De gewonnen strijd om de Amsterdamse binnenstad

Illustratie: Roos Vervelde

De plannen voor onder meer een vierbaansweg en een metro dwars door de binnenstad van Amsterdam, leverden in de jaren zestig en zeventig een enorme strijd op tussen het gemeentebestuur en Amsterdammers. Redacteur Patrick Karg dook de archieven in voor een reconstructie.

Het is november 1970 als in het Amsterdams Historisch Museum een tentoonstelling te zien is over de vernieuwing in de binnenstad, of nog specifieker: de Nieuwmarktbuurt. Op verschillende tekeningen, maquettes en gemanipuleerde foto’s kunnen Amsterdammers zien hoe architecten door de jaren heen hun ideeën voor de buurt hebben vereeuwigd. Van gedempte grachten tot vierbaanswegen en van kantoorgebouwen tot de metro. Op dat moment is de Oostlijn al in aanbouw en wordt het pad dat de metro onder de Nieuwmarktbuurt moet afleggen, bovengronds steeds zichtbaarder.

Rijp voor de sloop

Nederland had vanaf de jaren vijftig te maken met een periode van wederopbouw. De oorlog had zijn sporen nagelaten, zeker in de Joodse volkswijk die de Nieuwmarktbuurt van oudsher was. Lege gaten waar ooit panden stonden en verlaten woningen domineerden het straatbeeld. De gemeente kwam met een antwoord: het in 1953 gepresenteerde Wederopbouwplan Nieuwmarkt stelde dat panden die in slechte toestand verkeerden, moesten worden gesloopt. De auto moest daarnaast meer ruimte krijgen en ook de vestiging van nieuwe bedrijven moest de buurt goed doen. In de jaren erna wordt onderzoek gedaan naar de aanleg van een metrolijn die door de buurt moest lopen.

Het oorspronkelijke plan wordt slecht ontvangen door de organisaties die inzage krijgen. Zij spreken van ‘onherstelbare schade’ aan de buurt en pleiten voor renovatie in plaats van sloop, ook omdat de gemeente van plan is het iconische stratenplan dat de eeuwenoude stad zo kenmerkt op de schop te halen. Na de kritiek laat de gemeente weten dat het bezwaarschrift te laat werd ingediend en neemt deze daarom niet in behandeling.

Beeld: Amsterdam Museum. Geïnteresseerden nemen een kijkje bij de net geopende tentoonstelling over de Nieuwmarkt. (Amsterdam, 1970)

Het duurt nog jaren voor er iets wezenlijks gebeurt in de buurt. Het plan gaat langs allerlei overheidswegen en architecten die verschillende aanpassingen laten doen. Ondertussen verslechtert de buurt en neemt de kritiek op de aanstaande plannen toe.

Het is een tijd waarin Nieuwmarktbewoonster Lydia Boerhof (61) opgroeit. “Er heerste veel boosheid omdat er niets werd gedaan tegen al die leegstaande panden. De mensen waren allemaal erg betrokken.” Toen de gemeente overging tot onteigening om woningen te kunnen slopen, ontstond er volgens Boerhof een soort gemeenschapsgevoel. “Wij vonden dat ze van de Nieuwmarkt af moesten blijven. Als er dan weer mensen hun huis uit moesten die er al heel lang woonden, leefden we enorm mee.” 

Beeld: Amsterdam Museum. Het herziende bestemmingsplan uit 1970, met een vierbaansweg op het tracé van de metro.

Het verzet

De weerstand kwam niet alleen vanuit de buurt. Oud-politici, monumentenorganisaties en andere Amsterdammers wisten in 1967 met een wervende reclamecampagne 114.000 handtekeningen te verzamelen. Een aantal ondertekenaars was geen onbekende: onder anderen Sonja Barend, Mies Bouwman, Harry Mulisch, Wim Kan en Annie M.G. Schmidt lieten van zich horen. Wanneer ook ondernemers weigerden te vertrekken uit de buurt en krakers de buurt steeds meer opeisten, moest de sloop een tijd worden gestaakt. De gemeente zag in dat het geen gemakkelijke klus zou worden en moest met een reactie komen op het verzet. Uiteindelijk werd een streep gezet door de sloop van monumenten.

Dat opende de deur voor een ander soort verzet. Kunsthistoricus Geurt Brinkgreve was net uit de politiek gestapt als raadslid bij de Katholieke Volkspartij, waar hij met collega’s vaak in de clinch lag over plannen voor de Nieuwmarktbuurt. Hij begon zich op een andere manier hard te maken voor monumentbehoud en richtte met enkele zielsverwanten zijn pijlen op Huis de Pinto. Het pand in de Antonie Breestraat stond – letterlijk – in de weg van de gemeentelijke verkeersplannen. Huidig bestuursvoorzitter van het pand Hans van Lent vertelt over de gebeurtenissen. “De vierbaansweg is mede daardoor in 1972 in de gemeenteraad afgestemd met maar één stem verschil. Toen was in feite de weg vrij om Huis de Pinto te restaureren.” 

Bouwen voor de buurt

Hoewel de weg er niet kwam, werd de sfeer in de buurt steeds grimmiger. De metroplannen zouden nog altijd doorgang vinden. Confrontaties tussen krakers en de politie kwamen steeds vaker voor. Lydia Boerhof herinnert zich de periode nog goed. “Het was een soort saamhorigheid. Met z’n allen tegen de politie lopen schreeuwen dat het allemaal niet kon wat ze deden.” Uiteindelijk, in 1975, manifesteert de woede tegen de beleidsmakers zich in wat later bekend zou staan als de ‘Nieuwmarktrellen’. “De restauratie van Huis de Pinto was in die tijd voltooid,” herinnert van Lent zich. “De bouwvakkers die het Huis net hadden gerestaureerd, stonden over de dakgoot naar beneden te kijken hoe die rellen zich afspeelden. Dat was wel een grappig gezicht.” 

De metrolijn werd in 1978 alsnog een feit, maar de inzet van figuren als Brinkgreve en het sterke sentiment dat onder de Amsterdammers leefde, heeft uiteindelijk zijn weerslag gehad op beleidsmakers. Inmiddels was besloten om het unieke stratenplan van de Nieuwmarktbuurt intact te laten. ‘Bouwen voor de buurt’, met veel sociale huurwoningen, werd voortaan het adagium. De strijd om de binnenstad zette het denken over stadsontwikkeling op scherp en veranderde dit voorgoed. Niet alleen in de hoofdstad, maar ook ver daarbuiten.

Met medewerking van Roos Post.

Steun ons!
Onze studenten dragen vrijwillig bij aan Red Pers. Vond je dit een goede productie? Sponsor dan onze koffie (€ 2,50), redactievergadering (€ 10,-) of grotere investering. Dankjewel!

Patrick Karg