Antiracismeprotest in Utrecht: ‘Dit is hoe wij Nederland willen zien’

Beeld: Roos Post

De antiracismeprotesten, naar aanleiding van de dood van de zwarte Amerikaan George Floyd door politiegeweld, verspreiden zich over de wereld. Ook in Utrecht werd afgelopen vrijdag gedemonstreerd. ‘Mensen zijn blij dat ze hun stem kunnen laten horen.

Het is maandagochtend in een stil Utrecht. Winkels zijn nog gesloten, cafés openen langzaam hun deuren. Een zonnetje breekt door het wolkendek. Op de Vismarkt ligt een groot kartonnen bord met de inmiddels welbekende woorden ‘black lives matter’. Geschreven in zwart, onderstreept met oranje stift.

Het bord is een overblijfsel van de grote demonstratie die de vrijdag ervoor plaatsvond in de Domstad. Op het Jaarbeursplein verzamelden ruim 3.500 mensen zich, om hun stem te laten horen. Aan de rand van het plein stonden nog tientallen mensen die het terrein niet meer op mochten. Grote schermen riepen op om naar huis te gaan – ‘het plein is vol, volg de demonstratie online.’

‘Ik voelde zoveel kracht en verbondenheid met de mensen om mij heen’

Wit privilege

Op de demonstratie hield een 13-jarig meisje een kartonnen bord boven haar hoofd met de tekst ‘I am only 13 and I understand how stupid racism is!’ Trots zegt ze: “Ik sta hier als jonge generatie. Ik vind dat het niet uit moet maken hoe je geboren wordt, ik vind dat iedereen gelijk is.”

Het bord dat maandagochtend op de Vismarkt achterbleef.

Ook Leoni Pirenne (23) was bij de demonstratie aanwezig. “Ik vind het belangrijk om als wit persoon te laten zien dat ik ook meedoe met de strijd,” zegt zij. Volgens haar is racisme niet alleen een probleem van zwarte mensen, maar een probleem van ons allemaal. “Witte mensen houden het racistische systeem in stand. Het is belangrijk dat we ons bewust worden van ons witte privilege.”

‘Het viel me op dat er veel verschillende typen bezoekers waren: jong en oud, mensen van allerlei afkomsten’

Pirenne stond vooraan en was vooral onder de indruk van de woorden van organisator Leroy Lucas, die ook voorzitter is van Stichting Keti Koti in Utrecht. Lucas sprak de menigte toe: “Kijk eens om je heen naar al die verschillende kleuren. Dit is hoe wij Nederland willen zien!” Die woorden raakten Pirenni. “Op dat moment voelde ik zoveel kracht en verbondenheid met de mensen om mij heen.”

De dag na de demonstratie plaatste Lucas een foto van een overvol Jaarbeursplein op zijn Facebook, waarop te zien was dat iedereen keurig anderhalve meter afstand hanteerde. Lucas schreef bij de foto: “Utrecht, ik ben trots op jullie, trots op wat we hebben laten zien en hebben neergezet. […] Wij hebben laten zien dat we ons niet gek laten maken. We zijn beter dan dat. Ik kom met liefde en hoop voor een betere toekomst en die liefde en hoop kreeg ik terug.” In een interview met RTV Utrecht zei hij dat de demonstratie hard nodig was – hij merkt dat mensen kwaad en ontevreden zijn.

‘Toen ik in mijn studententijd als ober werkte, zei een collega tegen me: jij bent de eerste fijne donkere jongen die ik leer kennen’

Ook Natalja Macnack van Tori Oso Utrecht – een van de organiserende partijen van de demonstratie, ‘praathuis Utrecht’ in het Surinaams – beaamt het belang van het protest. “Veel mensen die geweest zijn, vonden het fijn dat ze op die manier hebben kunnen bijdragen, dat ze hun stem konden laten horen.” Het voornaamste doel van het protest is volgens haar awareness: bewustzijn creëren. “Het viel me op dat er veel verschillende typen bezoekers waren: jong en oud, mensen van allerlei afkomsten.”

De enige donkere in de kamer

Jacques Werner (29) heeft een Nederlandse vader en een Keniaanse moeder. Hij groeide deels op in Kenia, maar woont inmiddels al bijna tien jaar in Utrecht. Hij stond vrijdag ook tussen de demonstranten. “Heel eerlijk gezegd: als een vriendin me niet had meegevraagd, was ik niet gegaan.” Hij vond de energie en de sfeer tijdens het protest ‘matig’. “Ik vond het beschaafd.” Waarom is hij dan toch gegaan? “Ik besef maar al te goed dat ik een verantwoordelijkheid heb om van me te laten horen. Niets doen en niets zeggen, dat is geen optie meer.”

Vaker dan hij zich aanvankelijk realiseerde, heeft Werner vervelende ervaringen gehad. “Ik ben in Nederland zo vaak de enige donkere persoon in de ruimte, dat het me niet eens meer opvalt. Toch zijn er genoeg momenten geweest waarop ik anders behandeld werd dan mijn witte vrienden.” Het zit hem in de kleine opmerkingen van mensen. “Toen ik in mijn studententijd als ober werkte, zei een collega tegen me: ‘jij bent de eerste fijne donkere jongen die ik leer kennen’. Ik realiseerde me ook dat ik mezelf bijvoorbeeld heb aangeleerd om voorzichtig te zijn als ik ’s avonds met een hoodie aan over straat loop.”

Toch zou Werner niet willen zeggen dat hij Nederland racistisch vindt – in ieder geval niet vanuit zijn persoonlijke ervaringen. “Ik kom hier geen keihard racisme tegen. Wat me wel opvalt: we vinden ons hier zo open en tolerant, maar we willen ons niet aanpassen als het ergens wringt. Het is goed dat er nu geprotesteerd wordt. Anders gaan we op dezelfde voet verder, en zal er ook niks veranderen.”

Macnack van Tori Oso Utrecht hoopt dat, als al deze protesten weer zijn gaan liggen, de strijd doorgaat. “Hierna zal heus niet alles anders zijn, maar ik hoop wel dat het dingen sneller in gang zal zetten.” Ze hoopt vooral dat racisme beter bespreekbaar zal worden, en dat het daarna niet alleen bij woorden blijft. “Nu is het regelmatig nog een gevalletje: als we het er niet over hebben, dan is het er niet. Daar moet zeker verandering in komen.” Ze is vooral blij dat er veel jongeren deelnemen aan de protesten. “Dat is het allerbelangrijkst, want zij zijn de toekomst.”


Steun ons!
Onze studenten dragen vrijwillig bij aan Red Pers. Vond je dit een goede productie? Sponsor dan onze koffie (€ 2,50), redactievergadering (€ 10,-) of grotere investering. Dankjewel!

Roos Post