Internationale Vrouwendag legt jaarlijks de vinger op de zere plek

Beeld: Marie van der Donk Beeld: Marie van der Donk

Vandaag, 8 maart, is het Internationale Vrouwendag. De dag die in het teken staat van het vieren van prestaties door vrouwen en oproept tot actie voor het versnellen van gendergelijkheid. Hoe ver zijn we in Nederland op dit gebied? En waar loopt het spaak? Redacteur Marlies de Baare ging in gesprek met vier experts.

Sinds 1912 wordt ook in Nederland Internationale Vrouwendag gevierd. Toen stond het Algemeen Vrouwenkiesrecht bovenaan de agenda. Een recht dat ervoor zorgde dat vrouwen vanaf 1919 mochten stemmen bij verkiezingen.

De thema’s die vandaag de dag besproken worden zijn in beginsel bedacht door de vrouwen die zich 110 jaar geleden strijdbaar opstelden tegenover de mannenwereld. De huidige onderwerpen zijn echter niet meer alleen gericht op het benadrukken van de kracht van vrouwen, maar ook op het bestrijden van discriminatie en het strijden voor de erkenning van inclusiviteit, diversiteit en intersectionaliteit.

De feminisering van armoede

Ondanks de stappen die al zijn gezet, blijkt dat de sociale en economische positie van de vrouw vandaag de dag niet gelijk is aan die van de man. Nederland staat in de Global Gender Gap Report 2021 van het World Economic Forum op plaats 31 van de 156 landen. Voor de rangschikking van de lijst wordt onder andere gekeken naar het salaris dat vrouwen en mannen ontvangen voor dezelfde baan. Hieruit blijkt dat vrouwen gemiddeld minder verdienen dan mannen voor hetzelfde of vergelijkbaar werk.

De Emancipatiemonitor uit 2018 brengt deze loonkloof duidelijker in kaart: “Het gemiddelde persoonlijk inkomen van alle vrouwen tussen 15 jaar en AOW-leeftijd (exclusief scholieren en studenten) is 28.900 euro per jaar. Dat is 56 procent van het inkomen van mannen (47.400 euro).” Dit getal wordt tevens beïnvloed door het feit dat vrouwen vaker parttime werken.

‘De moederrol is veel meer geïnstitutionaliseerd in Nederland’

Dit fenomeen heeft volgens emerita-hoogleraar gendergerelateerd geweld Renée Römkens te maken met de paternalistische traditie die hand in hand ging met de welvaart na de Tweede Wereldoorlog. Zo werd in Nederland na de Tweede Wereldoorlog een relatief hoog minimumloon voor mannen ingesteld. Dit gebeurde volgens Römkens met het argument dat de vrouw dan niet hoeft te werken en thuis kan blijven voor de kinderen. “Hierdoor is de moederrol veel meer geïnstitutionaliseerd in Nederland,” aldus de emerita-hoogleraar.

De laatste jaren eindigde volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) naar schatting een kleine veertig procent van de huwelijken in een echtscheiding. Het gevolg van een scheiding is volgens Römkens dat vrouwen er financieel gezien op achteruitgaan.

Onderzoek door het Sociaal Cultureel Planbureau en het CBS wijst uit dat de meeste gescheiden vrouwen financieel in inkomen terugvallen terwijl dat vrijwel niet het geval is bij mannen,” vertelt Römkens. Dit heeft niet alleen voor vrouwen consequenties, maar ook voor kinderen doordat zij na een scheiding meestal bij de moeder wonen.

Bij dit probleem moet ook op een intersectioneel niveau worden gekeken, vindt Römkens. Intersectionaliteit is een begrip dat al in de jaren 80 werd geïntroduceerd door de Amerikaanse Kimberlé Crenshaw. Het betekent dat iedereen te maken kan hebben met vormen van meervoudige discriminatie; je kunt verschillen op grond van bijvoorbeeld sekse, huidskleur, leeftijd, opleidingsniveau en klasse en juist de samenkomst van deze verschillen zorgt voor de mate waarin maatschappelijke voor- of nadelen ontstaan.

“Zwarte en migrantenvrouwen hebben met een gelijke opleiding minder kans op een positie dan witte vrouwen en dat speelt een invloedrijke rol in de vicieuze cirkel van de feminisering van armoede,” legt Römkens uit.

