De lat mag best hoger

Caspar van de Poel

Het niveau van praatprogramma’s op de Nederlandse televisie leidt tot veel onvrede. Hoe komt het dat de kwaliteit zo laag is?

De Nederlandse talkshow is een fascinerend iets. Een ware zeldzaamheid. Er zijn weinig fenomenen die tegengestelden weet te verenigen zoals de talkshow dit doet. Niet omdat Hollandse praatprogramma’s daadwerkelijk bruggen bouwen of kloven dichten, maar omdat nagenoeg iedere maatschappelijke groep er eensgezind over is: het kan beter – om maar niet te chargeren. Op sociale media gaat bijna dagelijks wel de line-up van een inwisselbare talkshow rondt, waarbij de aanwezige gasten en redactionele keuzes al vooraf worden geridiculiseerd.

Het lullige is dat die klaagzang vaak in ieder geval deels gefundeerd is. Neem de nieuwbakken talkshow RENZE van Renze Klamer. Klamer wil ‘zijn eigen stempel drukken’, zei hij onlangs tegen RTL Boulevard. Hij hoopt dat kijkers over een aantal weken denken bij bepaalde items en onderwerpen ‘oh, maar dat is écht RENZE’. Ondertussen presenteert Klamer vanuit dezelfde studio als Beau, Jinek en Humberto en bedient het programma zich al sinds week één van gasten uit de beruchte talkshowcarrousel, zoals agrolobbyist Henk Bleker, willekeurige boze boeren en televisieduider des vaderlands Angela de Jong.

Maar hetgeen waar ik mij nog het meest aan stoor heeft betrekking op primetimetelevisie in het algemeen: de lat lijkt alsmaar lager te worden gelegd.


Natuurlijk was het slechts ijdele hoop. Niemand verwachtte daadwerkelijk dat RENZE een revolutie in het praatprogramma-universum zou ontketenen. Het probleem is dat kijkcijfers leidend zijn voor televisieprogramma’s, zeker bij commerciële omroepen. In de basis is dat best logisch: kijkt er niemand naar jouw mediaproductie, dan lijkt het een vanzelfsprekende indicator dat er wat aan schort. Maar het leidt ook tot inertie bij talkshowredacties. Iets nieuws proberen is een risico, want zou het volk dat wel waarderen? Met conformeren, de beproefde receptuur, haal je doorgaans genoeg kijkers om niet onmiddellijk door een nukkige omroepbaas opgedoekt te worden.

Dat gebrek aan lef frustreert. Het lijkt regelmatig alsof talkshowproducenten Promenade keken en dachten: zo gaan we het doen. Met ongemakkelijke presentatoren die net niet kritisch zijn, egomane tafelgasten die uitsluitend zichzelf vertegenwoordigen en het gemak waarmee licht en zwaar nieuws geregeld als evenknie van elkaar worden gebracht. Maar hetgeen waar ik mij nog het meest aan stoor heeft betrekking op primetimetelevisie in het algemeen: de lat lijkt alsmaar lager te worden gelegd. Het is een destructieve limbodans waarbij je telkens verbaasd bent dat een programma zich op een of andere manier nog onder de stok door weet te wurmen. 

Het is een gênante redenering waarmee wordt gezegd dat mensen die de pensioengerechtigde leeftijd nog niet hebben bereikt te paaien zijn met hol amusement.

Mijn twee favoriete voorbeelden hiervan zijn wijlen Showcolade (Omroep Max) en Think Inside The Box (SBS6). In Showcolade, gepresenteerd door Edsilia Rombley, moesten twee teams raden welke voorwerpen in de studio van chocolade zijn gemaakt. In Think Inside The Box, gepresenteerd door Richard Groenendijk, moesten BN’ers raden wie of wat er in een levensgrote doos zit. Beide werden voortijdig gecanceld. Omroep Max-baas Jan Slagter gaf toe dat het format van Showcolade bij nader inzien ‘te mager’ was.

Het feit dat dergelijke televisieprogramma’s überhaupt het levenslicht zien is – zeker in het geval van Showcolade – ook emblematisch voor hoe zenderbazen over jonge doelgroepen denken. Volgens NPO-directeur Frans Klein is verjongen bij de publieke omroep nodig. Vorig jaar gaf hij te kennen dat de NPO in transitie is, waarbij educatieve, informatieve en journalistieke programma’s plaatsmaken voor amusement. Het is een gênante redenering waarmee wordt gezegd dat mensen die de pensioengerechtigde leeftijd nog niet hebben bereikt te paaien zijn met hol amusement. Een dergelijke mentaliteit leidt onvermijdelijk tot meer Showcolade-eske debacles.

Als je een jonge doelgroep wilt aanspreken kom je niet weg met halfbakken formats of eindeloze praatprogramma’s die niet van elkaar te onderscheiden zijn. Zonder verandering, originaliteit en durf is die doelgroep spoedig voor goed weg, verloren aan het internet en streamingservices. Die lat der televisiekwaliteit, die moet omhoog en flink ook.

Wat zou ik, als doelgroep van de toekomst, graag zien? Ja kwaliteitstelevisie dus, die idealiter niet gericht is op 65-plussers. En desnoods meer televisieprogramma’s die televisie persifleren, zoals Media Inside, Plakshot en Promenade. Opdat het misschien eens doordringt in Hilversum.


STEUN NIEUW JOURNALISTIEK TALENT

Red Pers werd vijf jaar geleden opgezet door vier jonge en ambitieuze studenten en is inmiddels uitgegroeid tot een landelijk opleidingsplatform. Het is dé springplank naar een journalistieke carrière.

Wil je ons helpen het medialandschap te vernieuwen door jonge journalisten een stem te geven? Doneer dan nu een flinke kan koffie (€ 5,-), één maandje Zoomen (€ 15,-) of een ander bedrag. Bedankt!


Latest posts by Caspar van de Poel (see all)