Opgroeien met Rex Orange County

Rex Orange County op Osheaga festival, Canada, 2018. Foto Mac Downey.

Pony, het derde album van het 21-jarige Britse wonderkind Rex Orange County is een verkenning van universele jongerenthema’s als opgroeien, volwassen worden, en loslaten. Een recensie door muziekredacteur Bram Emmer.

Na in 2018 zijn stem te hebben verleend aan delen het Flower Boy-project van Tyler the Creator is Rex Orange County (Alexander O’Connor) internationaal ontploft. Zijn shows verkopen wereldwijd uit, en hij heeft een loyale fanbase opgebouwd. Bovendien had Rex Orange County in 2017 een wereldhit met het nummer ‘Loving is Easy’, in samenwerking met de Nederlandse Benny Sings.

Pony opent met de single ‘10/10’, waarin hij zingt over het afgelopen jaar “that nearly sent [him] over the edge”. Met zijn karakteristieke, charmante, maar soms ook limiterende stem zingt Rex Orange County lieve popliedjes over zijn problemen op romantisch en mentaal vlak. Het tweede nummer, de soulvolle pianoballad ‘Always’, verkent de oppervlakte van deze depressieve gevoelens met teksten als “It’s hard to make yourself believe / That it’ll get better when you feel defeated / And carrying on is easier said than done”.

Adempauze

Op muzikaal vlak combineert Pony elementen van jazz, R&B, pop en soul. Met 33 minuten en 56 seconden is het album kort, maar strak volgebouwd. Het intieme ‘Everyway’ en het bittere ‘Stressed Out’ vormen met hun minimalistische invulling twee welkome adempauzes. De overvloed aan verschillende soorten instrumentatie maakt het een indrukwekkende prestatie dat het project bijna in het geheel is geschreven, geproduceerd en opgenomen door O’Connor zelf.

Het doet denken aan de zang- en rapstijl die artiesten als Chance the Rapper groot maakte. De flow, ook hier, is duidelijk ontstaan met Frank Ocean in het achterhoofd.”

Het verschil met eerder werk, bcos u will never b free uit 2016 en Apricot Princess uit 2017, zit hem vooral in de instrumentatie, die net als O’Connor zelf weer een stukje groter is geworden. Het album klinkt dan ook een stuk gepolijster dan eerder werk. Op ‘Pluto Projector’, in meerdere opzichten het beste nummer dat Pony te bieden heeft, worden intieme gitaarmomenten afgewisseld met dromerige orkestratie en een groovy R&B-beat. Gedurende het album komen orkest- en bigbandarrangementen terug die het geheel naar een hoger niveau blijven tillen, zoals bijvoorbeeld het blazerskwartet in ‘Always’ en de melancholische filtertrompet tegen het einde van ‘Laser Lights’.

‘Laser Lights’ klinkt echter misschien net iets te veel als een rappende Ed Sheeran op een b-side. En op ‘Pluto Projector’ dwingen de echoënde snaredrum, pitched-down-vocals, en in-de-reverb-verdronken-synths je gedachten richting Frank Ocean’s Blonde, en in het bijzonder Blonde’s opener ‘Nikes’. Op ‘Face to Face’ doet Rex, begeleid door een discodrumbeat en zijn eigen adlibs, denken aan de zang/rapstijl die artiesten als Chance the Rapper groot maakte. De flow, ook hier, is duidelijk ontstaan met meneer Ocean in het achterhoofd.

Bijproduct

Deze gelijkenissen zijn echter een natuurlijk bijproduct van een meer gedurfde en completere stijl van productie die Rex Orange County met Pony heeft verkend. Hij heeft zichzelf uitgedaagd om zich van gevoelige bedroom-pop te ontwikkelen tot een jonge singer/songwriter/producer die de Zeitgeist van adolescentie en gevoeligheid in de internet-era precies lijkt te vatten.

Pony kan soms wat kinderlijk overkomen

Halverwege de plaat, op het half-kinderachtige ‘Never Had The Balls’, zingt Rex “I was lost / felt nothing at all / but I’m coming back now”, de klaarblijkende hoofdgedachte van het album. Het zou natuurlijk kunnen dat de emoties en teksten van Rex zo eenzijdig en puur zijn dat er niet te veel ingewikkelde woorden aan vuil gemaakt hoeven te worden, en dat dit zelfs af zou doen aan de emotionele lading van zijn werk. Of het zou kunnen dat Rex Orange County een aansteller is, die zijn toevlucht vindt in clichés en oppervlakkige gevoeligheid om maar niet echt iets te hoeven zeggen. Pony kan soms namelijk wat kinderlijk overkomen, met puns als “Yeah, I turned superhero / I’m coming in Bruce Wayne”.

Het is de vraag of dit van belang is. Los van de inhoud is Pony met haar weelderige instrumentatie een stap vooruit voor Rex Orange County. Het album is zeker licht verteerbaar en bij vlagen kinderlijk, maar Rex’ onbetwistbare muzikale talent zorgt er voor dat het muzikaal interessant blijft. Met zijn muziek geeft hij zijn fans de kans om samen met hem op te groeien. Hij had het zwaar, nu niet meer. Hij is opgegroeid, maar is nog niet compleet. Mooi. Goed gedaan. Herkenbaar.

Op de twee afsluiters nummers, ‘It Gets Better’ en ‘It’s Not The Same Anymore’, laat Rex zich van een hoopvolle kant zien. Met teksten als “It’s not the same anymore / It’s better” wordt Rex’ zoektocht voorlopig tot een opgeluchte conclusie gebracht. Pony is een ideaal album om met een mooie koptelefoon op en met de ogen dicht het leven toch net iets meer te leren waarderen. ‘I hope the encore lasts forever’, zingt hij.

Nou, wij ook.


Steun ons voor € -