Hoe de ‘echte vluchteling’ ontstaat

Beeld: Marie van der Donk

Sinds de oorlog in Oekraïne uitbrak, is een vluchtelingenstroom van meer dan 4 miljoen mensen op de been gebracht. Een deel van hen is ook in Nederland neergestreken. De VVD noemde ze ‘echte vluchtelingen’, voor wie we genoeg ruimte moeten creëren. Maar wat is eigenlijk een ‘echte vluchteling’ en waar komt dat idee vandaan?

Trevor Noah, Zuid-Afrikaans cabaretier en presentator, stelde in een reactie op de situatie in Oekraïne dat iedereen een vluchteling kan zijn. Het is immers niet iets dat je bent, maar iets wat je overkomt. Toch staat het stereotype van een vluchteling volgens Noah al gauw een synoniem voor een persoon van kleur. Dat huidskleur ook een rol speelde bij de evacuatie van mensen uit Oekraïne, bleek ook toen Afrikaanse studenten aan de grens met Polen moesten wachten totdat de witte Oekraïners eerst waren overgestoken.

Politiek van medelijden

Er lijkt in Westerse landen een specifiek idee te bestaan van wie ‘de vluchteling’ is: waar deze persoon vandaan komt, hoe hij of zij eruitziet, en hoe diegene zich gedraagt. Dat vertelt Mariia Shaidrova, promovendus bij het Centrum voor Afrikaanse Studies van Tilburg University: “Het ideale beeld van een vluchteling is een arm iemand die op een bepaalde manier hulpbehoevend lijkt.”

Ze legt een veelvoorkomende misvatting uit over de mensen die als vluchteling aangemerkt worden. Een oorlogsvluchteling heeft het normale leven van de ene op de andere dag moeten laten vallen. Dus ook diens baan, huis en geld. “Dat normale leven hoeft helemaal niet arm of slecht te zijn geweest. Syrische vluchtelingen maakten in de migratiecrisis in 2015 een hoop selfies en droegen dezelfde kleding als wij. Daardoor leken ze minder hulpbehoevend en dus waren het ‘geen echte vluchtelingen’.” Hetzelfde geldt volgens Shaidrova voor mensen die veel veerkracht of motivatie tonen om aan de slag te gaan. Zo iemand wordt al gauw niet meer als vluchteling gezien, want diegene kan zichzelf toch wel redden?

Het ideale slachtoffer

Het stereotype van de vluchteling komt voort uit Nils Christie’s theorie van het ideale slachtoffer. Sommige mensen in een conflict krijgen eerder een slachtofferstatus dan anderen. De ‘ideale’ persoon is zwak, afhankelijk – hoe afhankelijker iemand is, hoe minder diegene een dreiging vormt – en grotesk. Dat laatste wordt vaak gelinkt aan fysieke verminkingen, waaraan je kan zien dat iemand slachtoffer is van een conflict. Maar ook huidskleur is vaak bepalend voor het ‘ideale’ slachtoffer.

Je kunt er gif op innemen dat het beeld van zwarte mannen in boten op de Middellandse Zee werd gebruikt om een dreigingsframe neer te zetten

Marlou Schrover, migratiehistoricus aan de Universiteit Leiden, vertelt dat de media het beeld van de ‘ideale vluchteling’ in stand houden. “Het beeld van zwarte mannen in boten op de Middellandse Zee is redelijk recent. Je kunt er gif op innemen dat het werd gebruikt om een dreigingsframe neer te zetten. Als je wil zeggen dat gevluchte mensen een risico lopen, dan laat je een vrouw of kind zien. Als je wil zeggen dat gevluchte mensen een risico zijn, dan laat je een boot vol zwarte mannen zien.” Vooral het beeld van heel veel alleenstaande mannen van kleur wordt volgens Schrover gebruikt om het gevaar van een migratiestroom te benadrukken.

Dit beeld is duidelijk versterkt rond 2015, toen veel vluchtelingen de oversteek naar Europa waagden. Talloze mensen verdronken in zee. Maar er zijn meer voorbeelden: “In ’93 en ’94 kwamen veel Joegoslavische vluchtelingen naar Nederland. Dat waren witte mensen, maar ook toen bestond er veel angst en twijfel. Vooral de twijfel over of het wel ‘echte vluchtelingen’ waren,” zegt Schrover.

Medelijden boven huidskleur

Volgens Shaidrova is het vooral de hulpbehoevendheid die iemand in de ogen van een ander een vluchteling maakt. “Je ziet simpelweg de mensen die voldoen aan het ideale slachtofferbeeld, en die wil je uiteindelijk helpen. Dat overstijgt de huidskleur van vluchtelingen.”

Altijd hangt de vraag rond: wie verstopt zich onder de vluchtelingen?

Schrover ziet overigens ook dat we aan collectief geheugenverlies lijden: “Er was tijdens de migratiecrisis in 2015 heel veel steun voor de Syriërs. Net als daarvoor voor de Joegoslaven. Maar met grote regelmaat zie je dat er gaandeweg twijfel ontstaat over de waarachtige vluchteling. Dat is bij elke groep mensen die vlucht van oorlog.” Een xenofobische houding is dan ook volgens haar van alle tijden en kleuren: “Altijd hangt de vraag rond: wie verstopt zich onder de vluchtelingen? In de jaren vijftig zouden er met de Hongaarse vluchtelingenstroom communisten meekomen, nu zijn we bang dat er terroristen tussen zitten.”

Steeds minder hulp nodig

Naarmate een groep vluchtelingen langer in Nederland is, voldoen ze steeds minder aan het ideale slachtofferbeeld. Mensen die vluchteling zijn, gaan zich immers ook ontwikkelen. Nieuwkomers leren bijvoorbeeld de taal, wat hun hulpbehoevendheid volgens Shaidrova in de ogen van anderen vermindert. “Migranten die de taal in eerste instantie al spreken, zijn sowieso een stuk veerkrachtiger dan mensen die dat nog moeten leren.” Dit zorgt ervoor dat mensen die vluchteling zijn zichzelf beter kunnen redden, maar tegelijkertijd ook minder worden gewaardeerd door de gemeenschap waarin ze terechtkomen.

Aziz Rajab, zelf als vluchteling uit Syrië in Nederland aangekomen in 2016, vertelt dat de taal leren hem juist enorm hielp om minder als ‘arme vluchteling’ te worden gezien. “In de eerste vier jaar kreeg ik het idee dat mensen dachten dat ik arm was, en niet opgeleid. Nu is dat een stuk minder omdat ik het Nederlands heel goed beheers.” Hoewel dat positief is voor nieuwkomers, zorgen ontwikkeling en tijd er dus ook voor dat over het migratiemotief steeds sterker wordt betwijfeld. Schrover: “Mensen gaan zich op een gegeven moment altijd afvragen waarom tijdelijke migranten er eigenlijk nog zijn. Dat zal bij de Oekraïners niet anders zijn.”

Met medewerking van Jan Tourkov


Steun ons!
Vond je dit een goede productie en wil je hier meer van zien? Steun deze redacteur met een kleine donatie voor een kop koffie (€ 2,50), een redactievergadering (€ 12,50) of een ander bedrag!