Het heeft een naam dus het bestaat

Foto door Haya Yousef

In Nederland en Engeland wordt vaker depressiviteit en ADHD vastgesteld dan in bijvoorbeeld Portugal en Spanje, terwijl we genetisch amper van elkaar verschillen. Wat is de oorzaak van die verschillen, en in hoeverre is een psychische stoornis cultureel bepaald? Redacteur Marthe van Bronkhorst ging op onderzoek.

Van amok tot pereza: plaats- en tijdgebonden problematiek

“Ik wil dat wel doen, maar ik heb een enorme pereza,” zegt een vriend tegen mij over een moeilijk gesprek dat hij moet voeren met zijn baas. Hij werkt tegenwoordig in Spanje.
Pereza, legt hij uit na mijn vragende blik, is een kwaal waar veel Spanjaarden aan lijden. Lastig te definiëren, maar kortweg ‘onverklaarbare lamlendigheid, weerstand en inertie.’

In het Zuid-Spaanse dorpje van zijn moeder, heerste een vergelijkbare ‘pereza-ziekte’. Groepen vijftigers kwamen bij de dokter met een verzameling lichamelijke klachten, zoals vermoeidheid, hoofdpijnen en stijve spieren. Zij hadden hun ziekte zelf een naam gegeven, lieten zich afkeuren en eisten medicatie. Pas toen dokters nepkuren begonnen voor te schrijven met suikerwater, ging het over.

Wat in het Spaanse dorpje gebeurde, was een ziekte die zeer lokaal ‘ontstond’ doordat er een naam werd gegeven aan een set losse symptomen

Na onderzoek vond ik meer van dit soort plaatsgebonden ziektes. Amok in Maleisië, motteninfectie bij de Navajo, geestenbezetenheidsstoornis in Oeganda. En ziektes die onverklaarbaar zijn uitgestorven: hysterie, neurose, neurasthenie, massale chorea, hemopyrrollactamurie.

Hoe een ziekte kan ‘ontstaan’

Terug naar ‘Kan niet, ik heb pereza’. Wat mijn vriend claimde kwam neer op ‘Ik heb last van dingen-niet-doen en daarom doe ik dingen niet.’ Het symptoom van de kwaal (weerstand om iets te doen) is dus ook direct de oorzaak van de kwaal (weerstand waardoor je het nou eenmaal niet kunt doen). Een circulaire definitie.

Wat in het Spaanse dorpje gebeurde, was een ziekte die zeer lokaal ‘ontstond’ doordat er een naam werd gegeven aan een set losse symptomen (die blijkbaar met een placebo ook weer te genezen waren!). Hier gebeurde dat in een klein dorpje, maar wat als dit op grotere schaal gebeurt? Sommigen zijn van mening dat precies dit proces, ‘het heeft een label dus het bestaat’, gaande is in de psychiatrie, óók bij mentale problemen die we al kennen zoals ADHD.

Als mensen depressief zijn, zeggen ze tegen de dokter: ‘Ik ben moe’ en ‘Ik heb geen honger’

Zo schreef wetenschapsfilosoof Trudy Dehue in de Groene Amsterdammer: “Psychiaters sommen enorme reeksen menselijke eigenschappen op en voegen er het woord ‘stoornis’ aan toe, en verklaren ze daarmee tot het domein van de psychiatrie. […] Concentratiegebrek is geen symptoom van ADHD. Het is andersom: ADHD is de inkadering van concentratiegebrek als een stoornis.”

Een paar van de meest voorkomende psychische stoornissen in Nederland zijn depressie (in 2013 bij 5.2% van de bevolking), fobieën (5.1%) en aandachtsproblemen (2%). Als we ze zelf blijkbaar een naam hebben gegeven, bestaan ‘onze’ mentale ziektes dan ook echt wel overal en in alle tijden?

Bestaan ‘onze’ mentale ziektes ook over de grens? Koreaanse vuurziekte

Die vraag stelde ik allereerst aan Margaux Wienk, intercultureel psycholoog die meer dan een jaar werkte in Zuid-Korea. Wienk: “Mentale problemen worden in Korea amper geuit, behalve in de vorm van terugtrekking (zie ook het fenomeen hikikomori). Het is namelijk in veel Aziatische landen not done om over je geestelijke gezondheid te praten, het uit zich in pijntjes. Als mensen depressief zijn, zeggen ze tegen de dokter: ‘Ik ben moe’ en ‘Ik heb geen honger’.”

Margaux Wienk (foto: Kelley van Dilla)

Ze noemt als voorbeeld de typisch Koreaanse ziekte hwa-beyong: ‘vuurziekte’. Dat is een set klachten als zweten, oververhitting, schrikachtigheid en verminderde eetlust door het niet kunnen uiten van sterke emoties als woede. Het komt vooral voor bij personen in lagere sociale posities, waaronder (oudere) vrouwen.

Wienk: “Koreanen beleven mentale ziektes ook echt anders want, ten eerste, men praat niet veel over het concept ‘zelf’, je zegt bijvoorbeeld zelden het woord ‘ik’ in het Koreaans. Ten tweede is een ziekte is een family burden. Als één gezinslid dan buiten de deur hulp zoekt, is dat een teken van zwakte voor de hele familie (ze hebben het immers niet zelf kunnen oplossen) en lijdt ook de hele familie gezichtsverlies.

Worstelingen met seksualiteit zijn daar niet eens aan de orde, want dat is een gigantisch taboe. De weinigen die uit de kast komen, worden het mikpunt van pesterijen. Of sociale fobie voorkomt, durf ik niet te zeggen: je kúnt bijna niet sociaal vermijdend zijn. Als je te verlegen bent of stottert, krijg je daar gezeur mee. Zelfmoord komt in Korea ook heel vaak voor (bij jongeren is dit doodsoorzaak nummer één).”

