD, scoorden respectievelijk 15% en 22%, beide op zichzelf groter dan de drie linkse partijen samen. Een verschil dat doet denken: wat doen ze daar in Frankrijk? Welke valkuilen ontlopen ze, waar linkse Nederlandse politici intuimelen?

Gestaalde socialist

Het verhaal van Nupes is in eerste instantie het verhaal van haar leider. Al sinds hij zich in 2008 afsplitste van de Parti Socialiste (de PS, de Franse PvdA), is Jean-Luc Mélenchon bezig aan een radicaal linkse, populistische opmars. De gestaalde socialist bouwde gestaag aan zijn beweging, wat afgelopen zomer resulteerde in een nipte 0,8 procent achterstand op de extreemrechtse Marine Le Pen in de eerste ronde van de presidentsverkiezingen. Net niet genoeg voor een plek in de beslissende tweede ronde, wel voor nog meer wind in de zeilen van zijn partij La France Insoumise (LFI). Dat momentum zette hij om in de vorming van de linkse alliantie Nupes.

Nupes, oftewel Nouvelle Union Populaire Écologique et Sociale, werd de gedeelde noemer van La France Insoumise, de Parti Socialiste, De Groenen, en de Franse Communistische Partij. Mélenchon kreeg de andere partijen zover zich te scharen achter 650 gezamenlijke punten. Het radicale programma zet zich duidelijk af tegen het neoliberale beleid van Macron: verhoging van het maandelijkse minimumloon, het verlagen van de wettelijke pensioenleeftijd van 62 naar 60, invoering van een onvoorwaardelijke ‘waardigheidsgarantie’ en een maandelijkse autonomietoelage voor jongeren.

Jean-Luc Mélenchon dirigeert zingende demonstranten
Beeld: Jean-Luc Mélenchon // YouTube

“Een sociale, ecologische agenda in de vorm van een deprivatiserings-front”, typeert schrijver en essayist Daniël Boomsma Nupes’ partijprogramma tijdens een gesprek. “En: fundamentele systeemkritiek – kapitalismekritiek dus – met als doel die mensen in bescherming te nemen die de dupe zijn van dat systeem. Ook om duidelijk te maken dat de klimaatagenda geen luxe verhaal is, alleen al om het feit dat de grootste vervuilers de rijken en machtigen van deze wereld zijn en mensen die weinig hebben het meest lijden onder de opwarming van de aarde.”

Links-nationalisme

Mischa Dekker is socioloog aan de KU Leuven en Sciences Po Parijs. In zijn tijd in Parijs was hij aanwezig bij veel bijeenkomsten en debatten rondom de coalitievorming van Nupes, waarin klimaat een centraal thema was. Hij zag dat binnen Nupes veel pleidooien voor protectionisme voortbrengen. “Op die manier wordt klassenstrijd gekoppeld aan ecologie.” Dat resulteert hier en daar in wat Frankrijk First-retoriek: “Er zijn mensen binnen Nupes die zich links-nationalistisch noemen. Dat doelt dan veelal op de economie, maar het heeft ook wel een culturele component. Nationalisme heeft in Frankrijk een andere connotatie dan in Nederland. In Frankrijk is er meer het idee: iedereen is burger van de republiek, terwijl Nederland het systeem van verzuiling kende.” 

‘In Nederland doet nationalisme altijd het werk van de PVV.’

Thijs Kleinpaste is PhD-kandidaat in politieke theorie, co-host van de linkse politieke podcast Het Redelijke Midden en schrijver van Tegenover Dostojevski, een boek over de spanning tussen liberalisme en socialisme. Vanuit Washington D.C., waar hij woonachtig is, zet hij via een videoverbinding zijn vragentekens bij Nederlands nationalisme op links: “Die universalistische republikeinse traditie hebben wij in Nederland niet. Stel de Bataafse revolutie was anders gelopen en linkse partijen konden zich beroepen op de Bataafse idealen vrijheid, gelijkheid, broederschap, ja, dan zat daar wel wat in. Maar, in Nederland doet nationalisme altijd het werk van de PVV. Want, wat het in de kern doet, is een loyaliteitsvraag stellen: wie is een kind van deze politieke gemeenschap? En dan kom je bij ‘wij’ en ‘zij’, dan moet je gaan sorteren: die hoort er niet bij want is een migrant, die niet want is niet trots genoeg, die niet want eet te weinig pepernoten.”

