“Weten ze wel dat ik hier ben? Deze dementerenden zitten zonder bezoek

Leestijd: 3 minuten

In verzorgingshuizen zijn bezoekers voorlopig niet welkom. Jelle Holtzapffel werkt op de dementieafdeling in Leiden. “Dat corona is allemaal oud nieuws joh, dat hebben we allang gezien.”

Geen bezoek vandaag.” Dat is de harde boodschap die zorgmedewerkers op de dementieafdeling in Leiden de komende weken moeten meedelen. En morgen trouwens ook geen bezoek. Het coronavirus eist een zware tol en de bewoners worden geïsoleerd.

“Er is iets buiten waardoor niemand mag komen, maar ik weet niet hoe het heet,” zegt mevrouw M. tegen mevrouw B. Mevrouw B. doet, zoals altijd, haar best de situatie te begrijpen: “Regent het buiten?”

Ook op de dementieafdeling waar ik werk daalt het verbod langzaam neer. Sinds zondag 15 maart geldt hier al een bezoekverbod. Dat moet zwaar zijn voor de familie, die ik dagelijks bezig zie om iets van de laatste levensfase van partner of ouder te maken. Ik denk aan de vrouw van meneer H. die geen koffie meer mag komen drinken en aan de dochter van mevrouw B. die het dagelijkse gesprekje over de was met haar moeder moet missen. 

Geen optie

Voor de bewoners is het gebrek aan bezoek, zij het vaak onbewust, zwaar. De onrust is groter, velen missen hun rustpunt in de hectiek van alledag. Ook zijn de beperkte hoeveelheid  activiteiten die er voor hen waren tot nader order afgelast. Ik dacht bij de invoering van de strikte maatregelen direct aan de mensen op de afdeling. Hoe zou de boodschap bij hen aankomen? Het kon niet anders dan een harde klap zijn, een nieuwe absurditeit in het voor hen toch al moeilijk te bevatten leven. 

Niettemin lijken de meesten flexibel met het beangstigende nieuws om te gaan. Wanneer ik, tijdens het rondbrengen van de koffie, tegen drie dames op de bank begin over de crisis, knikken er twee instemmend. “Dat is niet zo mooi,” zegt er een gelaten. “Nee”, beaamt de ander. 

Misschien zijn de bewoners het zo gewend om in onzekerheid te leven, dat de coronacrisis relatief eenvoudig aan het lijstje onduidelijkheden wordt toegevoegd. Angst en verwarring zijn hier twee zekerheden. Ondertussen gaat het werk nagenoeg onveranderd door. Thuiswerken is geen optie.

Twee bewoners schakelen moeiteloos van de crisis naar mijn kookkunsten

Natuurlijk worden de strikte maatregelen opgevolgd: handen wassen tot de huid rauw is en waar mogelijk afstand tot de bewoners houden. In de praktijk is dat laatste moeilijk bij mensen die met vrijwel alles geholpen moeten worden. Een meneer loopt voor de derde keer zonder broek de woonkamer binnen, het heeft geen zin hem nogmaals te verzoeken zichzelf aan te kleden. 

Ik doe dit werk nu ruim een half jaar. In normale tijden is het een prettige afwisseling op het studiewerk. Aan het eind van de avond ligt iedereen op bed en is de keuken weer schoon. Het contrast met de oneindige hoeveelheid te lezen studieartikelen is groot. Momenteel is het een welkome variatie op het vele thuiszitten. 

Met op de achtergrond de technische briefing van Jaap van Dissel aan de Tweede Kamer, schil ik aardappelen, bak kipsaucijzen met veel boter en breng de dungeschaafde komkommer op smaak met azijn, suiker en zout – het ouderwetse koken zoals ik het de afgelopen maanden heb geleerd. 

“Moeten we dat eten?” 

Twee bewoners schakelen gelukkig moeiteloos van de crisis naar mijn kookkunsten. 

Levenservaring

Mevrouw M. heeft inmiddels bedacht om haar glas sinaasappelsap ongemoeid te laten, op te staan en mij in de keuken nog eens te ondervragen: “Maar weten de kinderen dan dat ik hier ben, kun je ze niet ff bellen?” “Dat hebben we gedaan, maar ze mogen niet komen door het virus, weet u nog?”

“Oja, dat was het… Maar weten ze dan wel dat ik hier ben?”

Bij ieder kuchje kijken we elkaar als personeelsleden bezorgd aan. Tot waar reikt momenteel je verantwoordelijkheid als medewerker van een verzorgingstehuis? Wat mag je nog doen en wat moet je zeker laten?

Het zijn vragen die ons hier allemaal bezighouden. Op de afdeling zou het virus fatale gevolgen hebben. De meeste bewoners kwakkelen met hun gezondheid en leven dicht op elkaar. Niemand wil een verspreiding op zijn geweten hebben.

Rustig blijven en het werk voortzetten is, hoe cliché ook, nodig. Gelukkig brengen de bewoners de nodige relativering. Aan het einde van de avond kijken we gezamenlijk naar het journaal. Door heel Europa raast het virus, de maatregelen zijn uitzonderlijk. Mevrouw E. vindt de televisie een verstoring van haar rust. Vanaf de bank kijkt ze op. 

“Dat corona is allemaal oud nieuws joh, dat hebben we allang gezien.”

Vertrouwend op haar levenservaring schakel ik de tv uit. 

Steun ons!
Onze studenten dragen vrijwillig bij aan Red Pers. Vond je
dit een goede productie? Sponsor dan onze koffie (€ 2,50), redactievergadering (€ 10,-) of grotere
investering. Dankjewel!

Jelle Holtzapffel

Jelle (1996) schrijft over zorg & maatschappij, studeert politieke filosofie en leest graag over tal van onderwerpen. Om soms even niet in de boeken te zitten, werkt hij in een bejaardentehuis.
Jelle Holtzapffel