GR2022: voor (bijna) ieder wat wils

Beeld: Sophie Neuvel

Veel stof deed de campagne voor de gemeenteraadsverkiezingen niet opwaaien. Een krappe helft van het electoraat wist de weg naar het stemhokje te vinden. Welke betekenisvolle conclusies kunnen we trekken uit verkiezingen die nooit echt van de grond kwamen?

Het lijkt een terugkerend fenomeen te worden. Enerzijds wordt de kiezer tijdens de campagne ingepeperd met de urgentie van de aanstaande stembusgang. Het is nu of nooit, geen tijd te verspillen. Je zou verwachten dat dit zich, zeker in ons gepolariseerde politieke klimaat, vertaalt naar een levendige campagne, waarin politieke tegenstellingen duidelijk naar voren komen.

Maar anderzijds wordt ook nu weer geconstateerd dat de campagne voor de verkiezingen stilletjes voorbijvloog, net als die voor de Tweede Kamerverkiezingen van vorig jaar. Toen was het corona, nu is het Oekraïne die de aandacht afleidt. Hoe kan het dat thema’s die zo veel politieke vragen oproepen en publieke beroering veroorzaken ervoor zorgen dat een politieke campagne nooit echt politiek wordt? Die vraag zou een zorg voor later blijken.

Nationale partijen: blij

Het was een wonderlijke gewaarwording op verkiezingsavond. Alle nationale politieke partijen waren druk bezig om voor de camera’s de krenten uit de pap te halen. Als je niet zou weten dat er een eindig aantal zetels is, kreeg je als kijker bijna het idee dat iedereen gewonnen had. Verkiezingen toch opeens niet als zero-sum game?

Het CDA deed het beter dan verwacht (even voorbijgaand aan het feit dat diezelfde verwachtingen nogal laaggespannen waren), terwijl over de gehele linie toch verliezen werden geleden en de partij ook gevoelige nederlagen moest incasseren, zoals een halvering in haar bolwerk Tubbergen.

De VVD had dan juist weer te vieren dat ze procentueel gezien de meeste stemmen behaalde van de nationale partijen, in weerwil van ook haar verlies in absolute zetelaantallen. En terwijl een uitbundige PvdA-leider Ploumen op het verkiezingsfeestje van Marjolein Moorman in Amsterdam sprak over een rood kleurend Nederland, bleef de zetelwinst voor haar partij in de rest van het land wonderwel achter bij die voorspelling.   

Van de kleinere partijen was het Baudet die toch blij was dat Forum voor Democratie op de meeste plekken waar ze meedongen om de prijzen een voet tussen de deur hadden gekregen (maar dan weer niet op Urk bijvoorbeeld). Je zou bijna vergeten dat zijn partij bij de vorige Provinciale Statenverkiezingen de grootste werd. Bij Volt waren ze de affaire-Gündogan weer even vergeten toen ze op allerlei plekken in het land als (kleine) paddenstoelen uit de grond sprongen, hoewel men voor de lijken uit de kast vielen alleszins hoopte op meer.

Zelfs bij de SP, die meer dan honderd raadszetels verloor, waren er ook wat lichtpuntjes te bespeuren

Zelfs bij de SP, die meer dan honderd raadszetels verloor, hoorde je Marijnissen zeggen dat er ook wat lichtpuntjes te bespeuren waren – waarvan er één ongetwijfeld was dat in de nasleep van de interne strubbelingen de lokale afsplitsingen in onder meer Utrecht, Rotterdam en Amsterdam geen voet aan de grond wisten te krijgen.

Zo hoorden de toeschouwers veel variaties van wat een mantra van nationale partijen bleek: hier en daar goed, hier en daar gelijk gebleven, en hier en daar verloren. Terwijl de uitslagen binnendruppelden, haasten politicologen zich dan ook te zeggen dat de gemeenteraadsverkiezingen zich in een meerpartijenstelsel als de onze zich niet zomaar landelijk laten interpreteren.

Lokale partijen: óók blij

Voor lokale lijsttrekkers bleek het lastiger om zich te beroepen op het grotere plaatje. Voor een lokale partij als het Zwolse Swollwacht is het toch lastiger om hun grote verlies te verbloemen met de winst van bijvoorbeeld Lokaal Peel en Maas in de gelijknamige Limburgse gemeente.