Dat is een spel dat je als links niet kan winnen, stelt Kleinpaste: “Waarom gaat nationalisme zo goed samen met liberalisme, conservatisme en rechts-radicalisme? Omdat dat bewegingen zijn die nooit klasse centraal stellen, omdat dat is waar ze verliezen. Zij willen de politieke gemeenschap voorstellen als een geheel: we zijn allemaal Nederlanders. Dus, wij kijken allemaal om naar elkaar, we zijn verbonden met elkaar en hebben het beste met elkaar voor. Dat is in strijd met het idee van klasse. Want het idee van klasse zegt: jouw baas is een klootzak, ondanks dat hij ook een Nederlander is.”

Créolisering

Mélenchon’s republicanisme lijkt die gedachtegang wel te volgen. Hij pleit dan ook veelal voor een inclusieve kijk op de Franse maatschappij; hij gelooft in de ‘créolisering’ van de Franse cultuur, een term bedacht door dichter Martinikaan Édouard Glissant, die het definieert als ‘een mix van culturen die iets nieuws creëert’. Tijdens een campagnebijeenkomst in december 2021 zei Mélenchon: “Wat iemands geslacht, kleur of religie ook is, we zouden van elkaar moeten houden, en dus bundelen we onze smaken en onze culturen. Dat is créolisering: de toekomst van de mensheid.” Dekker zag dat terug bij Nupes: “Ik denk dat hun succes laat zien dat een klassendiscours met ruimte voor vragen over racisme en seksisme goed kan werken.”

Wanted – Klimaatcriminelen: Macron en drie van zijn ministers, omgeven door Nupes-vlaggen
Beeld: CLPRESS / Agence de presse // YouTube

Kleinpaste ziet bij Nederlandse linkse partijen te weinig nadruk op klasse als een integraal begrip. “Nu wordt de arbeider voorgesteld als een witte man van tussen de veertig en vijvenzestig met een slechte rug en een rijtjeshuis en een betonnen voortuin.” Terwijl de arbeidersklasse in Nederland voor een groot deel niet per se wit, oud en man is: “Want die werkt tegenwoordig niet meer zozeer in de haven, maar doet bijvoorbeeld veel zorgwerk. Dat is nu de arbeidersklasse. Maar als je als links geen robuust idee hebt van klasse als een sociaaleconomische categorie, dan raak je de weg kwijt.”

Hoe linkse partijen kunnen gaan dwalen door dat misverstand, ziet Kleinpaste bij de PvdA. “Na de Fortuyn-revolte, en eigenlijk nog steeds wel een beetje, hebben zij een cultureel concept van klasse omarmd dat ze totaal in de knoop heeft gezet. Toen kreeg je uitspraken over Marokkanen die moesten worden vernederd. Er werd gekeken naar de Fortuyn-stemmers en gedacht ‘Dat zijn onze mensen.’ Terwijl, ook dat is niet per se zo.” Boomsma onderstreept dat punt in zijn analyse Links moet eens ophouden zich schuldig te voelen, in Vrij Nederland. Daarin schrijft hij: ‘Nuchtere electorale analyses laten zien dat sociaaldemocratisch links zijn kiezers de afgelopen decennia in overgrote meerderheid verloor aan de groenen, andere linkse partijen en liberale (midden)partijen.’

