The Walk of Food: langs de parels van Oost

Kim Bruin en Margriet Vellinga, oprichters van The Walk of Food. Beeld: Roos Post

Dé activiteit in coronatijd? Stadswandelingen maken. Redacteur Roos Post liep The Walk of Food door Amsterdam-Oost en schreef er een stuk over.

Het is een zonnige namiddag in maart. Op het Beukenplein verzamelen zich kleine groepjes mensen: het zijn vrienden, familie en kennissen van Margriet Vellinga (33) en Kim Bruin (41), die begin februari startten met The Walk of Food. Ze begonnen met een wandeling door Amsterdam-West, en vandaag lanceren ze hun nieuwe route in Oost.

Door de coronacrisis hadden Kim, stewardess bij KLM, en Margriet, managementassistent, ineens een stuk minder werk. Margriet: “We liepen steeds hetzelfde rondje Vondelpark en misten de horeca. Een paar wijntjes later was het plan daar: The Walk of Food.” De vriendinnen merken dat er veel animo voor is. “Mensen zijn het thuiszitten zat en verlangen naar een uitje. De combinatie van leuke plekjes in Amsterdam ontdekken en het eten van lekkere gerechtjes, lijkt erg goed aan te slaan. We krijgen heel veel enthousiaste reacties.”

Gewapend met een koude fles Valenciaanse cava, twee plastic bekertjes en de routebeschrijving, starten we onze Walk of Food

Kim en Margriet focussen graag op de kleinere cafés en restaurants. “Het zijn niet de grote bekende restaurants waar je stopt, maar de hidden gems. We werken graag samen met enthousiaste ondernemers die onze klanten hartelijk ontvangen en met liefde vertellen over het gerecht of de buurt,” vertelt Margriet.

Transvaalbuurt

Vandaag testen familie, vrienden en kennissen van Margriet en Kim de route door Oost. Ik ben ook uitgenodigd. Bij aankomst ontvangen we een tasje met de route en twee rolletjes pepermunt; handig als je deze wandeling met een date doet. Ik loop de tour met mijn middelbare schoolvriendin Leoni. Ze woont al jaren in Amsterdam, en ik ben benieuwd of ik haar plekjes kan laten zien die ze nog niet kent.

In verband met corona zijn we in een tijdslot ingedeeld: stipt om 17.45 uur beginnen we onze wandeling. Gewapend met een koude fles Valenciaanse cava – het is immers vrijdagavond – twee plastic bekertjes en de routebeschrijving, starten we onze Walk of Food.

Startpunt van de tour is een wijnbar om de hoek van het Oosterpark – die we niet bij naam noemen, omdat we dat graag een verrassing houden. Eigenaar en wijnkenner Rutger staat te popelen om weer mensen te ontvangen in zijn café, dat merk je meteen. Hij vertelt vol enthousiasme over de rode wijn die hij ons serveert – een Carm Douro uit Portugal, met een “haast port-achtige zoetheid”. De bar was pas tien dagen open toen corona uitbrak. Om toch bezig te blijven, hebben ze zich het afgelopen jaar toegelegd op het maken van de lekkerste lasagne van Amsterdam. En ik moet zeggen: dat lukt aardig. De melanzane parmigiani – geroosterde aubergine, tomaat, bechamelsaus en Parmezaanse kaas – smaakt heerlijk.

Dat belooft wat voor de rest van de tour.

We duiken de Transvaalbuurt in en lezen dat deze wijk zwaar getroffen werd in de Tweede Wereldoorlog; zeventig procent van de bevolking was Joods. De Transvaalbuurt werd dan ook een ‘concentratiebuurt’, een soort openluchtgevangenis. De grote razzia van 20 juni 1943 in Amsterdam vond hier plaats.

‘Mensen zijn het thuiszitten zat en verlangen naar een uitje’

We lopen over het Transvaalplein, ook wel het Rode Pleintje genoemd vanwege de socialistische beweging die hier in de jaren twintig en dertig actief was. Dan wandelen we over de prachtige Transvaalkade langs de Ringvaart. De ondergaande zon schijnt een oranje gloed op de huizen aan de overkant van het water.

Oostpoort

We slaan de wijk Oostpoort in. De Westergasfabriek kennen we allemaal, maar ooit geweten dat er ook een Oostergasfabriek is? Wij niet. Het gebouw is net zo mooi, maar iets soberder. Even verderop bevindt zich onze tweede stop: we krijgen een amuse met gerookte zalm – of oesterzwam voor de vega’s onder ons – die we zittend op de kade voor het restaurant opeten. We fantaseren over hoe leuk je hier ’s zomers kan zitten, als de horeca, hopelijk, weer open is.

Het begint te schemeren en het koelt af, dus we houden de pas erin. Onze derde stop: een brouwerij gevestigd in een voormalige ammoniakfabriek. Jarenlang fungeerde het gebouw als dierenasiel. Op de plek van het terras werden vroeger huisdieren begraven; de graven zijn ontruimd, maar de grafstenen liggen er nog.

Bij deze brouwerij krijgen we ons derde hapje – een crostini met een relish van rode biet – en koop ik een biertje dat ik natuurlijk niet kan laten liggen: het is gebrouwen met gras uit de Amsterdam Arena.

Eigenaar en wijnkenner Rutger staat te popelen om weer mensen te ontvangen, dat merk je meteen

We vervolgen onze tocht, lopen de Linnaeusparkweg helemaal uit en komen aan bij een café gelegen aan een pleintje dat volgens bedrijfsleider Thomas een beetje Frans aandoet. “Onze gasten denken aan een idyllisch pleintje in Parijs als ze deze plek zien,” zegt hij trots. Hij vertelt ons wat we te eten krijgen: een huisgemaakt broodje bapao met op Aziatische wijze gepaneerde kip. Hij schenkt er een frisse sauvignon bij. We kletsen wat met hem, voornamelijk over hoe leuk Oost is. Thomas vertelt ons dat hij voorheen in het centrum woonde, maar door zijn werk ontdekte hoe leuk deze wijk is, en daarom verhuisd is.

De Watergraafsmeer

We wandelen door langs de Hofkerk – mede-ontworpen door de bekende architect Berlage – en door Park Frankendael richting de Ringdijk. We verbazen ons over de schoonheid van deze dijk, die bijna landelijk aandoet. We lopen meters boven de huizen links en rechts van ons en het voelt even niet alsof we daadwerkelijk in Amsterdam zijn.

We eindigen onze tour bij een restaurant dat bij locals bekend is vanwege de verreweg allerbeste pasta’s en pizza van de buurt. Die hebben we niet kunnen proeven, maar de tiramisu die we hier krijgen, is goddelijk.

Wist je dat tiramisu in het Italiaans iets betekent als ‘trek mij omhoog’? Het houdt zoveel in als ‘maak mij vrolijk’ – en dat is zeker gelukt. Moe, voldaan en een beetje tipsy zit ik na ruim twee uur wandelen in de trein terug naar Utrecht. Naast dat ik leuke horecazaakjes heb ontdekt en heerlijk heb gegeten, heb ik een stuk van Amsterdam gezien dat ik nog niet kende. Zo’n wandeling is een mooi alternatief om de ergste coronaverveling tegen te gaan – toch kan ik niet wachten tot de horeca weer open is en we weer op het terras of in de kroeg kunnen zitten.


Steun ons!
Vond je dit een goede productie en wil je hier meer van zien? Steun deze redacteur met een kleine donatie voor een kop koffie (€ 2,50), een redactievergadering (€ 12,50) of een ander bedrag!

Roos Post