Van zuipende student naar (top)sporter

Beeld links: privéfoto. Beeld rechts: Pepe van de Kerkhof. Beeldredactie: Berend van der Hijden.

 Hoe is het om te transformeren van luie, zuipende student naar fanatiek sporter? Redacteur Roos Post zocht het uit. 

Je zou Tom Oosterdijk (27) kunnen kennen van het programma Kamp van Koningsbrugge, waarin vijftien ‘gewone Nederlanders’ worden klaargestoomd voor de opleiding tot de speciale eenheid van defensie. Althans, als ze het tot de laatste aflevering weten te schoppen. In het programma is Oosterdijks fanatisme goed te zien. “Als ik iets doe, doe ik het goed.” 

Professioneel triatleet 

Zo ook tijdens zijn studententijd in Leiden. Oosterdijk: “Ik was jarenlang bijna elke dag van de week te vinden op de borrels van mijn studentenvereniging. Ik heb extreem genoten van mijn tijd daar, en ben toen ook wel flink wat kilo’s aangekomen.” In zijn laatste studiejaar besluit hij dat het tijd is voor een frisse start. Dat begint voor hem met een gezondere leefstijl – en daar hoort beweging natuurlijk bij. Tot zijn vijftiende deed Oosterdijk aan atletiek op landelijk niveau, dus de liefde voor sporten zat er al in. 

‘Ik kan nog zo lang met mijn wettenbundels achter een bureau zitten. Maar de keuze om topsporter te worden, kan ik nooit meer maken’

Hij schrijft zich in voor een halve triatlon, want ‘met een halve marathon maak ik mezelf er te makkelijk van af’. Die eerste sportieve uitdaging smaakt naar meer. Oosterdijk, inmiddels lid van een triatlonvereniging in Den Haag, traint een jaar lang fanatiek voor de Maastrichtse Ironman: 3,86 kilometer zwemmen, 180,2 kilometer fietsen en 42,195 kilometer rennen. Hij zet daar, naar eigen zeggen, een ‘fenomenale tijd’ van 9 uur en 14 minuten neer. 

Dan valt bij hem het kwartje: “Dit ligt mij, ik heb er talent voor en het zou eeuwig zonde zijn als ik hier niks mee zou doen.” Hij heeft zijn master fiscaal recht inmiddels op zak, en besluit voor de sport te kiezen. “Ik kan nog zo lang met mijn wettenbundels achter een bureau zitten. Maar de keuze om topsporter te worden, kan ik nooit meer maken,” aldus Oosterdijk. Inmiddels heeft hij zijn licentie op zak; hij mag zichzelf nu professioneel triatleet noemen. Momenteel traint hij voor het WK Triatlon in 2021 in Almere. 

100 kilometer roeien 

Evelien van Leeuwen (25) besloot in haar eerste studiejaar lid te worden van roeivereniging Triton in Utrecht, maar van roeien kwam weinig terecht. “Met Dames 14 trainden we wel af en toe, maar we waren vooral fanatiek met borrelen op de maandag- en woensdagavond,” lacht Van Leeuwen. 

In het derde jaar bij Triton besluit ze om, samen met zeven andere roeiers en een stuurvrouw, mee te doen aan de Parthenon-EY Ringvaart Regatta, onder roeiers simpelweg bekend als ‘de Ringvaart’. Deze 100-kilometer lange tocht begint in Leiden en eindigt uiteindelijk – voor de roeiploeg van Van Leeuwen 11,5 uur later – in Delft. “Voor die tocht moesten we best hard trainen, zeker in de laatste weken voor de wedstrijd,” aldus Van Leeuwen. Het zaadje voor het fanatieke sporten, werd hier geplant. 

Evelien van Leeuwen. Foto: Michiel Maas.

Haar vriend Folkert Attema is een van Frieslands beste wedstrijdzeilers – dus wat wil je. “We hebben samen heel veel wedstrijden gezeild, en ook goed gepresteerd,” vertelt Van Leeuwen. Zo won het stel – dat elkaar leerde kennen op Zeilschool It Beaken in Heeg – Sneekweek 2018 en werden ze in datzelfde jaar Nederlands Kampioen in de randmeer (een bepaald type zeilboot, red.). Sowieso is haar vriend een grote stimulator op sportgebied: “Hardlopen doe ik al heel lang, maar sinds ik een relatie met Folkert heb, veel serieuzer. Hij kan mij ook ‘hazen’ bij wedstrijden, dat heeft weleens bijgedragen aan een podiumplek.”

