Nils ‘Mainstreet’ Käller en broer Stijn starten eigen muzieklabel

Stijn en Nils Käller zijn naast broers ook goede vrienden. Nadat Nils in 2016 afscheid nam van boyband Mainstreet, combineert hij zijn passie voor muziek met Stijns passie voor ondernemerschap. Vanaf deze zomer zullen de broers een eigen muzieklabel opzetten. Hoe weten de twee elkaar op persoonlijk en zakelijk gebied zo goed te vinden?

De 23-jarige Stijn Käller is ondernemer en oprichter van de kledingmerken Damsko Clothing en Kingsday Clothing, waar hij zich naast zijn studie International Business Administration mee bezig houdt. Ook is Stijn de manager van zijn jongere broer. De 21-jarige Nils studeert aan het conservatorium en is muziekproducent en dj. Na vijf jaar in de band Mainstreet te hebben gezeten was Nils klaar voor een nieuwe stap als artiest. Hij begon twee jaar geleden zijn dj-carrière onder de naam Neil Alexander.

Hoe kijken jullie terug op de periode van Mainstreet?

Nils: “Soms word ik wel nog herkend als ‘die ene jongen van Mainstreet’. Toen ik met mijn studie begon, hadden mensen wel al een bepaald beeld van me: ‘Oh ja, dat is die gast van die boyband’. Dat is ook een van de redenen waarom ik ervoor heb gekozen om niet meteen na Mainstreet mijn gezicht te laten zien en meer achter de schermen te werken.”

Stijn: “Als oudere broer was het in de tijd van Mainstreet heel apart om mijn broertje zo te zien. Hij was ineens bekend. Nils kreeg veel aandacht en fans om zich heen. En dat is dan je broertje. Op een gegeven moment had ik er zelf ook mee te maken: ik kreeg duizenden volgers op Instagram en ik moest mijn handtekeningen uitdelen, alleen omdat ik ‘de broer van’ was.”

Nils: “Omdat ik zo jong was toen, besefte ik het destijds niet echt. Nu pas bedenk ik me dat het eigenlijk een hele gekke tijd was. Ik vond die aandacht leuk, maar ik ben er nooit naar op zoek geweest.”

Stijn: “Ik heb echt heel vaak gehad dat ik de deur opendeed en er allemaal meisjes voor Nils kwamen.”

Nils: “Toen ik eenmaal voor iemand opendeed, moest ik dat natuurlijk voor de anderen ook doen. Leuk, maar heel gek.”

Stijn: “Ze kwamen gewoon helemaal voor jou, om je voor een aantal minuten te zien.”

Nils: “Tja… achteraf gezien is dat natuurlijk super speciaal.”

Nils Käller, alias Neil Alexander – zijn artiestennaam: ‘Voor mij is Mainstreet muzikaal gezien nu niet meer interessant.’

En Stijn, was Mainstreet jouw persoonlijke muziekstijl?

Stijn: “Nee nee absoluut niet. Maar ik was wel heel trots op de band, hoor!”

Nils: “Voor mij is Mainstreet muzikaal gezien nu niet meer interessant. Destijds was het muzikale gedeelte kwalitatief ook iets minder dan ‘het imago’. Muziek maakte zo’n 30 procent uit van ons succes en het imago 70 procent. De band was vooral gericht op jonge meiden, en die uitstalling hadden we dan ook.”

Stijn: “Mee eens. De band was echt een merk geworden. Het was muziek waar de fans heel goed op gingen. Al die bedrijven en mensen die daar belang bij hadden wilden daar natuurlijk volop van profiteren.”

In 2016 stopt Mainstreet als boyband. Stijn was destijds al bezig om zijn ondernemingen, waaronder zijn eigen kledinglijn, op te zetten. Later wilde ook Nils voor zichzelf beginnen, maar dan wel het liefst in de muzieksector. Stijn bedacht daarom dat het passend zou zijn vanuit zijn ervaring als ondernemer zijn broertje te helpen als manager.

Hoe gaat het zakelijk samenwerken tussen twee broers?

Nils: “We doen het nu ongeveer een jaar zo, en dat bevalt ons goed. We zijn niet alleen broers maar ook goede vrienden.”

Stijn: “Ja inderdaad. Tot nu toe gaat het in ieder geval heel goed!”

Stijn Käller, broer en manager van Nils: ‘Met ons label willen we een ander geluid laten horen in Amsterdam.’

Gaat samenwerken met familie dan ook weleens fout?

Stijn: “Er zijn nog nooit conflicten geweest, dus ik zie geen nadelen aan de samenwerking. Je kan superdirect naar elkaar zijn en dat is juist heel fijn. We kennen elkaar zo goed dat we heel eerlijk kunnen zijn.”

