Waarom Wopke Hoekstra wél een lul is, en Arjen Lubach ook

De Eurogroep-ministers hebben eindelijk een akkoord over noodsteun voor de coronacrisis bereikt. Maar de Nederlanders aan de onderhandelingstafel schetsten vooral beelden van spilzieke Italianen en zuinige Hollanders. Onterecht, betoogt redacteur Piet Ruig.

Het is duidelijk dat social distancing-maatregelen Zondag met Lubach (ZML) zwaar vallen. Zonder studiopubliek dat de kijker duidelijk maakt dat er iets te lachen valt, is de kleuterhumor van Lubach en zijn bordkartonnen sidekick Tex niet meer te verbloemen. Ook inhoudelijk is de analyse van eurobonds en Europese economische solidariteit van een erbarmelijk niveau. Die gaat niet dieper dan stereotypes en onderbuikgevoelens. In een goedkope poging om kijkcijfers te scoren, bagatelliseert hij de catastrofale impact van corona en saboteert hij broodnodige inspanningen het virus te bestrijden.

ZML werd bekend om komische en spitsvondige analyses van het nieuws, maar het item over eurobonds combineert redactionele slordigheid en twijfelachtige stereotypes met een buitengewoon zwakke economische analyse. In het item gaat Lubach in tegen de ophef in (Zuid-)Europa over de Nederlandse weigering van gezamenlijke Europese financiering om de coronacrisis te bestrijden. Hij schetst een alarmerend beeld.  “De Italianen” worden neergezet als melodramatische heethoofden, die “ons”, de Nederlanders, onterecht van hardvochtigheid beschuldigen. Als “onze” Hoekstra dan als goedmakertje een miljard euro beschikbaar stelt, zijn die ondankbare Italianen ook nog eens ontevreden. Ze nemen enkel genoegen met eurobonds. Met deze gemeenschappelijke leningen kunnen ze namelijk op slinkse wijze de spaarzame Nederlandse belastingbetaler laten opdraaien voor de Italiaanse staatsschuld. Terwijl die gelato-eters vóór de coronacrisis telkens op spilzieke eurosceptici hebben gestemd, die bergen geld verkwist hebben.

Zwartmakerij

Afgezien van de stereotypes over het Mediterrane temperament, de misplaatste Italiaanse accenten en de flauwe onderbroekenhumor, is het item een kwalijke misrepresentatie van de Europese Noord/Zuid-verhoudingen en de diepte van de coronacrisis.

Ten eerste lijkt de redactie van ZML zich niet te realiseren dat de coronapandemie net zozeer een economische als een gezondheidscrisis is. Lubach vindt het logisch dat Nederland helpt bij het “blussen van de coronabrand”, maar wil niet dat we “de hypotheek overnemen”. Hij lijkt echter niet te begrijpen dat corona de Italiaanse economie in de afgrond stort: de lockdown zal volgens sommige voorspellingen een krimp van meer dan tien procent van het totale bnp veroorzaken. De overheid moet miljarden uitgeven om massale faillissementen en werkloosheid te voorkomen en vraagt daarom steun bij de EU.

Wat ga je doen met een ijsje van zestien euro als je al een maand geen werk hebt? 

Afgezien van de vraag of Nederland hieraan moet bijdragen, is het dus onterecht om te doen alsof coronabestrijding niets met overheidsfinanciën te maken heeft. Vergeleken met deze astronomische bedragen is het miljardje van Hoekstra dus een schijntje, al helemaal omdat het enkel aan medische kosten uitgegeven mag worden. Lubach rekende uit dat voor dat miljard elke Italiaan een ijsje van zestien euro kan kopen. Om in Lubachs vergelijkingen te spreken: wat ga je doen met een ijsje van zestien euro als je al een maand geen werk hebt? 

