Kunst hier? Welnee!

Hanna Hosman

Kapsalondag, woensdag 19 januari 2022. Voorzien van een plattegrond en een nummertje aan een sleutelhanger loopt columnist Hanna Hosman ‘de botanische revolutie’ binnen in het Centraal Museum te Utrecht. Het is rustig in het museum, maar dat is het vaker. Is de geplande burgerlijke ongehoorzaamheid nu wel zo ongehoorzaam?

De stiekeme tentoonstelling in het voormalig geloofshuis aan de Agnietenstraat doet denken aan schuilkerken uit de zeventiende, achttiende eeuw. In gebouwen die op het eerste gezicht niet als kerk herkenbaar waren, kwamen daar in de Republiek der Verenigde Nederlanden niet-calvinistische gelovigen samen om stiekem het geloof te belijden. Ingewijden wisten wat er binnensmuurs te beleven viel, voor de buitenstaander huisden er de onschuldige contemporaine equivalenten van kapsalons, winkels, sportruimtes. Of zo stel ik mij dat voor, afleidingsmanoeuvres. Kunst, hier? Welnee!

Voor de tentoonstelling ben ik er niet, die heb ik eerder al uitgebreid bekeken. Ik ben er om er te zijn, op de fiets gestapt in een zweem van opstandigheid. Het is voor het eerst in de pandemie dat musea en theaters in opstand komen tegen verplichte sluiting. Kappersbezoeken, supermarktspitsuur, en niet-essentiële winkelbezoeken waren veilig verklaard, cultuur was nog een gevaarlijke onderneming. En dus werd besloten in de kunsthuizen te organiseren wat er wél mocht: haren knippen, lekker sporten, hier en daar zelfs een massage. En goed, dat er in diezelfde ruimte kunst te zien was, daar konden zij ook niets aan doen. 

Gebaseerd op eerdere ervaringen met protesten verwachtte ik rumoer, muziek, veel mensen, gevatte statements op kartonnen borden. Dat was er niet. Het feit dat de museumopening een protestactie was werd niet benoemd. Het was tenslotte een winkel, en niet een museum. Waarom is het museum eigenlijk niet open als museum? Goed, dat is tegen de regels, maar tegen die regels gingen we nu juist in. De regels overschrijden en tegelijkertijd binnen de regels blijven, is dat niet juist de regels bevestigen?

Ik vrees even de enige bezoeker te zijn in het Centraal Museum, maar sta in de eerste zaal gelukkig al snel naast een vrouw met een asymmetrische leren rugzak. Stilte. In de volgende zaal staat museumdirecteur Bart Rutten een journalist geroutineerd te woord. Statements over het belang van cultuur, er voor de mensen zijn, en dat dat allemaal veilig en binnen regels kan. De journalist moet door, op naar de volgende ‘kapsalon,’ ‘winkel,’ of ‘yogaruimte.’

Even verderop is het winkeltje opgesteld, een opstelling van drie tafels met lokaal geproduceerde zeep, boeken en thematische bloembollen. ‘Ja, wij zijn vandaag een winkel!’ vertelt de dienstdoende verkoper enthousiast. Rutten plaatst een selfie op Instagram met verkoopster en een aangeschaft ‘do-it-yourself bloembommen pakket.’ 

Op-de-plaats-joggende educatiemedewerkers in sportkleding kondigen aan dat er krachttraining kan worden verricht aan de draaiorgels

Verderop in de binnenstad bij Museum Speelklok, een geliefd adres voor culturele inkleuring van kinderfeestjes, vindt ook een klein protest plaats. Bij de ingang staat een man geanimeerd te praten tegen een rode plopkap, waarschijnlijk in de afrondende fase van een radioverslag. Binnen worden de QR-codes gecontroleerd die toegang verschaffen tot de het voormalige kerkschip, nu de entreehal. Daar kondigen op-de-plaats-joggende educatiemedewerkers in sportkleding aan dat er krachttraining kan worden verricht aan de draaiorgels.

Van calvinistisch gedoogbeleid bij schuilmusea was in Utrecht geen
sprake. Het Centraal Museum opende om 11 uur ’s ochtends, binnen een uur kondigde een museummedewerker in de entreehal in lichte
consternatie aan dat ‘er even iemand van de gemeente kwam kijken.’

Het museum is verder ‘eigenlijk dicht,’ maar de deur naar de onlangs geopende tentoonstelling staat toevallig open. Een grijzende man steekt ter ondersteuning een duim op naar de sportieve medewerkers, ‘chapeau, dank voor de kunst!’. Op een bankje onder de gewelven monteert een journalist gebogen over een laptop een televisie-item in elkaar. 

Met medewerking van Lucca de Ruiter


STEUN NIEUW JOURNALISTIEK TALENT

Red Pers werd vijf jaar geleden opgezet door vier jonge en ambitieuze studenten en is inmiddels uitgegroeid tot een landelijk opleidingsplatform. Het is dé springplank naar een journalistieke carrière.

Wil je ons helpen het medialandschap te vernieuwen door jonge journalisten een stem te geven? Doneer dan nu een flinke kan koffie (€ 5,-), één maandje Zoomen (€ 15,-) of een ander bedrag. Bedankt!