Waar blijft die 15-urige werkweek?

Adriaan de Jonge. Foto: Haya Yousef

1 Mei, de Dag van de Arbeid is vernoemd naar een staking voor kortere werktijden, maar 133 jaar later lijken we die wens te zijn vergeten. Werk is zó sterk verbonden met ons leven en onze identiteit, dat we er moeilijk afstand van kunnen doen, betoogt redacteur Adriaan de Jonge.

Als je vandaag érgens over na gaat denken, laat het dan de woorden van Alexandria Ocasio-Cortez zijn. Ocasio-Cortez is een buitengewoon politica in een hoop opzichten. Ze is de jongste Amerikaanse congress woman ooit, komt uit The Bronx én kan dansen. Maar ook haar ideeën zijn vernieuwend. Onlangs zei ze in een interview het volgende:

Long story short: we werken 80 uur per week terwijl we nog nooit productiever zijn geweest dan nu. Het is technologisch gezien mogelijk om veel minder te werken, maar het enige obstakel is politiek beleid.

Om te begrijpen wat ze daar precies mee bedoelt, moeten we eerst een stukje terug in de tijd.

Hoe 1 mei Labour Day werd

Vandaag precies 133 jaar geleden begon een enorme staking op de Haymarket in Chicago. Zo’n tweehonderd duizend arbeiders legden het werk neer.1 Mei ging de geschiedenis in als Labour Day. Waar de demonstranten in Chicago voor de straat op gingen? Een achturige werkdag.

Zo’n staking is vandaag de dag moeilijk voor te stellen. Onder andere omdat de achturige werkdag al realiteit is geworden, maar ook omdat vakbonden de strijd voor kortere werktijden vergeten lijken te zijn. In de periode na de Haymarketstaking wisten vakbonden in Amerika en Europa werktijden behoorlijk te verminderen. In ongeveer anderhalve eeuw gingen we van een werkweek van zestig uur naar de veertig uur die we nu normaal vinden. Maar verdere arbeidstijdverkorting staat vandaag de dag niet meer op de agenda van de arbeidersbewegingen.

Waar blijft die 15-urige werkweek?

In 1930 schreef econoom John Maynard Keynes een beroemd essay getiteld Economic Possibilities for our Grandchildren. Hij voorzag dat we rond 2030 nog maar vijftien uur per week zouden werken. In 1956 beloofde (destijds nog vice-president) Richard Nixon de Amerikanen een rijker familieleven omdat de vierdaagse werkweek, dankzij het toenmalige economisch beleid, in zicht was.

Keynes’ grootste fout was namelijk dat hij niet voorzag dat werk de basis van onze sociale identiteit zou worden

Geen van beide voorspellingen zijn uitgekomen. En dat komt niet omdat economische groei tegenviel. De groei in productiviteit die Keynes verwachtte, is er daadwerkelijk gekomen, maar heeft zich niet vertaald in de vermindering van werktijd die hij verwachtte.

Ten eerste: ongelijkheid

Hoe komt dat? Een van de redenen is dat de vruchten van de vooruitgang niet door iedereen gelijkmatig geplukt worden. De verdeling van inkomen tussen kapitaal en arbeid is de afgelopen veertig jaar steeds schever geworden. Oftewel: een groter deel van het bruto binnenlands product (bbp) gaat naar rente, dividend en huur en een steeds kleiner deel naar lonen. En zonder loonstijging geen werkvermindering.

Daarnaast is ook de inkomensverdeling tussen verschillende arbeidersgroepen schever geworden. Econoom Thomas Piketty spreekt in zijn bestseller Kapitaal in de 21e Eeuw over de “opkomst van de ‘supermanagers’: topmannen en -vrouwen die exorbitant hoge vergoedingen krijgen voor hun werk.” Daarbij moet vermeld worden dat dit meer een Amerikaans en Brits dan een Europees fenomeen is – hoewel ook wij onze Ralph Hamers hebben.

Daarom koppelt Ocasio-Cortez arbeidstijdverkorting aan inkomensverdeling: “We should be working the least amount we’ve ever worked, if we were actually paid based on how much wealth we are producing. But we’re not. We’re paid on how little we’re desperate enough to accept. And then the rest is skimmed off and given to a billionaire.”

Labor Day Parade. © B.C. Lorio Follow

Gedwongen narcisme

Toch is dat nog geen volledige verklaring. Keynes’ grootste fout was namelijk dat hij niet voorzag dat werk de basis van onze sociale identiteit zou worden. We kunnen moeilijk afstand doen van werk omdat onze eigenwaarde vandaag de dag lijkt samengesmolten met ons werk. Kunnen we ons überhaupt voorstellen wat we zouden gaan doen als werk geen noodzaak meer zou zijn?

In het onlangs verschenen Ons Geluksideaal laat de Zweedse auteur Carl Cederström zien hoe werk een centraal en onmisbaar onderdeel is geworden van wat wij zien als een gelukkig leven. Idealen over zelfverwerkelijking, die ons ooit moesten bevrijden van traditie en conservatisme, zijn nu onderdeel geworden van het economische systeem. In plaats van autonome individuen, zijn we “gedwongen narcisten” geworden zegt Cederström. We moeten onszelf constant verbeteren, op zoek naar onze talenten – niet omdat we dat willen, maar omdat dat dit op de arbeidsmarkt van ons verwacht wordt. Wie een 9-tot-5-mentaliteit heeft, redt het in onze economie niet meer.

Automatisering: so what?

Die idealisering van werk zien we terug in de houding van onze huidige politieke vertegenwoordigers. Nixon zag in automatisering en het verdwijnen van werk een kans: het zou zorgen voor een rijker familieleven. Tegenwoordig zien politici het verdwijnen van banen als een gevaar: wat moeten al die mensen gaan doen en hoe gaan ze hun hypotheken betalen?

De FNV begon vorige maand een campagne voor een flinke verhoging van het minimumloon, naar 14 euro per uur. Rampzalig idee, riepen de werkgevers. Waarom? Hogere loonkosten maakt menselijke arbeid relatief onaantrekkelijk tegenover algoritmes, robots en kunstmatige intelligentie. Er zouden banen verdwijnen.

Als we vermindering van onze werktijd goed regelen, kan dat juist veel goeds met zich meebrengen

Maar waarom is het erg dat er banen verdwijnen? Het antwoord is schijnbaar vanzelfsprekend, en daarom wordt de vraag nooit gesteld. Maar Ocasio-Cortez stelt ‘m wél. En ze geeft ook antwoord: “omdat je in onze samenleving ten dode opgeschreven bent als geen baan hebt. En dát is, in de kern, ons probleem.”

Als we vermindering van onze werktijd goed regelen, kan dat juist veel goeds met zich meebrengen. Om te beginnen minder burn-outs, maar bijvoorbeeld ook meer gendergelijkheid. En wie weet misschien zelfs, zoals Nixon al hoopte, een gelukkiger familieleven. Of, zoals Keynes voorspelde, meer tijd voor “the art of life itself”. Ocasio-Cortez hoopt ook op meer aandacht voor kunst en wetenschap: “because not all creativity needs to be bonded by wage.”

Dus waarom zouden we bang zijn voor automatisering? “We should be excited.”

Adriaan de Jonge

Adriaan (1994) is politiek filosoof en journalist. Bij Red Pers werkt hij mee aan de podcast en de tweewekelijkse nieuwsbrief. Geïnteresseerd in allerlei maatschappelijke kwesties en lichtelijk geobsedeerd met vragen over de toekomst van werk.
Adriaan de Jonge