Hoe Trumps beleid Palestijnen doet vrezen voor hun toekomst

De meisjesschool van UNRWA in Dheisheh

Drie maanden geleden trok Trump de Amerikaanse bijdrage aan de Palestijnse vluchtelingenorganisatie UNRWA in. In het vluchtelingenkamp Dheisheh zijn de gevolgen van die bezuinigingen nu al voelbaar. Een rapportage vanuit Jeruzalem door onze redacteur internationale betrekkingen Madelief van Dongen.

Een groepje kinderen fietst zigzaggend het afval in de nauwe steegjes van het Palestijnse vluchtelingenkamp Dheisheh op de Westelijke Jordaanoever voorbij. “We hebben nog maar negen medewerkers voor sanitaire voorzieningen,” zegt Naji Owda (57), die al zijn hele leven in Dheisheh woont. “Zij moeten het afval met hun handen oprapen. Er leeft hier zeventienduizend man en de UNRWA-voorzieningen blijven afnemen.”

Sinds Trump drie maanden geleden besloot de volledige Amerikaanse bijdrage aan de UNRWA – de VN-missie die zich inzet voor Palestijnse vluchtelingen – stop te zetten, is de situatie in Dheisheh aanzienlijk verslechterd. “Door het intrekken van de Amerikaanse fondsen hebben we al vijf UNRWA-programma’s in Dheisheh stop moeten zetten,” aldus Mustafa Awad*, UNRWA’s vertegenwoordiger in het kamp.

Een foto van Yasser Arafat hangt boven de ingang van het vluchtelingenkamp

The United Nations Relief and Work Agency for Palestine Refugees in the Near East (UNRWA) werd in 1949 in het leven geroepen door de VN, nadat zo’n zevenhonderdvijftig duizend Palestijnen uit hun huizen werden verdreven bij het stichten van de staat Israël. Aanvankelijk zou de UNRWA de Palestijnen directe noodhulp verschaffen tot hun terugkeer. Dit recht op terugkeer is vastgesteld in VN-resolutie 194, maar wordt niet erkend door Israël. Het VN-agentschap is dus nog steeds actief en voorziet Palestijnse vluchtelingen van onder andere voedselhulp, onderwijs en gezondheidszorg.

Omdat de Palestijnse vluchtelingenstatus erfelijk is, bedraagt het aantal vluchtelingen nu zo’n vijf miljoen. Ongeveer eenderde van hen woont in vluchtelingenkampen in de Westelijke Jordaanoever (inclusief Oost-Jeruzalem), de Gazastrook, Jordanië, Libanon en Syrië.

Drie maanden na de bezuinigingen

Owda is de directeur van jeugdcentrum Laylac in Dheisheh – een grassroots-organisatie die zich toelegt op het verspreiden van de Palestijnse zaak. “De voorzieningen worden langzaamaan minder en minder,” zegt Owda. “En de mensen merken dus ook geleidelijk meer van de veranderingen. Steeds vaker klinkt het geluid dat er niet genoeg elektriciteit of leraren zijn.”

Omdat de Palestijnse vluchtelingenstatus erfelijk is, bedraagt het aantal vluchtelingen nu zo’n vijf miljoen

Awad maakt zich zorgen om de economische situatie van het kamp. Het UNRWA-programma dat is opgezet om iedere drie maanden ongeveer honderdtachtig mensen aan een baan te helpen, is door de Amerikaanse bezuinigingen stopgezet. Ook is Awad bezorgd om de schulden van veel bewoners van Dheisheh en om het feit dat minder jongeren kunnen studeren; de universiteit is simpelweg te duur.

Daarnaast leiden de economische moeilijkheden tot onderlinge fricties. “Geweld sluipt makkelijker onze gemeenschap binnen,” zegt Owda. “Nieuwe problemen als drugs en alcohol zijn moeilijker op te lossen.” Verschillende experts uitten al hun zorgen over radicalisering binnen de Palestijnse vluchtelinggemeenschappen.

Trump en de Palestijnen  

De Verenigde Staten wil, net als Israël, af van de overerfelijke Palestijnse vluchtelingenstatus. Zalman Shoval, voormalig Israël ambassadeur in de Verenigde Staten, betoogde afgelopen maand in de Israëlische krant The Jerusalem Post dat de UNRWA het Palestijnse vluchtelingenprobleem in de hand werkt: “De activiteiten [van UNRWA, red.] versterken de opzettelijk misleidende illusie dat de vluchtelingen of hun derde, vierde, en zelfs vijfde generatie afstammelingen op een dag naar Israël zullen worden gestuurd, in plaats van hen te helpen zich permanent te vestigen in de landen waar ze zich nu bevinden,” schrijft Shoval.

De gezondheidskliniek van de UNRWA in Dheisheh

De huidige burgemeester van Jeruzalem, Nir Barkat, wil ook af van de UNRWA-voorzieningen in Oost-Jeruzalem. Barkat claimt dat de UNRWA-scholen in Jeruzalem terrorisme in de hand werken en dat het tijd is de ‘vluchtelingenleugen’ uit de doeken te doen.

Het stopzetten van de UNRWA-bijdrage is niet Trump’s enige controversiële beslissing met betrekking tot het Israël-Palestina conflict. Eerder trok hij de financiële hulp aan Palestijnse ziekenhuizen in Oost-Jeruzalem in en verhuisde hij de Amerikaanse ambassade van Tel Aviv naar Jeruzalem. Trump is daarmee de eerste wereldleider die openlijk   partij kiest in het conflict.

Het recht op terugkeer in gevaar

Veel Palestijnen zijn bang dat de UNRWA door de bezuinigingen haar prominente rol verliest, en zien dat als een groot probleem. Als de VN-vluchtelingenstatus wordt opgeheven, verliezen de Palestijnen het recht op terugkeer. “De mensen worden moe gemaakt,” aldus Ammar Shamrouah (36), eveneens inwoner van Dheisheh. “Moe van economische problemen en van het geweld. Ze drijven steeds verder weg van onze [de Palestijnse, red.] zaak en ze worden stil. Ze zijn druk met overleven.”

De straten van Dheisheh

Als reactie op Trump’s beslissing besloten verschillende landen dit jaar een grotere bijdrage aan UNRWA te doen. Zo deed Jordanië een beroep op haar Arabische buurlanden om de UNRWA te steunen. Toch blijft Owda sceptisch. “Als de overkoepelende paraplu van de VN naar de Arabische landen verschuift is dat gevaarlijk,” vindt hij. “Het is ons internationale recht om terug te keren naar ons thuisland.”

“Al zeventig jaar bevechten wij het Israëlische systeem en strijden wij voor ons recht op terugkeer,” vertelt Shamrouah. “Als ik dat recht verlies, verlies ik alles waarin ik geloof.” Op de vraag hoe hij denkt dat het volgend jaar met Dheisheh gesteld is blijft hij even stil. “Eerlijk,” zegt hij, “ben ik bang voor mijn eigen antwoord.”

 

*De naam van Awad is op verzoek van de geïnterviewde gefingeerd. Zijn echte naam is bekend bij de redactie.