Depressie, fobieën en andere stoornissen zijn in geen enkel land op aarde helemaal afwezig. Érgens moet er dus ook een basis voor deze ziektes zijn

Het verschil in aantal gediagnosticeerde depressies en burn-outs tussen Nederland en Zuid-Korea wijdt Wienk aan werkdruk: “Burn-out komt veel voor, vooral door studiedruk. Het wordt alleen niet toegegeven. Mensen werken zich soms letterlijk dood. Wat wel helpt, merk ik, is benadrukken dat het heel normaal is dat iedereen wel eens ‘wat’ heeft. Dan praten mensen er veel makkelijker over want dan zijn zij zelf ook niet meer ‘anders’ dan de groep en lijden ze geen gezichtsverlies.”

Wanneer is een stoornis een stoornis?

Samenvattend: cultuur speelt een grote rol in het ontwikkelen van psychische problemen, maar niet de enige. Depressie, fobieën en andere stoornissen zijn in geen enkel land op aarde helemaal afwezig, en ook bijna nergens meer prevalent dan onder vijftien procent van de bevolking. Érgens moet er dus ook een basis voor deze ziektes zijn. Volgens de Diagnostic Statistic Manual of Mental Disorders (DSM-5), het handboek voor de psyche, is er sprake van een psychische stoornis als er voldaan wordt aan:

  1. Een aantal specifieke kenmerken (zoals aandachtsproblemen bij ADHD, of somberheid bij depressie) én de algemeen geldende criteria:
  2. Beperking in leefsfeer
  3. Uitsluiting van andere diagnose

 

Een stoornis is beperkend: De verwarde man

Het beperking-criterium is heel belangrijk: ‘De symptomen beperken in het sociale-, schoolse- of beroepsmatig functioneren.’ Gedrag kan nog zo obsessief, afwijkend of ronduit bizar zijn, als iemand er zelf niet onder lijdt of niemand gevaar aandoet, is er geen sprake van een stoornis.

Een kind in mijn praktijk met een leerprobleem, volgens zijn moeder ADHD, bleek simpelweg een taalprobleem te hebben

Neem schizofrenie. Eén van de kernsymptomen bij schizofrenie is auditief hallucineren: het horen van stemmen. In een Amerikaanse groep met auditieve hallucinaties waren die stemmen veel vaker negatief van aard en bedreigend dan in een groep Ghanezen en Indiërs, die ook werden onderzocht. In interviews gaven zij aan dat ze er minder onder leden: ze ervoeren de stemmen als buiten hun controle, net zoals ze de relaties met andere mensen in hun leven niet konden controleren. Ook iemand in de waan dat hij God is, geldt hier als een verwarde man die hulp nodig heeft, maar kan in sommige culturen prima functioneren als sjamaan.

Een stoornis heeft geen andere verklaring: Brazilië en verborgen familiedruk

Uitsluiting, ik noem dit het ‘alibi-criterium’ is ook heel belangrijk: ‘De symptomen kunnen niet beter worden verklaard door een andere psychische stoornis of omgevingsfactor.’ Cindi de Moura, psycholoog en coach van Nederlands-Braziliaanse komaf, beaamt dat. Ze ziet dezelfde stoornissen bij Brazilianen en Nederlanders: depressies, angsten, burn-outs komen allemaal ongeveer even vaak voor. “Het verschil is: ik moet altijd weten hoe de familiesituatie is bij de Brazilianen.”

Cindi de Moura (foto: Jim Hemelrijk)

“Een kind in mijn praktijk met een leerprobleem, volgens zijn moeder ADHD, bleek simpelweg een taalprobleem te hebben. Hij was net overgeplaatst naar een internationale school maar sprak bijna geen Engels. Dat had hij al die tijd verborgen gehouden voor zijn ouders, omdat hij ze niet wilde teleurstellen. Brazilië heeft een sterk collectivistische cultuur: familiebanden zijn zeer belangrijk en rebelleren is niet geoorloofd.”

Veel jonge, pasgetrouwde vrouwen die met hun man meegekomen zijn, komen met de klacht dat ze paranoïde of depressief zijn. Hun mannen gaan na werk namelijk vaak borrelen met collega’s. “In Brazilië echter betekent ‘een drankje na het werk’ dat je een affaire hebt, ‘een avondje mannen op stap’ bestaat er niet. Als je getrouwd bent, ga je alleen met je partner samen uit. Kortom: ik moet alles zien in de gezinscontext. Gezinsverhoudingen en trauma’s hierover liggen vaak ten grondslag aan de psychische problemen.”

Hoe voorkomen we onnodig diagnosticeren?

Te vaak doen mensen aan self-labeling: ze denken dat ze ‘iets hebben’ als ze een internetvragenlijst hebben ingevuld en aan zes van de negen kenmerken voldoen. Meer voorlichting over de criteria ‘beperking’ en ‘uitsluiting’ zou een mooie start zijn. “Is deze persoon ondanks alles, nog in staat om werk uit te oefenen en contacten te hebben?” en “Is er lichamelijk niets aan de hand?” “Is er niet iets of iemand anders (in de familie), die dit gedrag verklaart?” Juist dit soort vragen kun je niet vinden in zo’n internet-zelftest. It’s the context, stupid.

Marthe van Bronkhorst werkt naast haar redacteurschap bij Red Pers als psycholoog (POHGGZ) in twee huisartspraktijken in Amsterdam.


Dit is het vierde artikel in onze serie over de studentenpsyche. Lees hier het introductieartikel terug. Het eerste artikel in de serie ging over de Advieswinkel, het tweede artikel ging over ‘flow’ en je eigen weg vinden en het derde artikel ging over de oorzaak en behandeling van een winterdepressie.