Moses Sumney duikt de diepte in met Græ

Beeld: Lotte Schuengel

Eens in de zoveel tijd verschijnt er een album dat je niet los kan zien van zijn context. Moses Sumney’s Græ is zo’n album. Het is een ambitieus project waarin Sumney ongefilterd en op zeer persoonlijke wijze de bouwstenen van zijn identiteit verkent, schrijft muziekrecensent Bram Emmer.

In tegenstelling tot zijn debuutplaat Aromanticism uit 2017, waarop Sumney nog veel stiltes liet vallen, is Græ compact en tot de nok toe gevuld met de wildste muzikale uitspattingen. In Sumney’s Spotify-biografie omschrijft hij Græ als een “bevestiging dat het ondefinieerbare nog bestaat en dat het een daad van verzet is om je hierin te bevinden.”

Dit maakt het voor mij als recensent lastig om over dit album te schrijven, omdat ik dan tegen Sumney’s boodschap in toch ga beschrijven en bekritiseren. Oeps. De enige manier om een mening over Græ te verkondigen zonder doof te lijken voor wat het album representeert is om het rechtstreeks de hemel in te prijzen. Maar ik ga toch een poging wagen om kritiek te leveren. Niet omdat het kan, maar omdat het moet.

Niet in een hokje te plaatsen

Maar niet meteen. Græ is namelijk heel erg sterk. Het is een Gesamtkunstwerk in de puurste zin; vorm en inhoud en tekst en context zijn in volledige balans. De opener ‘Insula’ is de eerste van de meerdere gesproken woord-nummers die ademruimte en conceptuele duidelijkheid bieden. De terugkerende mantra’s “Isolation comes from ‘insula’, which means island” en “I insist upon my right to be multiple” plaatsen de nummers binnen het grotere narratief. Sumney maakt duidelijk absoluut niet in een hokje geplaatst te willen worden, en maakt dit met opzet bijna onmogelijk door constant de muzikale grenzen op te zoeken.

Sumney lijkt soms te vergeten dat er geen rode stoelen omgedraaid hoeven te worden

Hierdoor kan Græ erg overweldigend zijn. Het dubbelalbum, van twintig nummers en 65 minuten, is bij de eerste keer luisteren lastig om doorheen te komen. Dit komt gedeeltelijk door Sumney’s talent om schijnbaar moeiteloos dwars door genre-definiërende barrières te knallen. Gesproken tekst, industriële hiphop, R&B, artrock en jazz worden op Græ gecombineerd, vaak binnen de nummers zelf. Op het imposante ‘Virile’ wordt de zachte troost van harpgeluiden naast industriële percussie en een harde bas gezet. “You want to fit right in / Amp up the masculine / You’ve got the wrong guy”, zingt Sumney conform het strijdplan. ‘Gagarin’ is een hypnotische combinatie van jazz en ambient synthesizers, en ‘Neither/Nor’ bevat Zuid-Amerikaanse ritmes en flamenco gitaren. En dit allemaal op de eerste helft van het album.

De zonde van overdaad

In de chaos zit dan ook de duidelijkste zwakte van het project. Sumney is een zeer capabele zanger, met een immens bereik en verschillende timbres tot zijn beschikking. Hij lijkt alleen soms te vergeten dat er geen rode stoelen omgedraaid hoeven te worden, en dat adlips en andere stemtrucjes ook afbreuk doen aan de kracht van de nummers. De sterrenrol op bijvoorbeeld ‘Keeps Me Alive’ is dan ook puur weggelegd voor zijn stembanden. Sumney zingt die drie woorden in een wel twintig noten tellende staccato melodie die doet denken aan een meer chaotische versie van Mozart’s ‘Queen of the Night’-aria. Genre-overstijgend, inderdaad, maar ook irritant om dezelfde reden dat we virtuoze twintig-noten-per-seconden-gitaarmuziek in de jaren ’80 hebben achtergelaten. 

Er zit een grens aan de melodische chaos die een menselijk oor kan verdragen

De oplettende luisteraar zal deze melodische onvatbaarheid zien als een toevoeging aan Græ’s narratief van ontsnappen aan definiëring door de buitenwereld. En daar zult u ook gelijk in hebben. Maar dit neemt niet weg dat er een grens zit aan de melodische chaos die een menselijk oor kan verdragen voordat een project zich schuldig maakt aan de muzikale zonde van overdaad. 

Græ is het mooist wanneer Sumney het simpeler durft te houden. Bijvoorbeeld in het introspectieve ‘Me in 20 Years’, waar Sumney zijn toekomstige zelf toezingt in een ballade waarin zijn magische stem wel volledig tot zijn recht komt. Met de zinnen “Will love let me down again?/ Oh no, no, it won’t get it” en een zanglijn die steeds omhoog kruipt tot een emotionele climax werkt Sumney toe naar een van Græ’s conclusies: “Have I become the cavity I feared?/ Ask me in twenty years”.

Græ is een lastig album. Dat is aan de ene kant vanwege de context en zwaarte van betekenis die er constant dik bovenop ligt, en aan de andere kant vanwege de muzikale losbandigheid en ongrijpbaarheid die helpt deze context over te brengen. Het is een album dat moeite kost en veel vraagt van de luisteraar. Zoals Sumney zelf zegt op also also also and and and’: “I am aware of my inherent multiplicity/ And anyone wishing to meaningfully engage with me or my work must be too. En dat is het uiteindelijk zeker waard.

Steun ons!
Onze studenten dragen vrijwillig bij aan Red Pers. Vond je dit een goede productie? Sponsor dan onze koffie (€ 2,50), redactievergadering (€ 10,-) of grotere investering. Dankjewel!

Bram Emmer