De staat van het Nederlandse peilklimaat

Beeld: Jorieri/Shutterstock

Op geen enkel moment worden Nederlanders vaker en grondiger onderzocht dan in verkiezingstijd. Welke rol spelen politieke peilingen in de hoofden van kiezers? Redacteur Marijne Beijen besprak het met een politicoloog en een peiler.

Of de verkiezingsrace nu een bloedstollend spannende wedstrijd is of een saaie bedoening, aan peilingen geen gebrek. Vooral zetelpeilingen krijgen in verkiezingstijd extra aandacht: nieuwsmedia koppen graag met partijen die ‘in de lift’ lijken te zitten of – nog liever – met partijen die virtueel zetels verliezen.

Hoe beïnvloeden deze virtuele ‘tussenstanden’ jou, de kiezer? Spoiler: dat is moeilijk te zeggen.

Tijd om te kiezen

‘Op welke partij bent u van plan te gaan stemmen deze verkiezingen?’ Door die vraag aan enkele duizenden stemgerechtigden voor te leggen, stellen Nederlandse onderzoeksbureaus bijna het hele jaar door een virtuele zetelverdeling op: een inschatting van hoe partijen op dat moment worden gesteund door het electoraat. 

Dat wil zeggen: geen absoluut getal, maar een schatting inclusief een foutmarge. Naarmate de verkiezingen dichterbij komen, volgen de peilingen elkaar steeds sneller op, tot de dag dat we het stemhokje in gaan: het moment van de waarheid.

‘Stel je voor dat je geen idee zou hebben wie van de 37 partijen überhaupt kans maakt om in de Tweede Kamer te komen’

”Het stukje informatie dat peilingen in verkiezingstijd aan kiezers geven is absoluut waardevol,” zegt Joost van Spanje, hoogleraar politicologie aan de University of London. ”Stel je voor dat je geen idee zou hebben welke van de 37 partijen überhaupt kans maakt om in de Tweede Kamer te komen. Dat zou onwenselijk zijn voor de meeste mensen.” 

Maar de manier waarop de zetelpeilingen worden geframed is niet altijd informatief genoeg, aldus Van Spanje. ”Tot enkele jaren geleden werd bijna elke kleine beweging gepresenteerd als een trend. Op die manier creëer je voor de kiezer veel ruis en voeg je weinig toe.”

De invloed van virtueel succes

In sommige landen zijn peilingen, vanwege hun mogelijk sturende effect, verboden in verkiezingstijd. Een veelbesproken theorie is daarbij het bandwagon effect, dat claimt dat groepen kiezers hun stemgedrag aanpassen om op die manier bij de grootste, populairste of hardst groeiende groep te horen. 

Met andere woorden: partijen die het goed doen volgens de peilingen, zouden vanwege dat virtuele succes ook weer kiezers aantrekken.

Onderzoek doen naar zulke directe effecten van peilingen is alleen ingewikkeld – beïnvloeding gebeurt voor een groot deel onbewust en daadwerkelijk meekijken in het stemhokje is zowel ethisch als praktisch onmogelijk. 

Veel duidelijker is dat media een sleutelrol spelen in de framing van zetelpeilingen.

Zo zijn voorpaginaverhalen vaak gebaseerd op de virtuele tussenstand van die week, en volgen uitnodigingen voor talkshows vaak eenzelfde patroon. Ga maar na: Jeroen Pauw opende het debat tussen Lilianne Ploumen en Sigrid Kaag eerder deze week met de opmerking “U gaat lekker, hè?” Dat mechanisme werkt natuurlijk ook de andere kant op. Als een partij in aanloop naar de verkiezingen structureel de rol van verliezer krijgt toegeschreven, kun je je ook voorstellen dat de kiezer daardoor beïnvloed raakt. 

