Leven met meerdere liefjes: hoe meer zielen hoe meer vreugd?

Foto door Tim Marshall

Samengestelde gezinnen vervangen steeds meer het klassieke gezinsplaatje. Ook in relaties lijkt deze ontwikkeling gaande: die zijn steeds vaker ‘open’ of polyamoreus. Polyamoreuze mensen kunnen romantische relaties aangaan met meer dan één partner. Red Pers sprak vier polyamoristen. ­Hoe ziet hun weekend eruit, kun je met zijn allen op vakantie en wie krijgt een nieuwjaarskus?

We spraken met Evelien, Mingus, Frank en Hans. Evelien (25) heeft op het moment een relatie met Mingus (29) en met Frank (39), zowel Mingus als Frank is polyamoreus. Hans (74) had tot voor kort een polyamoreuze driehoeksrelatie met twee vrouwen, die daarnaast ook met elkaar zowel een vriendschappelijke als een seksuele relatie hadden. Redacteur Marthe van Bronkhorst over wat polyamorie in de praktijk betekent. Geen sensatieverhaal, maar een kijkje in het dagelijks leven van polyamoristen (en dat van hun geliefden).

Hoe zag een relatie eruit voordat je wist dat je polyamoreus was?

Evelien: “Mingus en ik gingen al zo vaak uit, met en zonder elkaar. We flirtten altijd met andere mensen. Onze vrienden verbaasden zich daarover: ‘Vind je dat nou ok?’ Ja dus, want we wisten dat het goed zat tussen ons. Op een dag begonnen we het gesprek: een non-monogame relatie, zullen we dat een keer proberen? We gingen beide daten, Mingus leerde anderen kennen. En ik leerde Frank kennen, werd verliefd, wilde hem vaker en vaker zien. Eigenlijk vrij vergelijkbaar met hoe dat bij monogame mensen gaat.”

Dat is voor polyamoristen misschien wel een echte mijlpaal: het moment dat je een online agenda met elkaar gaat delen

Frank: “Ik had juist een totaal monogaam leven, maar merkte wel dat ik meerdere mensen tegelijk leuk kon vinden. Mijn toenmalige vriendin en ik hebben onze relatie ‘geopend.’ We maakten veel beginnersfouten, zoals zeggen dat je iets oké vindt, terwijl je eigenlijk jaloezie of angst voelt. Ik werd ineens verliefd. Ik was in de war en dacht: wat is er nou gebeurd? Toen kwam ik op OkCupid de term ‘polyamorie’ tegen. En Evelien.”

Hans: “Ik had een relatie met mijn zielsverwant. Maar we experimenteerden al veel vaker: met swingers, partnerruil, seks met een of twee personen erbij. Het ging ons erom dat we allebei een band voelden met de derde persoon, zeker niet alleen seks dus.”

Frank, Evelien en Mingus

Hoe ziet je week er nu uit? Hoe zorg je dat je iedereen genoeg ziet?

Frank: “Het blijft lastig. Allebei mijn vriendinnen kan ik alleen in het weekend zien. De één zie ik elk weekend vrijdag-zaterdag-zondag (zij woont in het buitenland), Evelien zie ik helaas momenteel alleen om de week één weekenddag..”

Evelien: “Puur om praktische redenen zie ik Frank helaas alleen in weekenden: hij woont in een andere stad. Met Mingus woon ik samen. Dinsdag is onze vaste quality time-avond.”

Mingus: “Maar quality time kunnen we best verschuiven als we met een ander willen daten. We cancellen het niet, maar verplaatsen het gewoon in de Google agenda.” 

Google agenda?

Mingus: “Jazeker. We hebben allebei een Google agenda die we kunnen inzien, met daarin werk, sociale afspraken en dates. Ik heb zelfs een kleursysteem. Dat móét haast wel als je polyamoreus bent, het is een hoop planning.”

Evelien: “Franks agenda zie ik ook in. Dat is voor polyamoristen misschien wel een echte mijlpaal: het moment dat je een online agenda met elkaar gaat delen.”

Als ik op een verjaardag een vriendin van mijn lief leuk vond en zij mij, speelde mijn geliefde voor koppelaarster

Hans, zuchtend: “Wij planden juist niets. We deden eerst alles met zijn drieën: uit eten gaan, thuis koken, samen seks hebben. Tot we dingen apart gingen doen. Ik heb toen een weekschema voorgesteld,  bijvoorbeeld de één op woensdag, de ander op de andere dagen, maar dat wilden ze niet.”

Wie komt er op je verjaardag?

Evelien: “Allebei! Op mijn diploma-uitreiking stonden we met zijn drieën op de foto. Op dat soort belangrijke momenten heb ik ze er graag allebei bij.” (Mingus en Frank: “Ik ook.”)

Nodig je je metamour [de andere partner van je partner, red.] dan ook uit?

