Waarom uitgevers als de sodemieter aan de bak moeten

Foto: Tim Mossholder

Tweewekelijks schrijven Sophie van Oostvoorn en Nina Rijnierse over de toekomst van de journalistiek. Vandaag: als krantenuitgevers niet snel wat gaan veranderen zullen ze hun deuren moeten sluiten.

Sophie van Oostvoorn.
Sophie van Oostvoorn.

Kranten veranderen te weinig in een snel veranderende wereld. Er wordt te weinig gebruik gemaakt van technologische ontwikkelingen om kranten beter te maken. En het is hoog tijd dat er wat gaat veranderen, want de oplages dalen zienderogen.

Vorige week werden de kwartaalcijfers van Nationaal Onderzoek Multimedia gepubliceerd, waar de oplagecijfers van alle Nederlandse kranten in staan. Al jaren is het een festijn van dalende lijntjes: de oplages van kranten dalen per jaar met zo’n 3 procent. Bij elkaar opgeteld zijn de krantenoplages sinds 2000 met 45 procent gedaald.

Emotionele waarde

Data analist Stephan Okhuijsen stelt in een artikel op RTL Z dat het over 20 jaar zelfs helemaal afgelopen is met de papieren oplage van de krant. Hij voorspelt, op basis van de dalende trend, dat de papieren krant in 2035 ophoudt te bestaan. Een waterdichte voorspelling is het niet helemaal, want: “Je kan niet alleen op de cijfers vertrouwen omdat juist zoiets als een papieren krant een bepaalde emotionele waarde heeft en omdat krantenbedrijven hard bezig zijn de beleving van de krant, in combinatie met het digitale aanbod, te veranderen.”

Toch denkt Okhuijsen dat de krant, in z’n gedrukte vorm, binnen afzienbare tijd wel degelijk verdwenen is. “Het wordt verhoudingsgewijs steeds kostbaarder om kranten te maken en te distribueren. Met minder abonnementen kost het dus relatief steeds meer om de krant fysiek bij iemand in de bus te krijgen. Daarbij komt dat de advertentie-inkomsten voor de papieren krant ook al een tijdje dalen. Er komt een punt dat er te veel verlies gemaakt wordt,en dan wordt het te duur om te drukken. Dus zullen uitgevers al eerder stoppen met het maken van de papieren krant.”

Oplage betaalde landelijke en regionale papieren kranten 1946-2016 (2016). Beeld:
Oplage betaalde landelijke en regionale papieren kranten 1946-2016 (2016). Beeld: Datagraver.

Consument en onderzoek

Het is dus hoog tijd voor innovatie. Van oudsher zijn technologie en journalistiek sterk met elkaar verbonden: op het moment dat de technologie een nieuwe stap nam (zoals met de drukpers bijvoorbeeld), ontwikkelde de journalistiek zich ook verder. Nu worden technologische ontwikkelingen niet altijd meer aangegrepen om betere journalistiek te maken, ondanks dat gebleken is dat de technologie de journalistiek verbetert.

Neem Blendle, daar proberen ze de krant op een andere manier te verkopen aan het publiek. Er wordt gekeken naar wat het publiek wil en hoe Blendle dat het beste kan aanbieden. Blendle gebruikt de technologische mogelijkheden van bepaalde algoritmes om hun lezers de meest geschikte content aan te bieden, bijvoorbeeld in nieuwsbrieven. Maar daarnaast doet Blendle samen met de UvA onderzoek naar welke koppen, intro’s en artikelen de meeste lezers aantrekken.

Verschillende kranten, zoals de Volkskrant en de Telegraaf, maken gebruik van video’s om gebruikers op een andere manier aan te spreken en te informeren. Maar de nadruk ligt nog steeds op het maken van een papieren krant. Daar wordt nu nog wel geld mee verdiend, maar de advertentie-inkomsten dalen al jaren. Als je ziet hoever de Correspondent is gekomen met hun verdienmodel en slechts weinig middelen, hoever zou een Persgroep of Mediahuis kunnen komen als ze een deel van hun middelen inzetten op vernieuwing?

Betaalde papieren oplage 5 grootste dagbladen, 1986-2016 (2016). Beeld:
Betaalde papieren oplage 5 grootste dagbladen, 1986-2016 (2016). Beeld: Datagraver.

Mondjesmaat innovatie

Goed nieuws is dat de digitale oplages al een tijd stijgen en ook het online bereik van de meeste nieuwsmedia toeneemt. Daar zouden uitgevers nog veel meer gebruik van kunnen maken. Een stap in de goede richting is het aanbieden van de hybride abonnementen. Dat is echter nog steeds alleen het combineren van bestaande producten, in plaats van het maken van nieuwe producten naar aanleiding van de leeswensen van consumenten.

Onderzoek wijst uit dat lezers steeds meer nieuws consumeren via hun smartphone. Waarom zouden uitgevers blijven hopen dat mensen papieren kranten kopen? Waarom investeren ze niet veel meer in de mogelijkheden van het mobiele gebruik van hun websites en/of apps, de plekken waar lezers immers te vinden zijn? Wie weet willen tevreden gebruikers op den duur wel gaan betalen voor een betere app waar ze nieuws vinden wat voor hen relevant is en op een prettige manier wordt gepresenteerd.

Veel lezers hebben een emotionele band met hun krant, maar als uitgevers op hun handen blijven zitten en het product niet op een betere manier aanbieden, zullen de geprinte versies verdwijnen en zal daarmee de voornaamste bron van inkomsten snel opdrogen. De technologische ontwikkelingen kwamen snel achter elkaar, wat er voor gezorgd kan hebben dat uitgevers het lastig vonden zich aan te passen. Maar nu het stof is gaan liggen, moeten uitgevers als de sodemieter aan de bak, voordat het te laat is. Als er niet snel iets gebeurt, kunnen uitgevers hun journalisten niet meer betalen en zullen journalistieke instituten hun deuren moeten sluiten, alleen omdat ze slechts mondjesmaat veranderingen doorvoeren in hun productie- en verdienmodel.