Ook is ZML’s karakterisering van de Italiaanse regeringsleiders als hypocriete eurofoben buitengewoon misleidend. Lubach gebruikt namelijk quotes van een ándere politicus en een ándere partij uit een ándere regering om de huidige Italiaanse overheid zwart te maken. Lubachs video impliceert dat Luigi di Maio, minister van Financiën van de Vijfsterrenbeweging (M5S), erop uit is de euro kapot te maken en de EU haat. Maar het materiaal dat ZML gebruikt is van de extreemrechtse Lega del Nord en hun leider Salvini, voormalig coalitiegenoot van de M5S. Voor de duidelijkheid: dat is alsof je clipjes van de PVV gebruikt om het CDA of de VVD te belasteren. Bovendien onderging M5S in 2019 een ingrijpende koersverandering door samen met de sociaaldemocraten de huidige pro-Europese regering Conte-II te vormen. Dit is of ontzettend slordig redactiewerk of een buitengewoon schandalige en moedwillige verdraaiing.  

Cliché

Deze misrepresentaties worden gebruikt als bouwstenen voor een nog fundamentelere misvatting. ZML haalt een oud Europees stereotype van stal, over het spilzieke zuiden tegenover het hardwerkende noorden. Het cliché, tot in den treure gebezigd tijdens de Eurocrisis in Griekenland, wil dat terwijl Nederlanders en Duitsers jarenlang netjes hebben gespaard, de zuidelijke EU-landen boven hun stand geleefd hebben en hun schulden hebben laten oplopen.

Zoals alle stereotypes is dit een erg scheve voorstelling van zaken. De gigantische Italiaanse staatsschuld komt niet zozeer voort uit spilziekte, maar uit historische verschillen en structureel ongelijke dynamieken in de euro en de EU. Thomas Bollen, onderzoeksjournalist en specialist financiële economie bij Follow the Money, vertelt aan de telefoon hoe dat zit. “De Italiaanse staatsschuld is vooral opgebouwd tussen de jaren zestig en negentig. Sindsdien hebben ze continu een primair overschot.” Dat betekent dat zonder de rentebetalingen over oude schulden, de overheid minder uitgeeft dan ze binnenkrijgt. “Dus dat idee van de verkwistende Italiaan gaat eigenlijk gewoon niet op, de laatste dertig jaar.”

De toetreding tot de euro heeft het Italië nog lastiger gemaakt die schuld weg te werken, gaat Bollen verder. “Als de Italianen een eigen munt hadden, zouden ze via de geldpers hun eigen economie kunnen stimuleren. Vervolgens devalueert die munt, wat goed is voor de export.” Door die devaluatie worden Italiaanse producten relatief goedkoper in het buitenland, wat de economie dan weer aanjaagt. Door de euro is dit nu onmogelijk.”

Voor de noordelijke landen is de gezamenlijke markt juist erg voordelig. Aangezien de euro balanceert tussen de verschillende economieën, is die voor noordelijke landen eigenlijk te goedkoop, vertelt Bollen. “Als Nederland en Duitsland nog een eigen munt hadden gehad, zou die juist duurder worden, wat nadelig zou zijn voor onze export. Maar nu gebeurt dat dus niet en kunnen wij overschotten draaien. Zo zijn de gezonde Duitse en Nederlandse huishoudboekjes dus deels afhankelijk van hun inherente voordeel ten opzichte van de Italianen en Spanjaarden.”

Bovendien is die grote schuld niet simpelweg een Italiaans probleem. “Met de euro werd het aantrekkelijk voor noordelijke banken om in Zuid-Europa te gaan lenen, geld uit te lenen zonder wisselkoersrisico en kwam een deel van de Zuid-Europese schulden op de balans van Noord-Europese banken te staan,” aldus Bollen. “Dat zag je in 2010, toen de ‘redding’ van de Grieken deels gewoon steun aan Noord-Europese banken was.”

Zo blijft er weinig over van ZML’s karikatuur. “Zij” zijn helemaal niet zomaar luie verkwisters en “wij” hebben juist veel te maken met de Italiaanse economie en het oplopen van “hun” staatsschuld. Ondertussen voltrekt zich een ramp, waardoor de Italiaanse overheid nog veel meer moet lenen om de extra uitgaven te financieren. Vanwege de hoge staatsschuld betalen de Italianen veel meer rente, omdat ze als een minder veilige investering worden gezien. Deze rente dreigt inmiddels zo hoog te worden dat de Italianen überhaupt niet meer kunnen lenen. Dat zal desastreuze gevolgen hebben.

