Wind en geuren bij 4DX-films: tech-hype of waardevolle verbetering?

Bron: VoxCinemas

De nieuwe 4DX-zaal in Pathé de Munt – uitgerust met twintig water-, beweging- en misteffecten – was afgelopen kerstvakantie continu uitverkocht. Na recente cijfers over stijgende bezoekersaantallen in 2017, lijkt de toekomst positief voor de bioscopen. Maar is het die zeven euro extra waard? En wat kunnen we van die nieuwe technologische effecten verwachten?

4DX is een technologie die ervoor zorgt dat je films meemaakt met meer zintuigen dan alleen zien. Zo bewegen de stoelen synchroon met de bewegingen in de film, hoor je schietgeluiden uit je stoel komen tijdens actiescènes, ruik je geuren die bij de scènes passen en kunnen er soms straaltjes water uit de stoel voor je komen. Maar geen zorgen: de watereffecten kan je uitzetten als je niet nat wilt worden.

Na 3D, Dolbygeluid en steeds grotere schermen lijkt 4DX een grote stap in de bioscoopevolutie. Toch blijkt het voornamelijk populair te zijn vanwege de hype rondom de technologie. De nieuwsgierigheid naar het ‘nieuwe’ van 4DX spoort mensen nu aan om er een bezoek aan te brengen. Anton Damen, freelance filmjournalist en hoofdredacteur van het IFFR, zegt dat de fun-factor daarbij een grote rol speelt. “Mensen gaan nu naar 4DX omdat het iets nieuws is. Het lijkt erg op de attractie Pandadroom van de Efteling, maar dan midden in de stad. 4DX leent zich echter alleen maar voor grote blockbusters (actiefilms met grote budgetten) en zal je bij arthouse-films dan ook niet snel zien. De film zelf was ooit een kermisattractie, waar het ging om het spektakel, en nu gaat de bioscoopganger nog steeds voor die fun-factor. Dat is nu de aantrekkingskracht van het spektakel van 4DX.”

Bioscopen proberen uit technologische trucjes meer geld te trekken, terwijl de behoefte er niet echt is

Het sensatie-effect dat 4DX-zalen creëren is een manier om te concurreren met films kijken thuis op de bank. Professor Dan Hassler-Forest, gespecialiseerd in Film-, Televisie- en Cultuurwetenschappen, legt uit hoe bioscopen zich onderscheiden en wat voor effect dat heeft: “Deze ervaringen kan je thuis niet nabootsen en dat is dan ook altijd de manier waarop de bioscoop concurreert met een andere manier van film kijken, zoals Netflix. Bioscopen moeten van de filmervaring een evenement maken, wat wezenlijk anders moet zijn dan het kijken thuis.”


 Schrijf je in voor onze persoonlijke nieuwsbrief! 

Volgens Hassler-Forest is 4DX niet per se heel bijzonder. “De geschiedenis leert dat dit soort gimmicks (trucjes) komen en gaan. Het zijn juist de verhalen die boeien en dat is waarom de meeste mensen nog naar de bioscoop gaan. De kracht van de nieuwe Star Wars bijvoorbeeld ligt in de emotionele betrokkenheid en daar is 4DX niet noodzakelijk voor. Avatar (2009) in 3D was veelbelovend, maar nu is bijna alles in 3D. Bioscopen proberen uit die technologische trucjes steeds meer geld te trekken, terwijl de behoefte er niet echt is.”

Desalniettemin worden er veel sensationele ontwikkelingen verwacht op het gebied van bioscoopervaringen. Zo ook door Annie van den Oever, professor Filmwetenschappen. “Regisseur Sergej Eisenstein had het begin vorige eeuw al over trillende stoelen in de bioscoop. 4DX is naast 3D, 4K (ultra high definition) en betere geluidstechnieken ontzettend innovatief. Daarnaast kan het ook je kijkervaring versterken. Doordat de hele zaal hetzelfde meebeweegt en hoogstwaarschijnlijk hetzelfde reageert, versterkt dat het moment en is het meer een gezamenlijke ervaring”, stelt zij.

Toekomst

Die paar euro voor een 4DX-kaartje lijkt het dus waard, ook al is het puur voor de ervaring. Toch zorgt 4DX voor vraagtekens over de toekomst van bioscoopeffecten, want wat volgt er na de waterstralen, bewegende stoelen en geurtjes? Alle drie de film-experts lijken te wedden op groter, scherper en beter. Hassler-Forest houdt zelf niet van de extra poespas maar gokt op meer invloed vanuit robotica. “In Kentucky Fried Movie, een film uit de jaren zeventig, hadden ze het al over mensen achter je bioscoopstoel die je klappen geven als er wordt gevochten op het scherm. Zo ver zal het nog niet komen, maar met de snelle groei van robotica verwacht ik daar ook invloed van op film.”

Den Oever daarentegen denkt meer aan het evenement-aspect van de bioscoop. “Live Cinema, dus een eenmalige filmvertoning op één plaats, lijkt nu iets bijzonders te krijgen. Net als een opera wordt het weer een gezamenlijke ervaring om naar de film te gaan. Ook kunnen verschillende doelgroepen zo worden bereikt, net als huidige digitale media nu doet.”

4DX belooft voor nu vooral een intensere kijkervaring. Toch zullen medewerkers van de bioscoop hun gasten op korte termijn geen klappen gaan geven, zoals in Kentucky Fried Movie. Maar als we hetzelfde kunnen ruiken en bewegen in de bioscoopzaal als de personages op het scherm, wat kunnen we in de toekomst dan nog meer verwachten? Alles lijkt in ieder geval mogelijk.