Hoe maken we de gayscene veiliger? (En hoe juist niet?)

Foto door Brianna Amick. Bron: Pexels Foto door Brianna Amick. Bron: Pexels

De recente ophef rondom advocaat en voormalig Kamerlid Sidney Smeets past in een patroon van seksueel grensoverschrijdend gedrag in de gayscene. Wat gaat er mis, en wat kunnen we daar aan doen? Redacteur Tijmen van Voorthuizen vroeg het aan socioloog David Bos.

Vraag een jonge homo of hij ooit online is benaderd door een oudere man voor seks en het antwoord is vrijwel altijd ‘ja’. Hoewel een berichtje op Grindr niet per se een uiting van seksueel geweld is, kan het wel degelijk problematisch zijn als de oudere, meer ervaren man bewust of onbewust misbruik maakt van de onervarenheid of naïviteit van de ander. En dat gebeurt regelmatig.

Een aantal weken geleden ontstond er ophef rondom advocaat en D66-Kamerlid Sidney Smeets en NOS-verslaggever Martijn van der Zande toen verschillende jongens hen op Twitter beschuldigden van seksueel grensoverschrijdend gedrag. Hoewel Smeets formeel niets strafbaars had gedaan, moest hij van zijn partij opstappen. Naar Van der Zande loopt nog een onderzoek. Hun gedrag, goed samengevat in de welbekende Grindr-bio ‘Oudere man zoekt jonger’, past in een zorgwekkend patroon binnen de homoscene.

Bijna een kwart van alle homo- en bimannen is weleens slachtoffer geworden van seksueel grensoverschrijdend gedrag

Zijn jonge homo’s kwetsbaarder voor seksueel grensoverschrijdend gedrag dan andere, niet-homoseksuele jongeren? Ja, blijkt uit een rapport van onderzoeksinstituut Rutgers uit 2019 over de seksuele gezondheid van LHBT-jongeren. Hierin werd onder meer geconcludeerd dat bijna een kwart van de homo- en bimannen weleens slachtoffer is geworden van seksueel geweld of seksueel grensoverschrijdend gedrag, tegenover 9 procent van heteromannen.

In de meeste gevallen gebeurde dit op een leeftijd tussen 15 en 19 jaar en was de dader minimaal 5 jaar ouder. Verder blijkt dat homomannen hun seksuele contacten veel vaker via het internet opdoen dan hetero’s en dat zij vroeger en vaker experimenteren met seks. De onderzoekers merkten daarbij op dat homomannen hun eerste seksuele ervaringen vaak buiten de context van een vaste relatie doen, wat het risico op grensoverschrijdend gedrag verhoogt.

Sociale media

Volgens David Bos, docent sociologie aan de Universiteit van Amsterdam, hebben jonge LHBTI’ers te kampen met verschillende maatschappelijke structuren: “Een daarvan is het bestaan van het internet en sociale media: daardoor is het voor jongeren veel makkelijker om te voorzien in hun informatiebehoefte en prikkelzucht. Het eerstgenoemde is een zegen, het laatstgenoemde brengt risico’s met zich mee, want er is vrijwel geen toezicht.” Platforms als Grindr, maar ook de algemene sociale media, zouden er daarom goed aan doen om jongeren te waarschuwen of gratis advertenties aan te bieden voor organisaties als Jong&Out, denkt Bos.

Het tweede probleem dat Bos vaststelt is de afwezigheid van niet-commerciële, niet op seks gerichte ruimtes waar LHBTI’ers van alle leeftijden kunnen socializen. “Sinds het COC Amsterdam zijn deuren sloot, voorzien alleen Vrankrijk en IHLIA in die behoefte.” Het liefst zou Bos ook zien dat er meer over de risico’s op internet gesproken wordt op scholen, bijvoorbeeld bij seksuele voorlichting.

Het navigeren van de gayscene kan voor jongeren spannend maar ook overweldigend zijn, want niemand vertelt je waar je voor op moet passen. Voorlichting en gesprekken met andere, iets meer ervaren leeftijdgenoten zouden volgens Bos jongeren kunnen helpen. “Het is de grote zwakte van onze minderheid, dat we als ‘debutanten’ meestal geen gebruik kunnen maken van de ervaringen van onze ouders, broers of zussen. De sympathie van de overheid en een groot deel van de samenleving is natuurlijk fijn, maar als groentje in de gayscene heb je daar weinig aan.”

Dat label ‘pedofiel’ is dodelijk, want het roept beelden op van mannen die zich vergrijpen aan achtjarigen. Maar Smeets had contact met zestienjarigen

Homohaat

Bos is echter beducht voor de retoriek over het ‘beschermen’ van homojongeren. “Dit jaar vieren we de afschaffing van 248bis: het artikel in het Wetboek van Strafrecht dat een veel hogere leeftijdsgrens stelde op homo- dan op heteroseksueel verkeer. Op grond daarvan zijn tussen 1911 en 1971 duizenden Nederlandse homomannen in aanraking gekomen met justitie. In sommige gevallen was dat volkomen terecht, maar vaak was het homohaat onder het mom van jeugdzorg.”

Daarom verzet Bos zich tegen het wegzetten van mensen als Smeets als pedofiel: “Dat label is dodelijk, want het roept beelden op van mannen die zich vergrijpen aan achtjarigen. Maar Smeets had contact met zestienjarigen, dus met jongens die seksueel meerderjarig zijn. Ik vrees dat de morele verontwaardiging over hem ten dele voortkomt uit de afkeer van homoseks überhaupt. Eerlijk gezegd voelde ikzelf ook weerzin bij mannen als Smeets en vooral Van der Zande, maar ik wantrouw mezelf: is mijn afkeer niet een vorm van plaatsvervangende schaamte? En is die wel terecht?” Het ergert Bos dat het COC zich zo stilhoudt over deze kwestie: “Kennelijk is het als de dood voor het brandmerk ‘pedo’. Het COC heeft maatschappelijk de wind mee, maar toont weinig moed of historisch besef.”

De onderzoekers van Rutgers concluderen dat het van groot belang is om binnen de homoscene een kritisch gesprek te voeren over het door hen geconstateerde probleem van seksueel geweld. Bos is het daarmee eens, maar plaatst wel een kanttekening. Hij ziet dat de afwezigheid van fysieke ruimtes ervoor zorgt dat LHBTI’ers niet veilig en in vrijheid met elkaar dat kritische gesprek kunnen voeren. Zo kunnen zij dus niet de jongeren om wie het gaat écht steunen. “Elkaar als volwassen homo’s (en lesbo’s) aanspreken op onze omgang met de jeugd lijkt me zinvol, maar zo’n moreel gesprek lukt alleen als het niet voortkomt uit angst voor stigmatisering. Dat gaat alleen als we ‘onder elkaar’ zijn – en waar ben je dat nog, vandaag de dag?” Dus er is nóg een probleem: ‘de LHBT+-gemeenschap’ is grotendeels een fictie; een verzinsel van beleidsmakers en activisten.”


Steun ons!
Vond je dit een goede productie en wil je hier meer van zien? Steun deze redacteur met een kleine donatie voor een kop koffie (€ 2,50), een redactievergadering (€ 12,50) of een ander bedrag!