Het gehanteerde mediaframe is dus bepalend voor de zichtbaarheid en het succes van partijen. Dat geldt dit jaar in het bijzonder voor nieuwe partijen, ziet Van Spanje, die daar onderzoek naar doet. ”Als een nieuwe partij, zoals Volt of JA21, opeens tot drie zetels peilt en wordt neergezet als snelle groeier, wordt het voor veel mensen toch een interessantere overweging. Kiezers hebben dan het gevoel dat echte invloed meer binnen handbereik is.”

Peilklimaat
Nederland kent vier gevestigde politieke peilers: I&O Research, Kantar, Ipsos/EenVandaag en Peil.nl (van Maurice de Hond). Sinds 2012 zijn de zetelpeilingen van de eerste drie ook gecombineerd ondergebracht in de Peilingwijzer, een initiatief van universitair hoofddocent politicologie Tom Louwerse. Louwerse ontwierp de Peilingwijzer met het idee om uitschieters af te vlakken, door een gewogen gemiddelde van de verschillende peilingen te gebruiken, zo is te lezen op de website.

Het moment van de waarheid

Ondanks dat media trouwe afnemers zijn van politieke peilingen, verschijnt er ook nog wel kritiek over de onderzoeken. Zeker enkele jaren geleden waren commentaren als ‘wat zaten ze er weer naast’ voor peilers haast vaste prik na de uitslag. Terecht, of niet? ”Journalisten zouden peilingen minder met een microscoop moeten bekijken,” meent Peter Kanne, senior onderzoeker bij I&O Research.

‘Journalisten zouden peilingen minder met een microscoop moeten bekijken’

Daarmee doelt onder andere Kanne op de manier waarop nieuwsmedia na de uitslag graag benadrukten hoeveel zetels peilers ‘verkeerd zaten’. ”Kritisch zijn is goed. Er zijn ook missers gemaakt. Maar het gaat er veel meer om dat je de beweging in kiezerssteun kunt laten zien, de trends in de maanden ervoor. Het precieze aantal zetels in de slotpeiling zal nooit exact overeenkomen met de uitslag, maar geeft wel een goed beeld van de krachtsverhoudingen.”

In die zin heeft de wisselwerking tussen opiniepeilers en de media altijd iets weg van strijd, aldus Kanne. Nieuwsmedia blijven smachten naar een nek-aan-nekrace, en helemaal in de laatste dagen wordt er naarstig gehoopt op een gamechanger die de boel nog even flink opschudt. Tekenend voor de journalistiek, maar mogelijk sturender voor het electoraat dan we doorhebben.

Volg de peilingwijzer

Wel is er veel veranderd de afgelopen jaren. Media presenteren de peilingen al minder als een absolute, feitelijke weergave van partijsteun. Ook vermelden ze vaker de foutmarges en krijgen onderzoeken over inhoudelijke motieven van kiezers meer aandacht, ziet Kanne. ”Redacties gaan tegenwoordig echt verantwoordelijker om met cijfers. Inmiddels vertellen de meeste peilers ook een gezamenlijk verhaal met de Peilingwijzer, dat werkt ook goed.”

Ook Van Spanje raadt zijn studenten aan om de Peilingwijzer te volgen. ”Het is veel logischer om naar trends te kijken in een gecombineerde peiling. Een enkele steekproef geeft toch sneller een vertekening.” 

Of het nu een strategische stem, een stem uit gewoonte, een beleidsstem of een andersoortige stem wordt, als kiezer is het goed om je te realiseren dat je uiteindelijke keuze van meer afhankelijk is dan je je bewust bent. Is dat erg? Niet per se. Maar wellicht wel iets om jezelf de volgende verkiezingen eerder op voor te bereiden. Voor deze keer komt dat besef waarschijnlijk net iets te laat.

Met medewerking van Anne Oevermans.

Steun ons!
Onze studenten dragen vrijwillig bij aan Red Pers. Vond je dit een goede productie? Sponsor dan onze koffie (€ 2,50), redactievergadering (€ 10,-) of grotere investering. Dankjewel!