Digitale transitie bij de politie: tegen beter weten in of meesterzet?

Unsplash / Scott Rodgerson Unsplash / Scott Rodgerson

Digitalisering moet de politie extra slagkracht en ademruimte geven. Zo wordt artificiële intelligentie steeds vaker ingezet bij onopgeloste zaken en wordt er zelfs geëxperimenteerd met robothonden. Hoe verloopt die transitie? En, wegen de voordelen voor de politie op tegen de gevaren voor burgers?

De technologisering van ons politieapparaat is in opmars en dat wordt opgemerkt; het nieuws dat de Nederlandse politie artificiële intelligentie (AI) inzet bij politiezaken haalde wereldwijd de voorpagina’s. Onder andere Australische media publiceerde over de Nederlandse politie die een deepfake video inzette om getuigen in de zaak van de gedode Sedar Soares (13) te vinden. Sedar werd in 2003 doodgeschoten net buiten een metrostation in Rotterdam. Er kwam weinig voortgang in de zaak, de politie vroeg er op deze manier aandacht voor.

En dat lukte: na miljoenen weergaven kreeg de politie tientallen tips binnen. Het doel van de politie is om deze software breed in te zetten, variërend van winkeldiefstallen tot onopgeloste zaken, oftewel cold cases. Maar, daar blijft het niet bij, ook robotica en machine learning zijn goed op weg om steeds meer politiezaken te ondersteunen.  

Digitaliseren als prioriteit

Het AI-gedreven screeningssysteem van Jeroen Hammer is daar een voorbeeld van. Jeroen is één van de architecten van het systeem, gebaseerd op Machine Learning. Het programma moet ervoor moet zorgen dat de zaken die de grootste kans hebben om nog opgelost te worden, worden voorgesteld aan de rechercheurs. Hammer legde The Next Web – een website gefocust op nieuwe technologieën en Europese startups – het volgende uit: “Het doel is dat de AI cold cases kan lezen die momenteel gedigitaliseerd zijn om vervolgens te beslissen welke genoeg bewijs bevatten om een zaak op te lossen.”

Maar, om een screening uit te kunnen voeren, moeten de documenten wel gedigitaliseerd zijn. Dat is nog niet voor elke zaak het geval. Zeker bij cold cases kan dit voor problemen zorgen; de documenten die horen bij de wat oudere zaken, worden vaak nog bewaard in de vorm van papieren dossiers. Zo bleek uit onderzoek van de NOS dat slechts 15 procent van de openstaande dossiers gedigitaliseerd is. Er zijn in totaal tussen de 25 en 30 miljoen papieren documenten die informatie bevatten over onopgeloste zaken, waarvan er omgerekend dus nog geen viermiljoen documenten in de systemen staan.

Die dossiers kunnen niet door een computer geanalyseerd worden. Forensisch rechercheurs maken nu handmatig en per onopgeloste zaak een sporenbeeld, wat gemiddeld twee weken per zaak duurt. Een computer kan dit veel sneller, maar dan moeten de papieren wel in de systemen staan.

Robots en beeldvorming

Naast AI experimenteert de politie ook met robotica, zoals de hulprobothond Spot die al eens ingezet bij onderzoek in een drugslab in Brabant. In 2020 werden er maar liefst 82 Kamervragen gesteld over het gebruik van robotica bij de politie. Toenmalig minister van Justitie en Veiligheid Ferd Grapperhaus stelde destijds vastbesloten dat er geen sprake is van het vervangen van politieagenten door AI of robots.

‘Het kan gevaarlijke situaties voor politiemensen een stuk veiliger maken en kan op de werkvloer een positieve impact hebben.’

“De ontwikkelingen rondom de ondersteuning van robots bevinden zich nog in een vroeg stadium”, zo vertelt Edwin Dertien. Edwin is onderzoeker aan de Universiteit Twente voor het Creative Technology Programma en gespecialiseerd in robotica.  Omdat de ontwikkelingen nog in de kinderschoenen staan, kan hij niet veel vertellen over de intrede van robots bij de politie. “De beeldvorming over dit soort onderwerpen is heel snel gemaakt en is ook snel in staat om de hele boel te verprutsen”, onderstelt Edwin. “Op het moment dat je een foto van een agent met een robothond aan een draad in de krant zet, gaan overal alle alarmbellen af. Dat kan in de weg staan van de goede dingen die robotica kunnen brengen. Het potentieel rondom robotica en andere technologieën is namelijk enorm. Het kan gevaarlijke situaties voor politiemensen een stuk veiliger maken en kan op de werkvloer een positieve impact hebben.”