Nils: “Ik heb Stijn wel eens horen zeggen dat iets een slecht idee was. En dat vind ik juist goed, want zo ontstaat er een hele informele communicatiesfeer. De lijntjes tussen ons zijn heel kort. Een heel ander gevoel dan toen ik bij Mainstreet zat met een heel team achter me. Als je dan achter de mening van tien man aan moet gaan, ben je uiteindelijk veel tijd kwijt om bepaalde ideeën uit te werken. Met een team gaat het heel langzaam.”

Stijn: “We gaan nu ook samenwonen, dus dan wordt de communicatie nog gemakkelijker.”

En hebben jullie een soortgelijke levensstijl?

Stijn: “Ik denk dat het tussen ons wel een beetje verschilt. Ik hou net als Nils van een feestje, maar ben ondertussen wel een beetje afgestapt van vaak uitgaan. Ik vind mijn bedrijven Damsko en Kingsday Clothing minstens zo belangrijk en daar besteed ik met alle plezier tijd aan.”

Nils: “Op zich heb ik wel een goeie balans gevonden tussen werken, studeren en feesten. Maar wel ‘selectief’ feesten.”

Stijn: “Ja inderdaad, wel selectief feesten in Amsterdam.”

Selectief feesten, wat houdt dat in dan?

Nils: “Alles wordt nu hetzelfde in Amsterdam. Qua muziek, qua stijl en ook de manier waarop mensen nu met elkaar omgaan. En dat zie je zeker terug in de uitgaanscene. Er zijn bepaalde spelers op de markt die alles opkopen. Hierdoor wordt dan dezelfde muziek gedraaid waar alleen maar dezelfde mensen op af komen.”

Stijn: “En met ons toekomstige label willen we dit op een bepaalde manier veranderen. Zo kunnen we misschien juist artiesten begeleiden die een ander soort genre of geluid laten horen dan de mainstream muziekartiesten in Amsterdam. Dan hopen we dus dat de mensen meer voor de vernieuwende muziek, dan alleen maar om ‘los’ te gaan.”

De broers hebben geen moeite met samenwerken. ‘We vullen elkaar goed aan.’

Jullie gaan dus een label opzetten?

Stijn: “Yes, Sumus Elements!”

Nils: “We produceren en publiceren muziek en we begeleiden artiesten. Zo regelen we merchandise, ontwikkelen websites en doen algemene marketing voor de artiest.”

Stijn: “De afgelopen maanden hebben we hard gewerkt, en deze zomer komt dan de eerste release uit van een artiest, inclusief videoclip. Deze zomer wordt Sumus Elements officieel gelanceerd. In principe kunnen we alles maken. Misschien willen we over vijf jaar wel kleding eraan koppelen of evenementen organiseren: het kan allemaal.”

Stijn: “Een muzikant maakt gewoon muziek, en daar blijft het bij. Artiesten hebben een hele eigen wil. Als ondernemer heb ik een goed beeld hoe iets gerealiseerd kan worden.”

In vrije tijd moet je altijd investeren

Nils: “Het idee achter het label is dat ik meer met de artiest bezig ben. Artiesten hebben wel een eigen manier. Je bent tenslotte wel met kunstenaars bezig. Dan kun je sneller iemand op zijn tenen trappen. Ik heb meer ervaring hiermee vanuit mijn achtergrond met de muziekindustrie. Ik voel de artiest dan goed aan. Tegelijkertijd moet je wel business-minded moet blijven. Dit kan Stijn juist supergoed.”

Stijn: “We vullen elkaar daarom met het label heel goed aan. Als Nils een mailtje schrijft, stuurt hij het altijd even door naar mij. Gewoon voor de zekerheid.”

Nils: “En dan komt er vaak een heel ander mailtje terug, maar dat is alleen maar goed!”

Bij het muzieklabel Sumus elements willen de broers (onbekendere) muzikanten onder hun hoede nemen en daarmee iets opbouwen. Volgens de Amsterdammers wordt op het conservatorium waar Nils studeert goede muziek gemaakt, maar daarmee te weinig aan gedaan. Nils’ medestudenten weten bijvoorbeeld niet veel af van de commerciële kant, waar Stijn hen mee kan helpen.

Maar hoe kunnen jullie straks alles combineren?

Stijn: “Om eerlijk te zijn heb ik Damsko Clothing nu wel op een laag pitje staan. Met Kingsday Clothing gaat het ieder jaar beter met de oplages. Ik heb nu veel nieuwe plannen voor beide ondernemingen, maar die moet ik nog goed uitwerken. Werk en studie kunnen we allebei goed combineren.”

Nils: “We vinden het gewoon allemaal leuk om te doen, dus dan gaat het natuurlijk altijd makkelijker!”

Stijn: “En in vrije tijd moet je altijd investeren.”

Wie wordt het meest succesvol? 

Stijn: “Samen, sowieso.”

Nils: “Allebei of allebei niet.”

Stijn: “Er is geen tussenweg. Je begint samen aan iets, dan kom je samen even ver.”