Afkeer en misvattingen in de werkgroep: politieke polarisatie onder studenten

Illustratie door Dionne van Lint

Studenten op de universiteit worden opgeleid tot kritische denkers. Een handige kwaliteit, maar het creëert ook moeilijkheden. Onder studenten heerst politieke polarisatie, waarin andersdenkenden worden veroordeeld. Dionne van Lint zocht uit wat de gevolgen hiervan zijn.

Op een glimmende MacBook van een student in de universiteitsbibliotheek kleeft een sticker met ‘Fuck FvD’. De niet zo subtiele sticker is al een beetje vervaagd, maar de boodschap komt nog steeds duidelijk over. Buiten op straat voor de universiteit is een tegengeluid te horen. ‘Ik geef een nier voor geen Rutte IV’, staat er in grote zwarte hoofdletters. Ditmaal te zien op een sticker geplakt op een verkeersbord.

Ook op sociale media wordt er naar andere partijen en diens aanhangers uitgehaald. Op Instagram komen stories langs van studenten met teksten als: ‘Als je hier mee eens bent’ – of – ‘als je op deze partij stemt, dan mag je me ontvolgen’. 

Deze afkeer op basis van politieke meningen is in Nederland groter dan andere tegenstellingen, zoals geloof of afkomst. Volgens Eelco Harteveld, politicoloog en docent op de UvA, kan teveel polarisatie gevaarlijk zijn voor de democratie. Maar zover zijn we nog niet in Nederland. “Maar naarmate de verkiezingen eraan komen, stijgt polarisatie. Rond de verkiezingen is het op het hoogtepunt”, vertelt Harteveld. 

Coming out

Tijdens de afgelopen verkiezingen stemde Sofie (21, student Liberal Arts aan Amsterdam University College) op Forum voor Democratie. Voorheen stemde ze links, maar door de coronacrisis werd het haar duidelijk waar haar prioriteiten liggen. Wanneer ze haar omgeving vertelt op welke partij ze heeft gestemd, reageren mensen gechoqueerd. “Het voelde echt als een coming out.”

Met haar familie zit Sofie qua politieke voorkeur redelijk op één lijn, maar de rest van haar vrienden en kennissen zijn linkser. “Over het algemeen zijn mijn vrienden best wel intens in hun meningen, net zoals ik dat ben. Maar dan ben ik het tegenovergestelde. In die zin botst dat sneller, omdat dat hen echt emotioneel raakt.” Ze praat hierdoor niet meer over politiek met bepaalde vrienden, om ruzie te vermijden. 

Ook Pien (20, student politicologie aan de Universiteit van Amsterdam) merkt polarisatie in haar omgeving. “Vanaf het eerste jaar op de universiteit, zag ik dat studenten met een pro-Trump mening in de werkgroep meteen werden aangepakt door medestudenten,” zegt ze. Ze voelt dat er veel haat is onder studenten, maar niet iedereen durft er open over te zijn. 

De botsing die Sofie en Pien ervaren, komt in heel Nederland voor. Uit het onderzoek van Harteveld blijkt namelijk dat populistisch radicaal rechtse- en linkse supporters de grootste afkeer van elkaar hebben. Harteveld: “De aanhangers van die partijen geven elkaar op een schaal van één tot honderd gemiddeld een ‘warmte’ van twintig graden. Dit is lager dan dat de Amerikaanse Democraten en Republikeinen geven aan elkaar.” 

‘Meest verschrikkelijkste persoon’

“Er zijn mensen met wie ik gewoon niet over politiek praat, omdat ik de energie voor een discussie niet kan opbrengen,” vertelt Pien. Zelf heeft Pien in de afgelopen verkiezingen op de Partij van de Arbeid gestemd. Ze is overwegend links, maar qua verzorgingsstaat is ze rechtser. In haar vriendenkringen zijn veel mensen links, maar enkele vrienden en huisgenoten hebben rechtser gestemd. Pien is zich ervan bewust dat ze vooral omringd is met dezelfde meningen; ze geeft toe dat dat uiteindelijk wel het makkelijkste is. 