Efficiëntie hoog in het vaandel

Naast robots en kunstmatige intelligentie, zet de politie ook online chatbots in. Dit experiment startte in 2019 met chatbot Wout en is nu doorgezet in de vorm van een online keuzehulp genaamd Steffie. Zij kan helpen bij meldingen van bijvoorbeeld internetoplichting of juist de algemene vragen. Heb je vragen over handige telefoonnummers binnen de politie? Of wil je meer weten over slachtofferrechten? Wat moet je doen als je slachtoffer bent van een strafbaar feit? Steffie heeft antwoord op al dit soort vragen.

Een andere manier om het politiewerk efficiënter te maken is een speech-to-tekst-tool; ook wel bekend als transcriptie. Deze kan de administratieve druk op agenten verlichten. Als agenten zo bijvoorbeeld een geluidsopname hebben van een verhoor, uploaden ze die in de tool. De agent hoeft niet mee te typen, want de computer genereert veel sneller een tekstbestand met inhoud van alles wat gezegd is.

Valkuilen

Niet alle reacties zijn even positief. Zo vindt het Europees Parlement (EP) dat er grote risico’s kleven aan het gebruik van AI bij politiezaken. In een publicatie van oktober 2021 stelde het EP dat AI-toepassingen een onjuist beeld kunnen schetsen en in sommige gevallen zelfs discrimineren. Deze vorm van discriminatie vindt vooral plaats bij LHBTI’ers, mensen op leeftijd, etnische minderheden en vrouwen. Het Europees Parlement eist daarom dat er beter gecontroleerd wordt. Om dat te kunnen garanderen wil een overgrote meerderheid van het Parlement dat er menselijk toezicht komt.

Maar heeft dat wel zin? Volgens Jarno Duursma, expert en trendwatcher op gebied van digitale technologie, is meer menselijk toezicht slechts een druppel op een gloeiende plaat. “De Europese Commissie is zelf bezig met het ontwikkelen van een digitale valuta waarmee ze financiële transacties in de gaten kunnen houden. Dat spreekt elkaar tegen.”

‘Als je mij vraagt of ik er enthousiast over ben, zeg ik nee.’

“Wat je nu ziet is dat de politie steeds meer gebruik maakt van AI. Hierdoor zou technologie een surveillancestaat kunnen faciliteren”, zo vertelt Jarno. “Ik vind het niet bepaald geruststellend dat de overheid en de politie data gaan gebruiken om hun eigen burgers in de gaten te houden. Sommigen zullen denken dat het hypothetisch is, maar dit zijn de feiten. Als je mij vraagt of ik er enthousiast over ben, zeg ik nee.”

De leden van het Europees Parlement pleiten uit respect voor de menselijke waardigheid voor een verbod op autoherkenning van individuen in openbare ruimten. Tegenwoordig word je bijna overal gefilmd, want op veel plekken hangen camera’s: denk aan op het station en in de bus, in de supermarkt, de winkelstraten en zelfs in hotelkamers. Het verbod houdt dus in dat de politie deze beelden uitsluitend mag bekijken als er een aanleiding voor is, bijvoorbeeld wanneer iemand wordt verdacht van een misdrijf.

AI-screeningssystemen, robothonden en onlinekeuzehulp kunnen de politie zeker wat kopzorgen wegnemen, in hoeverre dat resulteert in een dystopische surveillancestaat moet de toekomst ons gaan duidelijk maken.

Met medewerking van Yannick van der Heijden


STEUN NIEUW JOURNALISTIEK TALENT

Red Pers werd vijf jaar geleden opgezet door vier jonge en ambitieuze studenten en is inmiddels uitgegroeid tot een landelijk opleidingsplatform. Het is dé springplank naar een journalistieke carrière.

Wil je ons helpen het medialandschap te vernieuwen door jonge journalisten een stem te geven? Doneer dan nu een flinke kan koffie (€ 5,-), één maandje Zoomen (€ 15,-) of een ander bedrag. Bedankt!