Terrasverhalen #5 Gesmolten ijsklontjes

Illustratie: Yara dos Santos Carvalhal

Net als de rest van jong Nederland maakt de Red Persredactie deze zomer weer overuren op het terras. Fluitjes, frietjes, flirten: in de kroeg kruipt het leven langzaam voorbij. In terrasverhalen schrijft de redactie over bijzondere ontmoetingen, gekke gebeurtenissen en awkward aanvaringen. Deze week het vijfde deel bij Caffènation.

Het is twee dagen voor die onvergetelijke verzengende dinsdaghitte, en ik zit al transpirerend in Caffènation, een artsy koffiezaakje onder mij.

“Ik ben vijf supermarkten langsgegaan, maar nergens zijn er ijsklontjes te vinden. Ik kan wel ijskoffie voor je maken, maar alleen zonder ijs, óf je moet je eigen ijsklonten meenemen,” zegt de barista ongeveinsd. Haar vrolijke roze krullen deinen mee met de saxofoonmuziek van Fela Kuti. Ze draagt paarse Adidassneakers en een zwarte Nike sportbeha met daarover een spijkeroverall. 

“Ik ga even naar buiten om te roken, maar denk er maar even over na en dan kom ik zo terug,” zegt ze rustig terwijl ze een sigaretje achter haar oor steekt. 

Ik probeer me te concentreren op mijn werkverplichtingen. Die zou ik in een mum van tijd kunnen afronden, maar ik merk dat mijn gedachten alle kanten op gaan. Zo trekt een kleurrijke sombrero mijn aandacht, die als een schilderijtje vastgetimmerd is aan de muur.

Tegelijkertijd maakt een collega van ‘de stoere barista met het roze kapsel’ haar entree. 

“Krankzinnig is het hè. Dan denk je iemand al zó lang te kennen, en dan zit de vork toch anders in de steel,” zegt de zongebruinde collega. “Ik woon al tien jaar samen met mijn huisgenoot, maar na zes weken reizen door Mexico heb ik weer zo’n andere kant van haar gezien.” 

“Ze kon bijvoorbeeld pas slapen als alles netjes in haar rugzak zat, en keerde altijd haar rug naar me toe als ze ging slapen. Vrij ongezellig.”

“Ik merk dat ik nog een beetje ratel, ik zit nog in zo’n vakantieroes. Het voelt letterlijk nog of ik met mijn rugzak door Oaxaca City loop. Can’t believe I’m back.” 

‘Annetta, wil jij HAVER of SPROUD?’

Ik bekijk de salsa sombrero nog eens en waan me even in Mexico. Sinds ik klein ben droom ik er al van om daarheen te gaan. Alleen al voor de tinga taco’s, om Shakira’s champeta na te dansen en om meer te weten te komen over Frida Kahlo. Ik begin steeds meer zin te krijgen in een koud witbiertje. Het is inmiddels kwart voor vier.

“Jullie hebben geen sojamelk meer???” hoor ik een klant roepen. “I can’t keep up with the fashion of milk alternatives. Wat kan ik wel krijgen? “

“Even kijken, zegt de rozeharige barista terwijl ze de koelkast opentrekt.” We hebben nog havermelk of sproud. Dat laatste smaakt eigenlijk net als koemelk, vrij neutraal dus, maar is gemaakt van het eiwit van gele spliterwten. Het komt uit Zweden.”

“Nou, doe maar sproud,” zegt de klant. Ze huppelt naar de ingang van Caffènation en blèrt: “Annetta, wil jij HAVER of SPROUD?”

Een vrouw op de elektrische bakfiets, waarin drie ijsjes likkende dochters druk met elkaar in gesprek zijn, trekt de bak richting de ingang. “Wat is het gezellig hier, Evelien. Misschien kunnen we even zitten? Dat lijkt me nou zó lekker rustig. Doe maar een colaatje erbij. Deze warmte, ik houd het écht niet meer.’’

Een oudere vrouw van ongeveer zestig zit naast de ingang de kranten door te nemen. Ze is in gesprek met Mexico-barista, die haar dochter blijkt te zijn. Ze lijken sprekend op elkaar: vrank, opgewekt en in het zwart gekleed.

“Hard werken is het hier meissie, ik doe het je niet na. Ik hoop dat je een beetje hebt kunnen ontspannen op je vakantie,” zegt ze terwijl ze haar vinger likt om de volgende bladzijde van Het Parool om te draaien. “Ik lees dat dinsdag de heetste 19 juli ooit wordt. Het zal wel net Mexico worden, joh.”

Een derde collega heeft zich bij het powerduo gevoegd. Ze heeft grijs haar, draagt een met bloemetjes versierde paarse jurk en kijkt al afwassend de Tour de France. Ik vind haar ook al stoer. 

Als ik uit het raam staar zie ik een opblaasbare banaan, watermeloen en aardbei zich voortbewegen door de Warmondstraat. Ik kijk er even verbaasd naar, maar zie dan pas een drietal benen die de opblaasaccessoires dragen. Ze lijken richting de Westlandgracht te lopen, die de grens vormt tussen Nieuw-West en Zuid. Er is zoveel te ontdekken in een buurtje dat nog niet je eigen is. Ik ben namelijk net verhuisd, nog geen drie weken geleden.

De bakfietsmoeders zijn weg, de vrouw van zestig staat nog te popelen om na te borrelen

Ik zak weer in de comfortabele bank en zet mijn oververhitte laptop terug op mijn schoot. De muziek in Caffènation is overgegaan naar Could You Be Loved? van Bob Marley & The Wailers. Ik denk aan de documentaire Marley die ik laatst heb gezien, en het feit dat hij zoveel meer mooie muziek had kunnen maken als hij de kwaadaardige tumor onder zijn teen had verwijderd. Don’t let them change ya, oh. Ik zet wat van Kaytranada op om de gedachten te sussen. 

We zijn een uurtje verder als de coole barista me op mijn schouder tikt. “We sluiten zo, ik doe het laatste rondje.” Buiten worden de houten klapstoelen al dichtgeklapt. Ik ruik vanuit het cafeetje het kruidige cannabisaroma van een passant. 

De bakfietsmoeders zijn weg, de vrouw van zestig staat nog te popelen om na te borrelen. De colaatjes worden al uit de koelkast gehaald, en ik voel dat het tijd wordt om weer te wijde wereld in te trekken. 

Het mag dan een ijsklontloze dag zijn geweest in Caffènation, het buurtcafé was allesbehalve onbewogen. Het was een zondag waarop iedereen alvast warmliep voor de verzengende dinsdaghitte van 19 juli.

Met medewerking van Daan Stoop.


Steun ons!
Vond je dit een goede productie en wil je hier meer van zien? Steun deze redacteur met een kleine donatie voor een kop koffie (€ 2,50), een redactievergadering (€ 12,50) of een ander bedrag!

Jacobien van der Kleij