Panterprint

Ik was in de Hema voor ondergoed. Eigenlijk was ik er voor paaseitjes, maar het mooie aan de Hema is dat je er komt voor alles tegelijk. Ik ben in de Hema voor de Hema. Maar ik stond wel op de ondergoedafdeling.

Om mij heen sprokkelen andere vrouwen schichtig kijkend felgekleurde onderbroeken bijeen. Twee plus een gratis. Veertien euro voor drie strings. Niet naar elkaar kijken, niet laten zien wat je in je handen hebt. Ik ook niet. Met een T-shirt gedrapeerd over mijn afgeprijsde ondergoed stond ik even later in de rij voor de kassa. Hoe het zit met Hema’s in andere delen van het land weet ik niet, maar bij die in de Ferdinand Bolstraat werken kassamedewerkers die de druk van tijd niet voelen, en de druk van vijf wachtenden per rij ook niet. De medewerkers bij de Ferdinand Bol gaan hun gangetje, babbelen met elkaar over de lunch, kijken af en toe verdwaasd in de zee van boze wachtende yuppen voor hen en gaan dan onverstoord door met scannen. Van de medewerkers van de Hema leer ik haast hebben af.

Ik dus in die rij.

Bleek dat meer artikelen twee plus een gratis waren. Bleek ook dat dat niet in de scanapparaten van de medewerkers was ingevoerd. Alles moest handmatig, niemand wist hoe dan en iedereen had het op zijn of haar eigen manier opgelost. Met mijn hak tikte ik op de grond. Ik zuchtte, keek achter me naar andere zuchtende mensen. Van de artikelen in mijn handen leek alleen de zak paaseitjes mij waardevol genoeg om voor in de rij te blijven staan, maar die kon ik ook halen bij de Coop verderop. De rij naast me stond al langer stil dan de mijne, mijn ogen volgden de wachtenden.

Toen zag ik haar.

Ze moet begin zeventig zijn geweest. Slank, met blauwe jeans aan en schoenen die ik op zijn best ‘verstandig’ kan noemen. Haar grijze haar was kort geknipt van achter en viel van voren een beetje in haar gezicht. Om haar nek droeg ze een fleurig sjaaltje. Ze stond zorgeloos en geduldig te wachten terwijl drie kassamedewerkers bezig waren het scanapparaat goed in te stellen. Ook slachtoffer van de korting. ‘Ik wil ook wel een beetje meer betalen hoor,’ zei ze.

De kassamedewerkers moesten er niets van weten.

Nietsvermoedend gleed mijn blik naar de toonbank. De dame bleek dezelfde strings te willen afrekenen als ik, met als enig verschil dat ik gewoon drie zwarte had gepakt, en dat zij die met panterprint had gevonden. Zes strings met panterprint voor de dame op leeftijd en drie Hema-medewerkers die ze voor haar wilden afrekenen. Een massa wachtenden achter haar, geïrriteerd meekijkend. En zij, de dame met de mooie sjaal, stond er vrolijk lachend naast.

Ik besloot toch in de rij te blijven staan. Resoluut trok ik het T-shirt van het ondergoed in mijn hand.

Ik hoop later ook zo te worden.