Coldplays nieuwe album gaat de wereld niet redden

Foto: Shane Adams. CC-BY-2.0

Everyday Life (2019) van Coldplay is een ambitieus album dat onderzoekt wat het betekent om mens te zijn. Maar deze keer heeft Coldplay te veel hooi op haar vork genomen, schrijft muziekrecensent Bram Emmer. 

Met Everyday Life doet Coldplay een dappere poging om de hele wereld te verenigen in één album. Een dubbelalbum, wel te verstaan, hoewel de 52 minuten die het ‘dubbelalbum’ telt prima op een enkele plaat hadden gepast. A Rush of Blood to the Head, Coldplays tweede album uit 2002, was met 54 minuten en 11 seconden immers gewoon enkel. De keuze voor twee delen, Sunrise en Sunset, lijkt daarmee vooral stilistisch van aard, om het album de mystiek van een modern meesterwerk mee te geven. 

Dit is dan ook het grootste probleem met Everyday Life: het schreeuwt om haar eigenwaarde. Het lijkt alsof Coldplay dit album er heeft uitgeperst om nog even snel de 2010’s te duiden. Thema’s als police brutality (‘Trouble in Town’) en gun control (‘Guns’) worden vluchtig aangeraakt. De Westerse en Arabische cultuur worden met elkaar gecombineerd in de albumcover, en in nummers als ‘بنی آدم (Children of Adam)’ worden Arabische, Afrikaanse en Amerikaanse invloeden met elkaar in aanraking gebracht. Vandaar misschien ook de behoefte om er een dubbelalbum van te maken, want hoe moet je de hele wereld vatten in één album?

Leeg statement

De uitstapjes naar verschillende stijlen als gospel in ‘BrokEn’, kerkmuziek in ‘When I Need A Friend’ en Arabische ritmes in de eerste single ‘Arabesque’ vormen daarin een begin. Het succes van deze experimenten verschilt sterk per keer, want hoewel ‘Arabesque’ charmeert met het ‘we share the same bloodmantra is ‘BrokEn’ met het ‘Lord, shine a light on memotief toch net niet geloofwaardig uit de mond van Chris Martin. De inconsistentie zit hem er in dat Coldplay ondanks deze uitstapjes te vaak als een weinig overtuigende versie van zichzelf klinkt. ‘Orphans’, de tweede single, is met het gescandeerde stadionrefrein simpelweg irritant om naar te luisteren, en lijkt een rechtstreeks product van de lopende band in de Coldplay-fabriek. 

Een andere manier waarop Coldplay Everyday Life grootser dan het leven zelf probeert te maken is via onophoudelijke verwijzingen naar universaliteit. Een ambigu ‘system that keeps us downthema lijkt overal aanwezig te zijn, maar neemt nauwelijks echte vorm aan. En de titeltrack met de constatering dat “Everyone hurts / Everyone Cries”  is – nog los van de verwijzing naar REM – nu eenmaal een leeg statement geworden. 

‘Guns’ en ‘WOTW / POTP’ klinken alsof iemand tijdens een backstage jam per ongeluk op de opnameknop van een iPhone is gaan zitten

Dubbelalbums zijn berucht om het fenomeen van ‘opvulnummers’, waar Coldplay zich met Everyday Life niet van kan ontdoen. Van de zestien nummers zijn er te veel incompleet of afgeraffeld. Hoewel het grootste deel van het album ondanks de directieloosheid mooi geproduceerd en gemixt is, zakt Everyday Life dan echt door het ijs wanneer de rommeligheid niet meer zijdezacht wordt aangekleed. ‘Guns’ en ‘WOTW / POTP’ klinken alsof iemand tijdens een backstage jam per ongeluk op de opnameknop van een iPhone is gaan zitten. Of het is intentioneel edgy gelaten, maar het is moeilijk om daar de oprechtheid van in te zien. Coldplay scoorde haar vorige hits toch echt met ’s werelds grootste danceproducers. 

Er staan heus wel goede nummers tussen, zoals het mooie ‘Èkó’, waarin de ervaringen van een Afrikaanse migrant die terugdenkt aan zijn vaderland worden bezongen met de zinnen In Africa / The mothers will sing you to sleep / And say, It’s alright, child” /
It’s alright. Een ander hoogtepunt is het lo-fi ‘Cry Cry Cry’, waarin Coldplay succesvol een jonger, moderner geluid laat horen en dat combineert met een klassiek blues-vraag-en-antwoord-motief. Het is een voorbeeld van hoe experimenteren zelfs voor een band als Coldplay, die toch haar eigen ‘coldplayheid’ tot genre heeft verheven, kan leiden tot het aannemen van nieuwe vormen. 

Emotioneel en zorgvuldig

Verder zijn de heren van Coldplay op de tranentrekkende liedjes ‘Old Friends’ en ‘Daddy’  op hun onweerstaanbaar zachte best. Wanneer Chris Martin zingt over een verloren vriend met de teksten “And when I close my eyes / I see you, you / When I close my eyes / You come through, you
Time just deepens / Sweetens and mends / Old friends laat Coldplay weer even zien waarom de wereld in eerste instantie verliefd werd op de band: de liedjes waren emotioneel geladen en zorgvuldig afgewerkt.

Op Everyday life komt dit er echter te weinig uit. Voor elk hoogtepunt zijn er te veel nummers die teleurstellen. Coldplay gaat de wereld niet redden met dit album, maar de poging is respectabel. Everyday Life is een ambitieus project, een herziening van hoe de band kan klinken en er uit kan zien, maar mist de precisie en zorgvuldigheid om haar eigen bestaan als dubbelalbum te kunnen rechtvaardigen. 


Steun ons voor € -