De digitale schandpaal: ‘Voor sommige slachtoffers is er geen andere plek’

Illustratie: Marie van der Donk

Op Instagramaccounts kaarten klokkenluiders anoniem discriminatie, uitbuiting en seksueel grensoverschrijdend gedrag in de kunstsector aan. Is dit een structurele oplossing voor de regelmatig terugkerende problemen? Redacteur Belinda Okoobo zocht het uit.

De zaak van Amanda Schmitt markeerde de eerste spraakmakende #MeToo-zaak binnen de kunstindustrie. In 2017 spande ze een rechtszaak aan tegen vooraanstaand kunstmagazine Artforum en diens eigenaar Knight Landesman. Schmitt beschuldigde Landesman van seksueel grensoverschrijdend gedrag – bestaande uit intimidatie, betasting, kuspogingen en onzedelijke berichten – over een periode van drie jaar waarin zij voor Artforum werkte.

Landesman ging vrijuit, maar in hoger beroep oordeelde de rechter dat Artforum haar reputatie had geschaad en nagelaten had om bescherming te bieden na de aanklachten. De zaak vormde het begin van boycotacties op sociale media tegen vermeende daders en instellingen in de kunstsector.

De niet betaalde stagiaire moest een uur in de printruimte staan, omdat zij overgewicht heeft en de galeriehouder langs kwam

Stagiaire in de printruimte

Onder invloed van de Black Lives Matter-protesten afgelopen zomer verhevigden de acties. Naast Instagramaccounts Change the museum en A better Guggenheim werd ook Cancel Art Galleries aangemaakt ter bestrijding van de geconstateerde giftige werkomgeving in de sector. De makers achter het account – die vanwege vrees voor (juridische) repercussies uit de kunstwereld anoniem willen blijven – zijn de pagina begonnen om discriminatie, uitbuiting en misbruik binnen kunstinstellingen kenbaar te maken. Extreme verhalen als die van Schmitt worden incidenteel geplaatst, maar berichten over discriminatie en uitbuiting komen veelvuldig naar buiten.

Zo leest een post: “De niet betaalde stagiaire moest een uur in de printruimte staan, omdat zij overgewicht heeft en de galeriehouder langs kwam.” Een ander bericht gaat over een wiet rokende en cartoon kijkende baas, die zijn stagiaires toeschreeuwt om meer geld voor hem op te brengen.

Volgens de beheerders van het account Cancel Art Galleries zijn mensen onbekend met de macht die galeries, veilingen en kunsthandelaren bezitten. “De kunstwereld is te veel een niche om de aandacht van het grote publiek te genereren. Daarnaast is kunst een winstmodel, waardoor er vaak een oogje dichtgeknepen wordt en kritiek leidt tot represailles.”

Vergelding

“Dit soort horrorverhalen en klachten onthullen we omdat er voor slachtoffers geen veilige plek is om naartoe te gaan.” Slachtoffers zouden ernstige vergelding riskeren als ze formele of juridische stappen ondernemen om misstanden te melden. “Kijk naar de vernedering en afwijzing die Schmitt te verduren kreeg. Door de macht van Artforum heeft de industrie haar de rug toegekeerd, waardoor ze uitgesloten wordt van belangrijke evenementen en haar werk niet langer kan uitvoeren.”

De beheerders erkennen dat de anonieme aard van hun verhalen de geloofwaardigheid van de pagina zou kunnen aantasten. Maar dat doet volgens hen niets af aan de juistheid van hun berichten. “Iedereen die veel tijd in kunstgalerijen heeft doorgebracht weet dat we de waarheid vertellen, het maakt ons dus niet uit wat mensen te zeggen hebben.”

Als gevolg van publicaties op Cancel Art Galleries zijn een aantal galeries stagiaires wél gaan betalen, stellen de beheerders. “Ook hebben galeries hun website veranderd om hun racisme te verbergen, het is lachwekkend.”