Onderbuik-emotie

Mélenchon is grote maatjes met de Belgische filosofe Chantal Mouffe. Zij pleit voor een links populisme: linkse politiek moet in haar optiek polariseren en de onderbuik-emotie niet schuwen, of anders volgt ‘de prullenbak van de geschiedenis’. Die polarisatie moet worden ingevuld door enerzijds een volk, anderzijds een elite met dat volk in haar tang. Oftewel, een collectief creëren door middel van een vijandbeeld. Met dat strijdplan in de achterzak, ging Nupes dan ook de verkiezingscampagne in, vertelt Dekker: “Het werd echt een anti-Macron-verhaal. Dat werkte ook wel: zowel de stedelijke Groenen als de Communisten van het platteland, hebben een hekel aan Macron.”

‘Als je succesvolle linkse politiek wilt bedrijven, moet je vooral eerst beginnen met linkse politiek bedrijven.’

Niet alleen Macron is in links Frankrijk de vijand: de EU, het kapitalisme, big business en alles wat als zittende macht kan worden gezien, krijgt het te verduren. Linkse politiek in Frankrijk heeft dan ook een rijke historische voedingsbodem voor zulke antagonistische teksten, aldus journalist en historicus Marijn Kruk. Vanuit Parijs versloeg hij jarenlang de Franse politiek voor onder andere De Groene Amsterdammer, maar hij is sinds kort weer in Amsterdam neergestreken. In zijn kersverse woonkamer, nippend aan een glas gembersiroop, vertelt hij: “In Frankrijk waren de Communisten gewoon de grootste na de Tweede Wereldoorlog.” Zij hielden zo altijd druk op de ketel en bleven het linkse geweten, hoe klein ze ook waren. “Voor linkse partijen bleef er zo altijd de angst de revolutie te verraden. In Nederland is zulk soort intellectuele arbeid er gewoonweg niet.”

Die intellectuele traditie uit zich onder andere in geïnstitutionaliseerde vormen van collectieve organisatie, zoals het Fête de l’Humanité, een jaarlijks festival in Parijs “Er is muziek, stands van alle activistische organisaties en debatten tussen linkse politici. Dat is een voorbeeld van een plek waar enorme linkse uitwisseling is”, vertelt Dekker. Op het gebied van zulke mobilisatie, valt in Nederland veel terrein te winnen, denkt Kleinpaste: “Als je succesvolle linkse politiek wilt bedrijven, moet je vooral eerst beginnen met linkse politiek bedrijven. Dan komt de rest vanzelf. Als je kijkt naar de sympathie voor de stakers op Schiphol en bij de NS, dan is er overduidelijk momentum. Maar, anders dan wat vage berichten van steun, heb ik niet zoveel gezien. Ik zou willen dat Klaver en Kuiken meer in de frontlinie staan, meedoen en die beweging adopteren als onderdeel van hun eigen beweging.”

Debat over groene transitie tijdens Fête de l’Humanité 
Beeld: Thesupermat

Polderen of polariseren

Buiten een fijn ideologisch kader en een traditie van mobilisatie, gaat polariseren in Frankrijk ook gemakkelijk door haar systeem. De Franse semi-presidentiële democratie draait niet zozeer om concessies en compromissen, maar om winnen en daarmee slagkracht verkrijgen. Dat staat in schril contrast met de Nederlandse polderpolitiek. Boomsma: “Die is er een van politieke depolarisatie, dat is de oergedachte van ons systeem, als je te hard polariseert, word je daarop na de verkiezingen afgerekend.”

Voor ideologische uitwassen is dan ook weinig plek, zo werd duidelijk bij de jongerentak van de SP, Rood. Nadat bleek dat een deel van de leden aangesloten was bij het Communistisch Platform, besloot de partijraad tot een breuk en sprak van ‘geradicaliseerde zolderkamercommunisten’. “Dan word je er dus zelfs bij de SP uitgeknikkerd. Want, ook de SP heeft die ambitie om te regeren en Rood bracht dat in gevaar. Nederland heeft een kleine ideologische postzegel waarop je als partij kan bewegen, wil je blijven meedoen.”