‘Als iemand mij tijdens mijn studententijd had gezegd dat ik nu elke zaterdagochtend om 7.00 uur in het zwembad zou liggen, had ik je niet geloofd’

Dat Van Leeuwen veel meer en fanatieker ging sporten, was vooral vanwege de persoonlijke uitdaging. “Daarnaast heb ik veel energie, die ik overdag tijdens mijn werk niet goed kwijt kan. Ik doe promotieonderzoek bij het UMC Utrecht, waarbij ik veel uren zittend achter de computer doorbreng. Even naar buiten om een rondje te hardlopen, helpt me mijn gedachten te resetten.”

Inmiddels is Van Leeuwen lid van Hellas Triatlon. Ze lacht: “Als iemand mij tijdens mijn studententijd had gezegd dat ik elke zaterdagochtend om 7.00 uur in het zwembad zou liggen voor een training, had ik je waarschijnlijk niet geloofd.” Afgelopen jaar deed Van Leeuwen al mee aan twee sprinttriatlons.

Haar doel voor aankomend jaar? Meedoen met de halve Ironman in Maastricht. “En mijn grootste sportdoel, mag dat dan ook in de verre toekomst liggen? Ik zou wel willen meedoen aan het WK Triatlon als ‘agegrouper’, zo heet de categorie voor de niet-profs.” 

Less is more

Volgens Frank Backx, sportarts en hoogleraar sportgeneeskunde in het UMC Utrecht , draait het qua sporten allemaal om balans. “Als je een twintiger bent, kan je lichaam veel hebben,” zegt hij. “Je hart en longen kunnen het vele sporten zeker aan. Maar je stofwisseling moet zich aanpassen, en je spieren en gewrichten moeten het wel aankunnen. Als je bewegingsapparaat gaat protesteren, krijg je last van blessures.”

‘Too much too soon is wat we vaak zien bij jonge sporters’

Om dit te voorkomen, is een rustige opbouw van groot belang, aldus Backx. “Less is more. Een gevaar is dat sporters gaan overbelasten en overtrainen. Als je besluit meer en fanatieker te gaan sporten, doe dit dan op een verantwoorde manier en bouw je trainingsschema rustig op. Too much too soon is wat we vaak zien bij jonge sporters.”

Backx en zijn collega’s vragen hun patiënten vaak: wat is de reden dat je ineens fanatiek wil gaan sporten? Soms is dat een externe drive, zoals een halve marathon willen lopen omdat vrienden dat ook gaan doen. We zien dat mensen dan sneller over hun grenzen gaan. Intrinsieke motivatie is beter: mensen willen bijvoorbeeld afvallen, zich fitter voelen of hun conditie opbouwen. Dan sporten ze echt voor zichzelf.

Dat geldt ook voor Steven Merkens (27) uit Rotterdam. “Sporten werkt voor mij als meditatie. Soms vragen mensen of ik me verveel tijdens al die lange fietsritten, eindeloze rondjes of honderden baantjes. Maar meestal denk ik aan niks. Ik ontsnap aan de drukte van het dagelijks leven. Soms denk ik aan werk of studie, soms aan het weer, soms geniet ik van de omgeving en soms tel ik de seconden af. Maar als ik thuis kom, is mijn hoofd weer leeg.”

Steven Merkens.

Fietsen naar Spanje

Als scholier hockeyde Merkens vijf keer per week in de reserve-hoofdklasse van Voordaan, maar toen hij ging studeren, veranderde zijn leven aardig. “Twee jaar lang draaide mijn leven om lange avonden in de kroeg en studeren in de bieb.” 

Tot hij aan het eind van zijn derde studiejaar meegaat op de lustrumreis van zijn studentenvereniging: in vier weken tijd op de fiets van Rotterdam naar Spanje. “Toen bleek dat ik talent had voor fietsen. In die tijd begon ik weer wat meer regelmaat in mijn leven te krijgen, en daarbij zocht ik naar nieuwe uitdagingen.” 

Een logische volgende stap voor Merkens: de marathon. Toen hij die wist te rennen in een tijd van 3.02.27 – voor Merkens een teleurstelling, want hij had ‘m liever onder de drie uur gelopen – was het tijd voor een nieuwe uitdaging: de hele triatlon. Het plan? Zeven maanden lang, zeven trainingen per week. “Helaas gooide corona roet in het eten, de Ironman in Kopenhagen werd afgelast. Toen heb ik maar samen met mijn vader onze eigen triatlon rondom Utrecht uitgezet.” Nu traint Merkens voor de Ironman in Tallinn, in augustus 2021. 

Zijn gouden tip? “Blijf sporten voor je plezier. Hard werken wordt beloond. Ook brak sporten en het alcohol van de avond ervoor uitzweten, hoort er soms bij. Ik denk altijd maar: sweat is when fat is crying.

Met dank aan Juliët Boogaard.

Steun ons!
Onze studenten dragen vrijwillig bij aan Red Pers. Vond je dit een goede productie? Sponsor dan onze koffie (€ 2,50), redactievergadering (€ 10,-) of grotere investering. Dankjewel!

Roos Post