Na wat slenteren over de Albert Cuyp, besloot ik om een stukje te wandelen en bij het Museumplein de tram naar huis te pakken. Onder de toegangspoort van het Rijksmuseum werd ik echter gegrepen door de duistere klanken van een accordeon. Het soort geluid wat het gebouw plots deed veranderen in het Rijksspookslot, met daarboven donkere wolken en bliksemschichten aan de hemel. Het regende, waardoor in de tuin langzaam de modder van een aantal begraven skeletten afdroop. Op de schrille golven van het geluid voer ik naar de ingang, als was ik gehypnotiseerd. Ik ging naar binnen.

Sinds hun introductie vallen sociale media als Facebook, Twitter en Instagram niet meer weg te denken uit het leven van miljoenen mensen. Elk moment ben je één klik verwijderd van het delen van informatie die door iedereen gevonden, gelezen en beoordeeld kan worden. Naast het delen wordt waarschijnlijk meer tijd besteed aan het scrollen door de feed en het bekijken van de berichten van anderen. Hierdoor ben je altijd op de hoogte van waar vrienden, kennissen of misschien zelfs favoriete popsterren, acteurs en modellen mee bezig zijn. Dit staat zeker in lijn met het aanvankelijke doel van bijvoorbeeld Facebook – ‘het verbinden van mensen op deze wereld’ –, maar is slechts één kant van de medaille.   

De journalistiek verandert sneller dan ooit. Alles staat tegenwoordig online, spanningsbogen worden korter, papieren krantenoplages evenals de populariteit van andere klassieke mediavormen kelderen en mensen grijpen voor het nieuws eerder naar Facebook dan naar de krant. Hoewel dit weinig hoopvol klinkt, brengt de digitalisering van de media ook grote voordelen met zich mee: het is anno 2016 zowel goedkoper en eenvoudiger om als mediabedrijf je doelgroep te bereiken als voor jou om aan je ideale nieuwsmedia te komen. Helaas gaat dit vaak ten koste van de inhoud en diepgang. En daar ligt nu precies het gevaar.