De zucht naar de vrije markt is in Nederland tot ver in de kieren van het politieke spectrum doorgedrongen.

Maar, kan juist zo’n politieke cultuur niet perfect dienen als vijandbeeld? Het vrijemarktdenken heeft hard huisgehouden in Nederland, juist omdat het zo aansloot bij een politieke cultuur van gedepolitiseerde zakelijkheid, zo toont het boek van historicus Bram Mellink en socioloog Merijn Oudenampsen Neoliberalisme: een Nederlandse geschiedenis. Daarin wordt beschreven hoe het sterke Nederlandse ambtenarenapparaat sinds de jaren vijftig flink beïnvloed raakte door neoliberaal denken. “Dat laat met veel kracht zien dat het neoliberalisme de zuurstof is die dagelijks in- en uitgeademd wordt binnen sommige belangrijke ministeries”, aldus Kleinpaste.

Oftewel, een uitgelezen kans voor linkse politici: “Nederlandse linkse partijen zijn, in de meeste gevallen, nog erg gericht op meebesturen en betrouwbaar lijken. Ze zeggen liever niet hard dat er, ook op de ministeries, mensen aan de knoppen zitten die, zoals iemand als Chantal Mouffe zou zeggen, de tegenstander of de ‘vijand’ zijn. Dat is taboe. Maar ik vind dat linkse partijen zichzelf meer als echte oppositiepartij moeten gaan zien, wat betekent: breken met die neiging tot overkomen als de welgemanierde en inschikkelijke partner die hoopt door de andere partijen gekozen te worden om mee te dansen. Ik denk dat linkse partijen veel meer Den Haag als vijand moeten identificeren.”

Scheppende politiek

De zucht naar de vrije markt mag in Nederland dan doorgedrongen zijn tot ver in de kieren van het politieke spectrum, of iedereen zich daar wat van aantrekt is een tweede. Boomsma ziet een nieuwe generatie loskomen: “De jaren negentig waren politiek saai, maar dat ligt in het verleden. Wat daarvoor in de plaats is gekomen, is in ieder geval niet rustig en kalm. De nieuwe generatie, Gen Z, heeft geen herinnering aan die tijd van politieke kalmte. De leden van die generatie groeiden en groeien op in een tijd van turbulentie en herideologisering. Daarom zijn ze politiek ook vocaler. En hebben ze een grotere behoefte om te breken met oude vormen van politiek, zo’n beetje vanuit een gevoel van: ‘Wij hebben daar niet aan meegedaan.’”

Zo’n nieuwe, jeugdige energie biedt toch kansen. Zo ziet Kleinpaste het ook: “Er is enorm veel onvrede vanuit de samenleving. Je ziet jonge mensen zeggen ‘Kapitalisme is het probleem.’ Alleen al dat dat woord, kapitalisme, weer circuleert, wat een geweldige tijd! Als je daar op links niet op kan kapitaliseren, dan heb je het laten liggen.”

Een nieuwe generatie lijkt klaar voor fundamentele, scheppende politiek. Als Frankrijk als blauwdruk mag dienen, is het strijdplan simpel: radicaliseer en mobiliseer jezelf, kijk wat Frans temperament af en polariseer de boel een beetje. Veel valt er niet te verliezen.

Met medewerking van Rens van der Beek


STEUN NIEUW JOURNALISTIEK TALENT

Red Pers werd vijf jaar geleden opgezet door vier jonge en ambitieuze studenten en is inmiddels uitgegroeid tot een landelijk opleidingsplatform. Het is dé springplank naar een journalistieke carrière.

Wil je ons helpen het medialandschap te vernieuwen door jonge journalisten een stem te geven? Doneer dan nu een flinke kan koffie (€ 5,-), één maandje Zoomen (€ 15,-) of een ander bedrag. Bedankt!


mm