Bij de NOS zaten de politiek analisten mede naar aanleiding van het voorlopige resultaat in Zwolle te steggelen over de opmars van de lokale partijen. Was deze enigszins tot een halt gekomen na gestage uitbreiding van de afgelopen 20 jaar?

In hun pogingen om de Amerikanisering van de Nederlandse politiek voort te zetten hoorde de kijker de analisten vaak spreken over het uitblijven van een landslide in de verkiezingsresultaten. Dat was overigens buiten de monsterzege van lokale partij EVB in Barendrecht gerekend, die tot haar grote tevredenheid zich beloond zag worden met een absolute meerderheid van 20 van de 29 zetels.

In hoeverre mogen uitslagenkaarten zoals die van Amerikaanse presidenten van weleer verwacht worden in dit versplinterde politieke landschap?

Het is natuurlijk überhaupt maar de vraag in hoeverre in dit versplinterde politieke landschap uitslagenkaarten zoals die van Amerikaanse presidenten van weleer verwacht mogen worden. Toen in de ochtend de stofwolken opgetrokken waren en er meer duidelijk was over de definitieve uitslagen, bleken de lokale partijen niettemin tezamen juist zo’n 7 procentpunt erbij te hebben gekregen – een grotere winst dan tijdens het ‘doorbraakjaar’ van 2002.

Je zou het bijna vergeten in dat lokale geweld, maar zelfs de BBB, die officieel niet meedeed aan de verkiezingen, had wat te vieren. De meeste van de lokale partijen die zich als BoerBurgerBondgenoten aan de partij hadden verbonden wisten (grote) winst te boeken. Op Twitter keek Caroline van der Plas al verwachtingsvol uit naar de Provinciale Statenverkiezingen van 2023.

Niet-stemmers: niet blij

Zo was er dus voor ieder wat wils. Althans, voor de politieke partijen zelf. Voor krap de helft van het electoraat was dat namelijk niet het geval: zij bleven thuis. Met een opkomst van 50.9 procent werd een nieuw dieptepunt bereikt. Stemlokalen toegankelijk voor tractoren, kandidaten die hamerden op het belang om langs de deuren te gaan, gelikte instagramsliders en megalomane campagnevideo’s – het mocht allemaal niet baten.

Zoekend naar verklaringen kwam de parlementaire journalistiek al snel uit op het geliefde stokpaardje van vertrouwen in de politiek, of beter gezegd: het gebrek daaraan. De opkomstpercentages pasten wat dat betreft naadloos in het verhaal van een structureel dalende trend in het politieke vertrouwen, ofschoon daar in werkelijkheid eigenlijk geen sprake van is.

En hoewel een ad-hoc laag vertrouwen een van de grootste redenen bleek te zijn voor niet-stemmers om thuis te blijven, had een andere overweging tegelijkertijd de overhand. Men wist niet op welke partij ze moesten stemmen.

Volgens bestuurskundigen Paul Frissen en Martin Schulz biedt de grote keuze een kans op betere representativiteit van het lokale bestuur. Maar als een substantieel deel van de thuisblijvers de grote keuze eerder als last dan als verrijking beschouwd, zou dat toch te denken moeten geven.

Dus is een van de meest prangende vragen die nu voorligt: hoe kunnen politici in dit versplinterde landschap de onderlinge verschillen duidelijk maken en daarmee kiezers ook overtuigen van het belang dat er daadwerkelijk iets te kiezen valt? Hopelijk vinden politici naast rooskleurige analyses van hun eigen resultaten ook tijd om daar hun hersens over te laten kraken.

Met medewerking van Danielle Kliwon


STEUN NIEUW JOURNALISTIEK TALENT

Red Pers werd vijf jaar geleden opgezet door vier jonge en ambitieuze studenten en is inmiddels uitgegroeid tot een landelijk opleidingsplatform. Het is dé springplank naar een journalistieke carrière.

Wil je ons helpen het medialandschap te vernieuwen door jonge journalisten een stem te geven? Doneer dan nu een flinke kan koffie (€ 5,-), één maandje Zoomen (€ 15,-) of een ander bedrag. Bedankt!


Latest posts by Thom Canters (see all)