Strafrechtelijke consequenties

In Nederland is een vergelijkbaar Instagramaccount ontstaan. Call out Dutch art institutions is in november aangemaakt naar aanleiding van een artikel in NRC over beeldend kunstenaar Julian Andeweg, die meermaals werd beschuldigd van seksueel grensoverschrijdend gedrag. De beheerder van het account gaf echter aan dat het aantal berichten niet te overzien was en dat er vrees was voor strafrechtelijk optreden, waardoor de pagina verwijderd is.  

Volgens Anne de Hingh, docent Internetrecht aan de Vrije Universiteit, kunnen er inderdaad strafrechtelijke consequenties ontstaan als een persoon met naam of toenaam wordt beschuldigd. “Zulke pagina’s overleven het in de Verenigde Staten sneller omdat zij een veel ruimer begrip van vrijheid van meningsuiting hanteren dan wij. Online mugshots zijn een typisch Amerikaans verschijnsel.”

“In Europa wordt de vrijheid van meningsuiting juist heel duidelijk begrensd door uitspraken die bijvoorbeeld de eer, de goede naam of de reputatie van iemand anders kunnen aantasten.” Degene die met naam en toenaam op zo’n Instagramaccount wordt genoemd kan aangifte doen van laster, smaadschrift of belediging. Volgens De Hingh is het vervolgens aan de autoriteiten om vast te stellen of iemand schuldig is aan die gedragingen.

Er vindt geen hoor en wederhoor plaats bij een pagina waar je veel bagger op kunt zetten

Shaming en wraakporno

“De meest logische weg voor een slachtoffer is om aangifte te doen bij de politie of om bij de eigen instelling een klacht in te dienen,” zegt De Hingh. Toch ontstaan zulke pagina’s juist omdat slachtoffers zich niet gehoord voelen wanneer ze formele stappen ondernemen. De Hingh beaamt dat slachtoffers met lege handen staan als de politie weinig kan met de aanklacht of een instelling te huiverig is om een melding te onderzoeken. Maar het noemen van een paar namen op een pagina, waarna mensen worden geschorst en de pagina verdwijnt, is voor haar geen structurele oplossing van het probleem.

“Het ironische is dat we niet willen dat er websites zijn waar vrouwen het slachtoffer worden van shaming en wraakporno, maar in het omgekeerde geval zouden we het wel goedkeuren, dat is gek,’’ zegt De Hingh. “Als slachtoffers via zo’n pagina met lotgenoten contact zouden willen hebben, dan is het zinvol, maar om vermeende daders op te pakken is het principieel onjuist.”

Volgens De Hingh is de situatie anders als er met gebruik van journalistieke normen een artikel gepubliceerd wordt over dit soort praktijken. “Het stuk van NRC bijvoorbeeld over Andeweg kun je ook trial by media noemen, maar dan vindt er als het goed is wel hoor en wederhoor plaats. Dat is anders bij een pagina waar je veel bagger op kunt zetten.”

Galeries verbieden

Ook de beheerders van Cancel Art Galleries vinden dat hun Instagramaccount geen duurzame oplossing is. Daarom komen zij met een extremer voorstel: galeries verbieden. De zaak van Andeweg laat volgens hen heel duidelijk zien wat de gevaren zijn van galeriehouders die kunstenaars een podium blijven verstrekken bij ongepast gedrag.

“Galeries kunnen niet van binnenuit worden veranderd. Ze zijn immers inherent kapitalistisch, wit, hiërarchisch en aan sociale constructen onderhevig. Daarom moeten ze verdwijnen, zodat er nieuwe vormen van kunstvoorzieningen kunnen ontstaan.” Welke vormen dat precies zouden moeten zijn, blijft vooralsnog in het ongewisse.

De beheerders concluderen dat de kunstwereld zich moet gaan richten op het bevorderen van maatschappelijke doelen in plaats van kunstenaars die veel geld waard zijn. “Dat is ons doel en sociale media is een middel om dat te bereiken.”

Met medewerking van Wessel Wierda.


Steun ons!
Vond je dit een goede productie en wil je hier meer van zien? Steun deze redacteur met een kleine donatie voor een kop koffie (€ 2,50), een redactievergadering (€ 12,50) of een ander bedrag!