‘Studenten denken al snel van ‘diegene denkt zo, dus dan hoef ik er niks mee”

Iedereen heeft een natuurlijke drang om zich in een omgeving te bevinden met gelijkgestemden. Dit wordt ook wel een bubbel genoemd. Automatisch worden we omringd door meningen die wij delen, zonder een tegengeluid te hoeven horen. Studenten behoren tot de eerste generatie die in de ontzuilde samenleving is opgegroeid, zegt Harteveld. Hierdoor zijn er minder plekken waar studenten in contact komen met andere politieke meningen. 

Sofie zit juist in een omgekeerde bubbel: ze kent bijna niemand op de universiteit die denkt zoals zij. “Iedereen zit in dezelfde mindset”, vertelt ze. Ze weerhoudt zich van het delen van haar mening in colleges of werkgroepen, omdat ze bang is dat ze wordt aangevallen door medestudenten.  

Je in een bubbel bevinden, zoals op de universiteit, is als student niet zo gek. Maar het wordt ernstiger wanneer er niet wordt geluisterd naar andere meningen. Studenten voeren geen discussies met elkaar, en zo wordt ‘de ander’ niet begrepen. Anderen vatten Sofies intenties vaak verkeerd op. Vervolgens wordt ze meteen in een bepaald hokje geplaatst. Of zelfs uitgemaakt voor ‘de meest verschrikkelijkste persoon op de wereld’. Ook Pien ziet dit gebeuren: “Studenten denken al snel van ‘diegene denkt zo, dus dan hoef ik er niks mee’”. 

Besties

Sociale media kan deze bubbel versterken. Profielen kunnen makkelijk geselecteerd worden op basis van je politieke voorkeur. Daarnaast zie je vooral het extreme. Pien: “Een centrum-mening zie je minder, omdat die mensen niet de behoefte voelen om het te delen.” Maar onderzoeken laten ook zien dat sociale media niet veel meer polariseren dan ‘normale’ media. Ze bieden juist een kans om in discussie te gaan. Sofie deelt vaak haar mening op Instagram, maar vraagt ook naar de meningen van haar volgers. “Het gesprek aangaan is vooral mijn doel. Om een dialoog te starten met de mensen die ervoor open staan.” 

Polarisatie is dus zeker aanwezig onder studenten. Maar in vergelijking met oudere generaties zijn studenten wel minder gepolariseerd. Dit komt doordat jonge mensen over het algemeen zich minder identificeren met één partij. “Op basis van bepaalde onderwerpen zijn jonge mensen wél meer gepolariseerd dan oudere mensen, zoals actuele onderwerpen als genderrollen en klimaat,” aldus Harteveld. 

Het kan lastig zijn om meningen te horen die lijnrecht tegenover de jouwe staan. “Ik kan me voorstellen dat mensen het zo erg niet met mij eens zijn, dat ze niet besties met mij willen worden,” zegt Sofie lachend. Maar het is belangrijk om de discussie aan te blijven gaan en te luisteren naar verschillende perspectieven. Hierbij komen de kwaliteiten die je leert als student goed van pas. Sofie: “Het is altijd goed om kritisch te blijven en je eigen mening te ontwikkelen, zodat het niet statisch blijft.”  

*De namen van Sofie en Pien zijn gefingeerd. De echte namen zijn bekend bij de redactie.

Met medewerking van Vera Kurpershoek.

Dionne van Lint (20) is een politicologie student met een passie voor kunst en schrijven. Momenteel volgt ze de minor Journalistiek en Kritiek. Hierna wil ze stage lopen en de master Journalistiek en Kritiek volgen. In haar artikelen behandelt ze onderwerpen als populisme, polarisatie en mensenrechten. 


Steun ons!
Vond je dit een goede productie en wil je hier meer van zien? Steun deze redacteur met een kleine donatie voor een kop koffie (€ 2,50), een redactievergadering (€ 12,50) of een ander bedrag!