Je gaat toch ook niet de reddingsvesten uit een vliegtuig halen?

Bouke van Balen. Foto: Olivier Overberg

Columnist Bouke van Balen las deze week in De Groene Amsterdammer dat de Nederlandse overheid destijds haar vaccininstituut heeft verkocht aan een farmaceutisch bedrijf. Niet de meest tactische zet, maar wel een hele menselijke, schrijft hij.

Nederland was in 1997 de internationale koploper op het gebied van vaccinontwikkeling. In 2009 besloot de overheid om haar vaccininstituut van de hand te doen, en de afgelopen tien jaar is dat stukje bij beetje gebeurd. Daarom zijn we nu totaal niet voorbereid om een corona-vaccin te ontwikkelen. Hoe kon zoiets gebeuren? Of zoals de oud-directeur-generaal Volksgezondheid in het artikel zegt: “Je gaat toch ook de brandweer niet verkopen?”

Het is geen hogere wiskunde dat je als bedrijf liever geen investeringen doet die je waarschijnlijk niet zoveel gaan opleveren. Daarom investeren farmaceutische bedrijven liever niet in de ontwikkeling van vaccins tegen nog onbekende virussen. De kans dat zo’n virus uitbreekt is immers klein, en de kosten voor zulk onderzoek zijn hoog. Dat is precies de reden dat het aan een overheid is om hier wél in te investeren. Als land wil je verzekerd zijn tegen die kleine kans. Wist de overheid dan niet dat die kleine kans bestond?

The urgent are not important, and the important are never urgent

In 2003 riep de World Health Organization overheden op om te investeren in vaccins, om zo eventuele pandemieën te kunnen bestrijden. Het antwoord van onze overheid: “Je weet toch nooit wanneer zo’n ramp komt.” Conclusie: ze verkochten de boel. Huh? Hoe heeft de overheid zo zitten slapen?

Voormalig president van de VS, Dwight D. Eisenhower, sprak ooit de woorden: “I have two kinds of problems, the urgent and the important. The urgent are not important, and the important are never urgent.” Problemen die dringend zijn blijken meestal onbelangrijk, en belangrijke problemen zijn zelden dringend. Een beetje gechargeerd misschien, maar in deze wijsheid zit een kern van waarheid.

Pas het eens toe op je eigen leven. Elk probleem dat je hebt heeft een bepaalde mate van urgentie en een bepaalde mate van belang. Op een gemiddelde dag krijg je veel dringende problemen voor je kiezen: een deadline, een mailtje, even iets tussendoor. Dat zijn ook belangrijke dingen, maar ze overschaduwen de belangrijkere problemen met een lagere urgentie. Die schuif je altijd voor je uit, omdat ze ook kunnen wachten tot later. Voor mij zijn die problemen bijvoorbeeld: de was doen, gezond eten, meer sporten, voldoende slaap pakken, eigenlijk mijn hele mentale gesteldheid.

Het zijn dus de belangrijke, maar niet urgente problemen waar we extra oog voor moeten hebben. Want als je te lang je was niet doet, te weinig gezond eet, te weinig sport en te weinig slaapt, dan kan dat desastreuze gevolgen hebben. En dat geldt niet alleen voor ons, maar ook voor de overheid.

Een vaccininstituut verkopen is anders dan de brandweer verkopen. De brandweer is er voor dringende problemen. Er staat elke dag wel een huis in de brand dat meteen geblust moet worden. De eventuele uitbraak van een virus is eerder te vergelijken met een vliegtuigcrash. Er is een kleine kans dat het gebeurt, dus er hoeft niet meteen iets aan te worden gedaan. Het is niet dringend, maar ontegenzeggelijk belangrijk. Je gaat toch ook niet alle reddingsvesten uit vliegtuigen halen?

Door de coronacrisis is voor velen van ons de urgentie van het dagelijks leven weggevallen. Dat biedt ruimte om te werken aan onze niet urgente problemen. Meer sporten, gezond eten, goed slapen. Ik hoop dat de overheid dezelfde les leert.

Steun ons!
Onze studenten dragen vrijwillig bij aan Red Pers. Vond je dit een goede productie? Sponsor dan onze koffie (€ 2,50), redactievergadering (€ 10,-) of grotere investering. Dankjewel!

 

 

Bouke van Balen