Waar je op stemt bij de gemeenteraads-verkiezingen in Amsterdam

Bron: c messier / wikimedia commons

Op de eerste dag van de lente gaan we weer naar de stembussen. Voor deze lokale verkiezingen op 21 maart brengen we in Amsterdam niet één maar wel drie stemmen uit. Waar kan en mag je allemaal op stemmen bij de aankomende gemeenteraadsverkiezingen?

Ten eerste stemmen we natuurlijk voor de gemeenteraad. In Amsterdam is er één centrale raad voor de hele stad. Zij is gestationeerd in de Stopera, midden in het centrum. In de gemeenteraad zitten vertegenwoordigers van een groot aantal landelijke partijen, zoals D66 (14 zetels), PvdA (10), VVD (6), SP (6), GroenLinks (6), Partij voor de Dieren (1) en CDA (1), maar ook de lokale partij: Partij van de Ouderen (1). Bij de verkiezingen doet een groot aantal nieuwe partijen mee, onder andere Forum voor Democratie, DENK, 50Plus en de Amsterdamse partijen Bij1, Stem van de Straat en U-Buntu Connected Front (en andere geregistreerde partijen). De lijsten worden rond deze tijd bekendgemaakt en vanaf februari is een definitief overzicht van alle verkiesbaren te vinden op de website van de gemeente. Na de verkiezingen zal eerst een coalitie gevormd moeten worden. Momenteel bestaat deze in Amsterdam uit VVD, D66 en SP. Verder wordt op dit moment de stad op lokaler niveau bestuurd door zeven bestuurscommissies die zich bezighouden met de inrichting van het stadsdeel en het welzijn van de buurt. Dit zal na de verkiezingen veranderen.

Stadsdeelcommissies

Terug van weggeweest zijn namelijk de stadsdeelcommissies. Voorheen bestond de stad uit veertien stadsdelen, maar in 2010 werd dit gereduceerd tot acht verschillende bestuurscommissies. Tot 2014 hadden zeven hiervan een eigen dagelijks bestuur. Daarna kregen de stadsdelen minder macht en nam de centrale gemeenteraad een groot deel van de verantwoordelijkheden over. Vanaf maart 2018 zijn er 22 stadsdeelcommissies. Ten tweede kan je in je eigen wijk dus stemmen op vertegenwoordigers van landelijke en hyperlokale eenmanspartijen. In elk stadsdeel zitten minimaal vier bewoners die twee keer per maand vergaderen. Zij geven gevraagd en ongevraagd advies over het stadsdeel aan het dagelijks bestuur van de stad. Hun advies moet in principe gehoord worden en is zwaarwegend. Het idee hierachter is dat deze lokale commissies de gewone burger meer invloed geeft op de gecentraliseerde politiek. Toch loopt de gemeente nu al tegen grote problemen aan. Er zijn minimaal 88 aanmeldingen nodig, namelijk vier per 22 stadsdelen, maar er zijn pas 87 aanmeldingen binnen. Tot nu toe zou iedereen dus automatisch in de commissie terechtkomen. Daarnaast was het de bedoeling dat vooral ‘gewone’ burgers zich verkiesbaar zouden stellen, maar veel van deze burgers vertegenwoordigen een landelijke politieke partij. Belangrijke politieke spelers hebben hierdoor toch macht in de commissies, die voor burgers bedoeld zijn. Bovendien zijn de mogelijkheden om campagne te voeren voor eenmanspartijen beperkt waardoor ze moeilijk tegen de bekende partijen kunnen opboksen. Let wel op: je kan alleen in je eigen stadsdeel stemmen op deze commissie.

Referendum

Dan hebben de gemeenteraadsverkiezingen ook nog een element waar iedereen in Nederland over mag stemmen: het referendum over de ‘sleepwet’. Het referendum is tot stand gekomen door een burgerinitiatief van vijf UvA-studenten. Zij kwamen in opstand toen de Eerste Kamer een de vernieuwde Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten (Wiv) presenteerde. De Wiv zou de overheid meer mogelijkheden geven om online communicatie van burgers te onderscheppen. Door 300.000 handtekeningen in te zamelen stemt nu heel Nederland of ze wel of niet akkoord zijn met deze wetsverandering. Sinds 2015 is het mogelijk om, na het verzamelen van die 300.000 handtekeningen, een raadgevend referendum aan te vragen. De wet kan alleen worden afgekeurd als de opkomst boven de 30% ligt en de meerderheid tegen stemt. Al is er een addertje onder het gras: het parlement kan de wet opnieuw goedkeuren, waardoor de wet alsnog doorgevoerd kan worden. Ten derde stem je op 21 maart dus ook voor of tegen het referendum.

Jozias van Aartsen, waarnemend burgermeester van Amsterdam.
Bron: Gerard Stolk

En de burgemeester?  

Amsterdammers kunnen (nog) niet zelf kiezen wie zij als burgemeester willen. In Nederland wordt de burgemeester benoemd. Iedereen kan voor deze vacature solliciteren, al wordt lang niet iedereen uitgenodigd voor een sollicitatiegesprek. De gemeenteraad stelt een kwaliteitenlijst op waar de nieuwe burgemeester aan moet voldoen. De commissaris van de Koning selecteert de meest geschikte kandidaten en legt die voor bij de vertrouwenscommissie van de raad. Uiteindelijk wordt uit hun selectie iemand benoemd door de Koning na gesprekken met de minister van Binnenlandse Zaken. Dit hele proces duurt volgens de Rijksoverheid ongeveer vier maanden. Met het overlijden van Eberhart van der Laan afgelopen oktober, wordt sinds december de post van waarnemend burgemeester bekleed door Jozias van Aartsen. Hij streeft ernaar om in juli 2018 een nieuwe burgemeester aan te kunnen laten stellen. Toch lijkt deze deadline nogal voorbarig. Na de verkiezingen in maart moet eerst nog een coalitie gevormd worden. Wellicht blijft van Aartsen hierdoor langer op zijn positie zitten dan hij nu vermoedt.

Houd hier de Amsterdamse verkiezingen in de gaten