Max Verstappen is nét twintig en is nu al een van de grootste racelegendes die we ooit hebben gehad in Nederland (niet dat dat heel moeilijk is, maar het klinkt stoer). Hij heeft in z’n eentje Formule 1 weer populair gemaakt in ons land. Hij leverde ons een classic moment in de moderne tv-geschiedenis toen hij Ziggo-commentator Olav Mol live op tv liet huilen op het moment dat hij z’n eerste race won. Vanaf dat moment is er maar één vraag die overal binnen de F1-kringen wordt gesteld: hoe ver gaat dit jochie het schoppen?

Met de rellen in Charlottesville in augustus en de keuze van het kunstencentrum Witte de With in Rotterdam om van naam te veranderen, is de discussie over de interpretatie van onze geschiedenis weer flink aangewakkerd. Wat moeten we toch met al die straten, pleinen, tunnels en monumenten die refereren aan omstreden ‘helden’ uit de zeventiende- en achttiende eeuw? Is het tijd voor een nieuwe beeldenstorm?