De Amsterdamse bubbel: feit of fictie?

De jeugdvriendin uit je geboortedorp die haar zelfvertrouwen haalt uit het feit dat ze nu in Amsterdam woont of de geboren en getogen Amsterdammer die denkt dat alles buiten de Randstad de Achterhoek heet: het zijn voorbeelden van Amsterdammers in hun bubbel. Hoe is deze bubbel te verklaren? En is hij niet wat te ver opgeblazen door de rest van Nederland?

Regelmatig worden er pogingen gedaan om deze bubbel door te prikken. Zo kwam De Speld al eens met het schokkende nieuws dat de aarde om de zon draait, in plaats van om Amsterdam. Een verslaggever van het AD wilde op zijn beurt laten zien dat er meer buiten de Randstad is dan de inwoners vaak denken. Hij maakte de serie Roel in de Regio waarin hij door het land trekt op zoek naar bijzondere verhalen van doorsnee Nederlanders.

Het stedelijk egocentrisme van veel Amsterdammers is echter nog steeds alom aanwezig. Geboren in Eindhoven, woonachtig in Utrecht en met enige regelmaat in Amsterdam te vinden, beschouw ik mezelf buiten die bubbel, maar denk ik genoeg kennis over het onderwerp te hebben om de Amsterdamse luchtbel eens onder de loep te nemen. Gezien het feit dat mijn roots in Brabant liggen, besloot ik daar te beginnen en sprak ik met twee jeugdvriendinnen over onze kijk op het fenomeen.

Import-Amsterdammers

Ons gesprek begon met het onderscheid tussen geboren en getogen Amsterdammers en ‘import’. Sommige Brabantse tieners (maar minder dan je denkt) vinden Amsterdam cool en hip en zouden er dolgraag willen wonen. Ik zal niet ontkennen dat ik daar ooit één van was. Komen zij gemakkelijker in de bubbel terecht, omdat ze Amsterdam bij voorbaat al op een voetstuk plaatsen? Of juist niet, omdat ze, in tegenstelling tot de ras-Amsterdammer binnen de bubbel, de provincie nog regelmatig bezoeken?

Lotte (23): ‘Ik denk dat, wanneer je van Brabant naar Amsterdam verhuist en je bewust de bubbel opzoekt, je echt het idee hebt dat je in een andere wereld terechtkomt, omdat je er eerst buiten leefde. Maar als je in de bubbel opgroeit, is het moeilijker om het contrast met daarbuiten te zien.’ Lotte denkt dat zo’n verhuizing op die manier als statussymbool kan dienen waardoor sommige import-Amsterdammers ook niet meer graag een kijkje buiten hun bubbel nemen. Brenda (22) herkent dit. In haar dorp kwam ze laatst een meisje tegen met wie ze op de basisschool goed bevriend was. Ze is naar Amsterdam verhuisd waar ze hippe feestjes bezoekt en een eigen zaak in vegan bowls is begonnen. Brenda begon een praatje, maar merkte grote terughoudendheid bij haar gesprekspartner.

Groepsidentiteit

Volgens Myrthe Hoekstra, socioloog en onderzoeker aan de Universiteit van Amsterdam, kan zo’n afstandelijke houding verklaard worden vanuit de groepsidentiteit. ‘Je wil bij mensen horen die zijn zoals jij. Dit is het idee van sociale gelijksoortigheid. Een onderdeel van het toe-eigenen van een groepsidentiteit is ook dat je je afzet tegen andere groepen, en dan met name door jezelf beter voor te stellen dan een andere groep.’ Myrthe denkt ook, net als Lotte, dat sommige mensen die het voor zichzelf gerealiseerd hebben om in één van de meest gewilde plekken van het land te wonen, daar een gevoel van status aan ontlenen. ‘Je zoekt een bepaald soort identiteit voor jezelf en meet die jezelf aan: grote stad, kosmopolitisch.’

Een onderdeel van het toe-eigenen van een groepsidentiteit is ook dat je je afzet tegen andere groepen, en dan met name door jezelf beter voor te stellen dan een andere groep.

Maar geïmporteerd of niet, hoe gedraagt een inwoner van de bubbel zich? Vriendin Sofie (25), die ik in Amsterdam heb leren kennen, maar ook uit Brabant komt, belde ik op voor dit artikel. Ze woont al een aantal jaar in Amsterdam en ik was benieuwd wat haar kijk was op de kwestie. Met mijn Brabo-vriendinnen was ik al op een aantal kenmerken van een bubbelinwoner gekomen: een grote liefde hebben voor Amsterdam, neerkijken op steden die niet Amsterdam zijn, het gevoel hebben dat al die steden heel ver weg zijn, veel waarde hechten aan sociale media, en vooral omgaan met gelijkgestemden. Sofie plaatste een mooie kanttekening bij dit laatste: ‘Op iedere plek zijn er wel mensen die in hun eigen wereld leven. Ook in het dorp waar ik vandaan kom. Een bubbel is gewoon het opzoeken van wat voor jou vertrouwd voelt. Het is ook een stukje tevredenheid.’

Het culturele hart

Sofie is vooral vanuit praktisch oogpunt in Amsterdam komen wonen. ‘Voor mij is hier werkgerelateerd gewoon veel meer te doen dan in bijvoorbeeld Brabant. Ik moest daarom wel infiltreren in de bubbel.’ Het feit dat veel mensen de bubbel niet uit komen, heeft volgens haar ook een praktische reden. ‘Iedereen verplaatst zich met de fiets of de metro en lang niet iedereen heeft een auto. Bovendien zijn er zoveel leuke dingen te doen. Daar hoef je niet per se ergens anders voor naartoe.’

Dat je je in Amsterdam niet hoeft te vervelen, zal niemand ontkennen. Het is nu eenmaal de hoofdstad en tevens het cultureel centrum van het land. Voor de rest van het Nederland is dat soms lastig. Myrthe: ‘Die concentratie van culturele macht beïnvloedt het nieuws waardoor het relatief vaak over Amsterdam gaat. Ten tijde van de aardbevingsproblematiek klaagden de inwoners van Groningen bijvoorbeeld dat hun meer perifere locatie zorgde voor minder journalistieke en politieke urgentie.’

De vraag is echter of de Groningers hierin gelijk hebben of dat hun klachten enkel gebaseerd zijn op sentiment. Hetzelfde geldt voor de Amsterdamse filterbubbel: in hoeverre is dit het gevolg van beeldvorming en in hoeverre realiteit? Myrthe merkte bijvoorbeeld op dat het alleen witte Nederlanders zijn die de bubbel vertegenwoordigen, terwijl Amsterdam etnisch een hele diverse stad is. In die zin wordt er dus een verkeerd beeld van de stad neergezet. Daarnaast moet ik eerlijk bekennen dat ik dé arrogante Amsterdammer nog niet ontmoet heb.