Marthe: “Stel, je nodigt je partners partner op je verjaardag uit vanuit het idee: eens een polyamorist, altijd een polyamorist. Je krijgt ruzie met je vriend, maar hebt geen ruzie met je metamour. Zij hebben het allemaal erg gezellig. Jij bent ongelukkig. Wat zou je doen?”

Hans, in bed

Mingus en Evelien, in koor: “O, wat vreselijk!”

Mingus: “Je bent helemáál niet verplicht de ander uit te nodigen. Dat is misplaatst consequent zijn aan je identiteit als polyamoreus, terwijl je hoofd er die dag totaal niet naar kan staan.”

Evelien: “Wij hebben geen regels, maar geven wel voorkeuren aan. Je vertrouwt er dan op dat de ander daar rekening mee houdt. Dan hou je het bij jezelf, in plaats van dezelfde regels aan elkaar op te leggen. Stel het zou Mingus’ verjaardag zijn en zijn geliefde is er, dan kan ik vragen of ze die dag niet te klef zouden willen doen.”

Mingus: “Dan verbiedt ze het mij dus niet. Dus ik kán alsnog heel klef doen, maar dan ben ik een lul.”

Frank: “Soms spreken we wel hardop af: knuffelen, kussen is oké, maar meer niet. En dat betekent ook: niet samen naar de wc gaan om stiekem alsnog te gaan tongen.”

Hans: “Ik nodigde ook allebei mijn geliefden uit. Als ik op een verjaardag een vriendin van mijn lief leuk vond en zij mij, speelde mijn geliefde voor koppelaarster. Wij hadden wél een regel. Alleen als mijn lief de ander ook zag zitten, gingen we met zijn drieën naar bed. Zo zijn we een drietal geworden.”

Met wie vier je kerst?

Hans: “Eén keer met zijn drieën. Er was een groot kerstdiner, ik nam twee geliefden mee. Die avond moest ik heel goed opletten dat ik niet te veel bij de een of de ander was. De oplossing? We gingen uiteindelijk alledrie zo ver mogelijk uit elkaar zitten en vooral met anderen praten.”

Evelien: “Traditionele feestdagen zijn niet zo’n big deal. In die tijd zie ik al mijn dierbaren. Kerst vierden Mingus en ik samen bij elkaars families. Het weekend voor kerst was ik weer met Frank.”

Mijn ideaalbeeld is een boerderij met genoeg kamers voor al mijn geliefden om in te wonen

Had het ook andersom kunnen zijn? Dat je kerst doorbracht met Frank en het weekend ervoor met Mingus?

Mingus: “Ja.”

Evelien, iets later: “Ja.”

Mingus: “Spreek ik nu te snel voor ons beiden?”

Evelien: “Nee.” Ze denkt even na. “Het is vaak logischer om kerst door te brengen met je nesting partner [primaire of ‘samenwoningspartner, degene met wie je een nest aan het bouwen bent, red.]. Frank en zijn vriendin gingen ook beiden naar elkaars families.”

Frank: “Ieder moment kunnen we het anders invullen, volgend jaar vier ik waarschijnlijk kerst met de familie van mijn vriendin S. én met die van Evelien.”

Oud en Nieuw. Wie krijgt als eerst een nieuwjaarszoen?

Hans (lacht): “Degene waar ik op dat moment het dichtst bij sta.”

Evelien: “Niemand. Iedereen. Dat wil zeggen, ik omhels al mijn vrienden. Ik geef niet zo veel om een new years kiss.”

Kun je met zijn drieën op vakantie?

Mingus: “Ik zie Evelien, Frank en mij wel ooit met zijn drieën op vakantie gaan.”

Frank: “Ik ook.”

Mingus, grapt: “Voorlopig gaan we gewoon op vakantie met wie er het meeste geld heeft.”

Evelien: “We zijn laatst naar een festival geweest, met een ex-vriendin van Mingus in een grotere groep, dat ging allemaal goed.”

Ik blijf in deze vrijheden geloven. Maar ik weet niet of ik er altijd naar zou handelen

Zie je jezelf samenwonen? Trouwen?

Frank: “Mijn ideaalbeeld is een boerderij met genoeg kamers voor al mijn geliefden om in te wonen. En ja, het liefst in een warm land waar je de hele dag naakt zou kunnen lopen. Vrijheid, blijheid.”

Hans: “Getrouwd zijn zou voor mij geen verschil maken. Wij hadden het toch niet zo op het klassieke huwelijksplaatje. Een ceremonie kan mooi zijn, het hoeft niet officieel.”

Evelien en Mingus: “Samenwonen met meerdere partners, het kan, denken wij.”

Evelien: “Als er iets groots verandert in mijn leven, bijvoorbeeld als ik kinderen zou krijgen, dan kan ik me voorstellen dat ik tijdelijk of voorgoed van polyamorie afstap.”

Mingus: “Ik blijf in deze vrijheden geloven. Maar ik weet niet of ik er altijd naar zou handelen. Dus ja, voor mij is het misschien polyamoreus doen, niet polyamoreus zijn.”

 


De achternamen van de geïnterviewden zijn bekend bij de redactie.