Veiligheid van vrouwen

Naast de economische achterstelling is de veiligheid van vrouwen al jaren in het geding. Of het nu op werk, op straat of thuis is, vrouwen voelen zich onveiliger en bevinden zich vaker in onveilige situaties. Dat blijkt ook uit de Veiligheidsmonitor van 2021: vrouwen voelen zich onveiliger op straat dan mannen. Dit geldt zowel in de eigen buurt (17 procent tegen 11 procent) als in het algemeen (42 procent tegen 24 procent).

Ook thuis zijn er verschillen tussen vrouwen en mannen merkbaar. Uit cijfers van het CBS wordt duidelijk dat vrouwen vaker slachtoffer zijn van huiselijk geweld. Daarnaast ligt het aantal dodelijke vrouwelijke slachtoffers al een aantal jaar rond de veertig en over de periode van 2015-2019 werd 56 procent hiervan gedood door een partner of ex-partner terwijl dit bij mannen vier procent is.

Verder stelt het Centrum Seksueel Geweld dat één op de acht vrouwen en één op de 25 mannen ooit is verkracht. Dit blijkt uit de politie geregistreerde verkrachtingen, maar Römkens benadrukt: “Het echte aantal zal hoger liggen doordat alle stilgehouden verkrachtingen nu niet worden meegenomen.”

Seksueel grensoverschrijdend gedrag

De meldingen van seksueel grensoverschrijdend gedrag binnen Nederlandse organisaties zorgden de afgelopen maanden voor veel aandacht. Sara Alaoui-Dekker is de oprichtster van de stichting Together We Rise die hulp biedt aan slachtoffers van seksueel grensoverschrijdend gedrag en seksueel geweld.

‘Het gaat over onze cultuur, over hoe wij jongens en meisjes opvoeden’

Alaoui-Dekker stoorde zich aan de discussie die met name ontstond na de aflevering van BOOS over het televisieprogramma The Voice. “Het ging veelal over of organisaties wel veilig genoeg zijn, maar als slachtoffer van seksueel geweld weet ik dat het veel te plat is om te zeggen dat met een goede sfeer en regels het probleem is opgelost, het gaat nog een stapje verder. Het gaat namelijk over onze cultuur; over hoe wij jongens en meisjes opvoeden,” aldus Alaoui-Dekker.

Het verbaast Alaoui-Dekker daarom ook niet dat mannen de signalen van vrouwen niet opvangen wanneer ze over de grens gaan. “Een persoon zonder begrip voor zijn eigen emoties kan moeilijk een ander peilen en begrijpen, laat staan accepteren,” vindt Alaoui-Dekker. Dat mannen zich minder gesteund voelen om zich emotioneel open te stellen borduurt volgens de oprichtster van de Together We Rise voort op de stereotypen en gendernormen die diep in onze samenleving zijn geworteld.

 “Om dit probleem te voorkomen moet je in de opvoeding patronen van gender, seksualiteit, afkomst, klasse doorbreken. Maar de generaties die we niet meer vanuit hun jeugd kunnen opvoeden moeten we leren hoe dit soort gedachten en acties tot stand komen. Hierbij leg je als het ware het hele patriarchaat uit,” vertelt Alaoui-Dekker.

Net zoals Together We Rise hulp biedt aan slachtoffers, legt Alaoui-Dekker uit dat eenzelfde aanpak ook aan daders zou kunnen worden geboden, zodat zij inzicht krijgen in de situatie en grip krijgen op waarom ze dingen hebben gedaan, gezegd en gedacht. Het inzicht dat een dader hierdoor kan ontwikkelen kan volgens Alaoui-Dekker zorgen voor de herkenning van patronen en vooral ook voor de erkenning van de tekens van grensoverschrijdend gedrag.

Mannen moeten onderdeel zijn van de emanicaptie

Joost Mallo, communicatiemedewerker bij Emancipator, een Nederlandse organisatie die zich inzet voor mannenemancipatie, deelt de gedachte van Alaoui-Dekker. “We zien veel dat vrouwen weerbaarheidstraining en hulp krijgen na ervaringen van seksueel geweld. Maar als er duizend vrouwen verkracht worden dan hebben we het over de vrouwelijke slachtoffers, terwijl we het ook moeten hebben over de duizend mannelijke daders,” benadrukt Mallo.

