Ons klimaat verandert, de wereld moet mee veranderen

Beeld: Josien Beekers

Op 25 en 26 januari organiseerde Nederland de Climate Adaptation Summit over het veranderende klimaat en haar nasleep. Wat is er allemaal besproken? Redacteur Maurits van Egdom zocht het uit.

Voor lange tijd werd er gedacht dat de vermindering van de uitstoot van broeikasgassen genoeg was om eventuele klimaataanpassingen uit te sluiten, maar niets is minder waar. De gevolgen van de klimaatverandering worden steeds zichtbaarder voor de mens, de natuur en de maatschappij. De klimaatcrisis groeit met de dag en als de wereldtop niet snel ingrijpt, zullen de nadelige gevolgen niet te overzien zijn, constateerden klimaatonderzoekers. Regeringen, bedrijven en wereldleiders zien gelukkig steeds meer de urgentie van klimaataanpassingen. Sinds het klimaatakkoord van Parijs in 2015​ proberen ze de klimaatverandering enigszins te sussen en de oorzaken ervan te verminderen. Toch moeten ze heroverwegen hoe ze de wereld op de lange termijn kunnen beschermen.

De klimaatverandering brengt steeds meer mensen in de problemen, met alle gevolgen van dien, wat nieuwe uitdagingen met zich meebrengt. De wereld wordt dagelijks geconfronteerd met extreme omstandigheden. Hoe kunnen we de klimaatverandering afremmen, maar tegelijkertijd ook voorkomen? Deze urgente en complexe vraagstukken werden tijdens de klimaattop behandeld, waaraan tientallen wereldleiders van landen als Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk, Duitsland, China en India meededen. Ook Eurocommissaris Frans Timmermans, de uitvoerder van de Europese Green Deal, Bill Gates en IMF-directeur Kristalina Georgieva deden mee aan de klimaattop. Deze belangrijke spelers kwamen bijeen om een belangrijk plan te lanceren: de Adaptation Action Agenda, waarin allerlei maatregelen staan ‘die de aanpassingen aan het veranderende klimaat de komende tien jaar doen versnellen’.  

Ze zijn het erover eens: de klimaatgeschiedenis mag zich niet herhalen.

Het zuidelijke deel van de Sahara kampte afgelopen jaar met acute voedselproblemen, waardoor ruim 670 miljoen mensen aan een voedseltekort leden

Omgaan met de gevolgen van klimaatverandering 

De wereld moet continu meeveranderen met het klimaat. Dit wordt ook wel klimaatadaptatie​ genoemd. Zo moeten onder meer bestaande dijken verder omhoog, omdat de zeespiegel nog sneller stijgt dan de klimaatonderzoekers voorheen dachten. Ook staat het​ aanleggen van groene infrastructuur op de lijst, zodat meer mensen toegang krijgen tot schoon (drink)water en energie, om vervoersverbindingen te verbeteren en stormvloedkeringen aan te leggen.  

Een ander belangrijk punt is dat boeren andere zaden moeten gebruiken in de landbouw, omdat oogsten mislukken door toenemende droogte. Ook worden er wereldwijd allerlei boeren en kleine boerenbedrijfjes opgeleid en voorbereid op de komst van zilte landbouw en vitale landbouw. Voor de wereldwijde voedselzekerheid zijn deze ingrepen in de nabije toekomst ontzettend belangrijk. Het zuidelijke deel van de Sahara kampte bijvoorbeeld afgelopen jaar met acute voedselproblemen, omdat het werd geconfronteerd met extreme en langdurige droogte, waardoor ruim 670 miljoen mensen aan een voedseltekort leden. Met andere woorden: meer dan de helft van de Afrikaanse bevolking kon niet rekenen op voldoende gezonde voeding.  

Steeds meer landen zijn geïnteresseerd in de expertise van ons land

Nederland als exportproduct

De wereld kampt momenteel met overstromingen en een versnelde zeespiegelstijging, een probleem dat tijdens de klimaattop goed naar voren kwam. “Water is overal om ons heen,” aldus GCA-directeur Patrick Verkooijen, “maar te veel water kan bedreigend worden.” Aan de andere kant speelt droogte ook een cruciale rol, omdat de opwarming van de aarde en de falende systemen voor waterberging leiden tot een watertekort. Het mes snijdt aan twee kanten, want hoe zorgen we ervoor dat het water terechtkomt waar dat het hardst nodig is, maar tegelijkertijd ook wordt tegengehouden om overstromingen te voorkomen? 

Nederland is een van de pioniers als het gaat om watermanagement. Het land speelt daarom een grote en belangrijke rol, waarmee klimaatadaptatie een ‘exportproduct’ wordt. Steeds meer landen zijn geïnteresseerd in de expertise van ons land. Zo stuurde CAS bijvoorbeeld een team van Rijkswaterstaat naar Bangladesh om te praten over het Deltaprogramma,​ zodat ze zich daar beter kunnen voorbereiden op toekomstige overstromingen. Ook worden er Nederlandse kenniscentra opgericht om kennis te delen in landen waar landbouw nauwelijks meer mogelijk is, zoals in Egypte en Pakistan. In die landen worden er op demonstratievelden allerlei proeven uitgevoerd met gewassen om te zien welke rassen perspectief bieden als de bodem verzout. 