Nieuwe oplossingen

Voor dit probleem zijn die zo verguisde eurobonds of euro-obligaties bedacht: leningen die door de Eurolanden samen worden aangevraagd. Doordat deze landen samen voor de leningen garant staan, wordt de rente lager, en voor Italië teruggebracht naar een betaalbaar niveau. Dat betekent overigens niet, zoals Lubach suggereert, dat de Nederlandse belastingbetaler deze lening dan ook echt op zich neemt: alleen in het geval dat Italië zijn schulden niet meer kan betalen, moeten andere landen garant staan. Zo is het in ieders belang dat de Italiaanse economie blijft functioneren.

Hoekstra ziet geen heil in deze bonds, omdat hij het onredelijk vindt dat Nederland voor andere landen garant zou moeten staan en bang is dat de Italianen het verkeerd zullen uitgeven. Maar ook Bollen heeft zijn twijfels: “Zelfs als je samen leent, wordt de schuldenlast steeds groter. Het leidt ook tot spanningen binnen de EU.” Hij ziet liever directe monetaire financiering door de ECB, zoals hij betoogt in zijn artikel voor Follow the Money.

Inmiddels is er na weken van discussies toch een akkoord over noodsteun. Dit is gebaseerd op weer een ander instrument: de European Stability Mechanism (ESM), het grote noodfonds dat in de eurocrisis gebruikt is om de Grieken te hulp te schieten. Maar ook deze vergadering ging niet zonder slag of stoot. De steun aan de Grieken ging gepaard met keiharde voorwaarden: radicale bezuinigingen waar de Griekse burgers nog steeds onder zuchten. Vanwege de uitzonderlijke situatie vroegen de Zuid-Europese overheden om dit keer niet te hoeven bezuinigen, maar Hoekstra wees ze af, met neerbuigende preken over huishoudboekjes. Door Hoekstra’s halsstarrige houding is de vergadering tot twee keer toe met hoogoplopende ruzie uiteengevallen.

In de uiteindelijke deal heeft Hoekstra deels moeten inbinden en zijn de leenvoorwaarden voor de ESM enigszins versoepeld. Maar, zoals Hoekstra graag benadrukt, gelden deze soepelere voorwaarden alleen voor steun die direct aan coronabestrijding uitgegeven wordt. Noodsteun aan de economie komt nog steeds alleen in ruil voor bezuinigingen. Zo negeert Nederland opnieuw de veel bredere sociale en economische ravage die de coronacrisis aanricht in Italië en daarbuiten. Door deze consistente vrekkigheid is het ook maar de vraag hoe lang deze deal standhoudt, aangezien meerdere kwesties onopgelost blijven.

Met Hoekstra aan het roer toont Nederland zich precies zoals de Italianen ons beschrijven: een land zonder enige gemeenschapszin of ethisch bewustzijn. Het idee dat de Europese Unie iets met gedeelde waarden en solidariteit te maken heeft, lijken Hoekstra en zijn voorvechter Lubach geheel vreemd te zijn. Door hun vastgeroeste wij/zij-denken zijn ze vergeten dat solidariteit niet hetzelfde is als onbeheerste goedgeefsheid of liefdadigheid. Solidariteit is de erkenning van onze gezamenlijke kracht én onze wederzijdse afhankelijkheid. Solidariteit is de realisatie dat ons belang onontwarbaar verwikkeld is met dat van de zorgwerkers, bezorgers, ouderen, minimumloonwerkers en zoveel andere kwetsbaren in Spanje, Italië en de rest van de EU. Zowel Hoekstra als Lubach weigert dit in te zien. Daarmee staren ze zich blind op de eigen centen en de fouten van de ander. Zodoende zijn ze allebei een lul.

Steun ons!
Onze studenten dragen vrijwillig bij aan Red Pers. Vond je dit een goede productie? Sponsor dan onze koffie (€ 2,50), redactievergadering (€ 10,-) of grotere investering. Dankjewel!

Piet Ruig