Dat dit nog niet gebeurt, is volgens Mallo voor een deel te wijten aan het feit dat het beeld van mannelijkheid ‘nog steeds gespierd, heteroseksueel en cisgender is’. “Als je kijkt naar films en reclames dan worden deze gendernorm alleen maar bevestigd,” vindt de communicatiemedewerker. “Denk bijvoorbeeld aan dat een prinses wordt gered door een prins. We moeten ons afvragen wat dit vrouwen leert, maar ook wat dit mannen leert.”

Ook Milou Deelen, feminist, journalist en schrijver van het boek Krabben: van vrouw tot vrouw vindt dat we anders naar mannelijkheid moeten kijken. “Als man moet je kwetsbaar mogen zijn. Maar dit kan pas wanneer we onze onbewuste stereotypen en vooroordelen herkennen en doorbreken. Dit betekent dus ook dat vrouwen en mannen als gelijkwaardig moeten worden gezien en behandeld.”

Dubbele moraal

Emancipator geeft onder andere workshops over wat gender en mannelijkheid kunnen betekenen op middelbare scholen. Tijdens deze workshop wordt de oefening The man box gebruikt. Hierbij moeten de scholieren ideeën roepen of opschrijven die de woorden mannelijkheid en vrouwelijkheid bij hen oproepen.

“We zien dat bij ‘vrouw’ direct ‘moeder’ wordt geroepen, maar bij ‘man’ niet direct ‘vader’. Dit zegt iets over hoe wij mannen en mannelijkheid zien,” zegt Mallo. Dat vindt hij een serieus probleem. “De sterke associatie van vrouwen met moederschap en het ontbreken van die associatie van mannen met vaderschap is een goed voorbeeld van het stereotype dat mannen niet zorgzaam zijn,” aldus de communicatiemedewerker.

Ga in gesprek

Milou Deelen geeft aan dat in gesprek gaan een goed begin is: “Toen ik mij uitsprak tegen mijn vader over feminisme, merkte ik dat hij dingen leerde waar hij voorheen geen kennis van had.” Ook met haar moeder raakte ze in gesprek over het onderwerp door de simpele vraag: “Mam, ben jij eigenlijk feminist?’’

“Door een gesprek te voeren met vrouwen en te vragen hoe zij dit soort onderwerpen ervaren, kunnen de problemen voor mannen minder een ver-van-je-bedshow worden,” vindt Mallo.

‘Zo leer je dat ook veiligheid een privilege is’

Voor Mallo gebeurde dit zelf ook toen een vriendin aangaf een bepaalde weg niet alleen te willen fietsen. “Ik dacht toen, hoezo? Maar ik ben een rugbyer van bijna twee meter dus ik heb een hele andere belevingswereld. Toch kon ik me als homoseksuele man wel herkennen in het gevoel van onveiligheid. Zo leer je dat ook veiligheid een privilege is.”

Lange adem

“Alles wat inclusiviteit in de weg staat is een erfenis van tradities van eeuwen,” legt Römkens uit. De uiteindelijke oplossing voor een inclusieve, diverse en gelijke wereld gaat volgens de emerita-hoogleraar vooral over het creëren van voorwaarden waardoor mensen de kans krijgen om zich te ontplooien en een gelijke kans hebben om eenzelfde positie te bereiken. “Maar”, vertelt Römkens, “dit zal lang duren, want er is niet alleen ongelijkheid tussen vrouwen en mannen, maar ook tussen wit en zwart, arm en rijk.”

Alaoui-Dekker benadrukt dit: “Het is generatiewerk. We moeten ons dus blijven inzetten voor die ideale wereld waarin we zelf zouden willen leven.”

Met medewerking van Anne Oevermans


STEUN NIEUW JOURNALISTIEK TALENT

Red Pers werd vijf jaar geleden opgezet door vier jonge en ambitieuze studenten en is inmiddels uitgegroeid tot een landelijk opleidingsplatform. Het is dé springplank naar een journalistieke carrière.

Wil je ons helpen het medialandschap te vernieuwen door jonge journalisten een stem te geven? Doneer dan nu een flinke kan koffie (€ 5,-), één maandje Zoomen (€ 15,-) of een ander bedrag. Bedankt!


Marlies de Baare