Door de verzilting van landbouwgrond komt er minder zoet water binnen, waardoor landen steeds meer last krijgen van zout water in de bodem. Vanwege dit probleem wordt er wereldwijd geëxperimenteerd met zilte landbouw en zilte teelten, waaronder ook op grote schaal in Nederland. Nederland is zich ervan bewust dat het ook noodzakelijk is om de wereldwijde landbouw voor te bereiden op een zeespiegelstijging. Veel landbouwgewassen van nu zijn gevoelig voor zout water. Voor gras, suikerbieten, aardappelen, koolzaad, snijmaïs en spelt is die gevoeligheid minder, omdat zij het meest bestendig zijn tegen het hoge chloridegehalte in de grond.  

Geld als vaccin voor het klimaatprobleem 

Tijdens de klimaattop kwam naar voren dat de Verenigde Staten binnen anderhalf jaar 320 miljard heeft uitgegeven om de ravages van vier orkanen op te ruimen. “We hebben een punt​ bereikt waarop het een absoluut feit is dat het goedkoper is om te investeren in het voorkomen, of in ieder geval het minimaliseren, van schade, dan het opruimen van die schade,” aldus topklimaatgezant John Kerry tijdens zijn toespraak.  

Amerika’s bijdrage aan het veranderende klimaat is een topprioriteit​ voor de nieuwe Amerikaanse president Joe Biden geworden. Een belangrijk moment, omdat de Verenigde Staten, samen met China en de Europese Unie, het klimaatblok van de wereld vormden. Oftewel: de wereld heeft de Verenigde Staten hard nodig in de strijd tegen klimaatverandering. Maar om deze strijd te bewerkstelligen, moet er eerst structureel geld worden vrijgemaakt.  

Op vrijdag 22 januari 2021, een paar dagen voor de conferentie, lanceerde het Global Center​ on Adaptation​ (GCA) het State and Trends in Adaptation Report 2020, waarin staat dat er meer geld nodig is om landen en gemeenschappen aan te passen en voor te bereiden op de gevolgen van een opwarmende planeet. Om de klimaatadaptatie enigszins te kunnen financieren, moet er maximaal 300 miljard dollar per jaar worden vrijgemaakt. “Elke dollar, pond, of euro die wordt geïnvesteerd in klimaatbestendige infrastructuur, vroegtijdige waarschuwingssystemen voor extreem weer, of het herstellen van mangrovebossen, levert een hoger investeringsrendement op dan de kosten,” aldus GCA-directeur Patrick Verkooijen aan de NOS. Met dat in het achterhoofd begint het GCA zijn missie: klimaatfinanciering voor ontwikkelingslanden verzorgen om klimaatadaptatie te implementeren en op te schalen.  

Opkomende en ontwikkelingslanden zijn het minst voorbereid op de komst van het coronavirus, net zoals ze het meest kwetsbaar zijn voor de effecten van klimaatverandering

Afrika als boegbeeld  

De versnelling van klimaatadaptatie in Afrika – een continent dat in de ‘frontlinie’ ligt van klimaatverandering – is de belangrijkste uitdaging tijdens de CAS-klimaattop. Volgens de Intergovernmental Panel on Climate Change​ (IPCC) wordt het continent in de 21e eeuw zwaar getroffen, waardoor bestaande spanningen rondom voedselzekerheid, economische groei en watervoorziening nog groter worden. Terwijl het continent, in tegenstelling tot rijke, geïndustrialiseerde landen en opkomende economieën zoals Brazilië, China en India, het minst heeft bijgedragen aan de uitstoot van broeikasgassen. Een oneerlijke strijd. 

Daarnaast heeft het continent nog een probleem. Het beschikt niet over duurzame watervoorzieningen, adequate waarschuwingssystemen en resistente gewassen. Het kost Afrikaanse gemeenschappen vaak te veel geld om hiervoor de juiste apparatuur te vinden. Ze hebben de innovatieve technologieën die hiervoor nodig zijn simpelweg niet tot hun beschikking.  

“Als het coronavirus een gedeelde globale uitdaging is, dan is het ook onze taak om veerkracht op te bouwen tegen toekomstige schokken. Opkomende en ontwikkelingslanden zijn het minst voorbereid op de komst van het coronavirus, net zoals ze het meest kwetsbaar zijn voor de effecten van klimaatverandering,” aldus oud-secretaris-generaal van de Verenigde Naties Ban Ki-moon die actief betrokken is bij het GCA.  

Aangezien het doel van de klimaattop is om ervaringen, kennis en steun uit te wisselen, maar ook om ontwikkelingslanden een stem te geven, is het van cruciaal belang om samen te werken. Om het klimaatblok de komende tien jaar te verstevigen, zijn alle landen en mensen nodig, op technologisch, financieel, innovatief en fysiek vlak. Want wie betaalt uiteindelijk de rekening als het allemaal misgaat?


Steun ons!
Vond je dit een goede productie en wil je hier meer van zien? Steun deze redacteur met een kleine donatie voor een kop koffie (€ 2,50), een redactievergadering (€ 12,50) of een ander bedrag!