“Meneer Dijsselbloem, dat is te makkelijk”

Foto: Room for Discussion

Volgens de een is hij “zelfs geliefd bij de oppositie”, anderen noemen hem “de slachter van Griekenland.” Room for Discussion interviewde woensdag Jeroen Dijsselbloem, minister van Financiën (PvdA) en voorzitter van de Eurogroep. Een kritische terugblik op Dijsselbloem’s werk in Nederland en Europa, en een voorzichtige uitkijk naar 15 maart.

Dat de meningen over Dijsselbloem en zijn aanpak van de Eurocrisis uiteenlopen is duidelijk. Zo laat enerzijds de uitspraak van Alexander Pechtold in het tv-programma Buitenhof de populariteit zien van Dijsselbloem. Pechtold zei trots te zijn op wat Dijsselbloem heeft bereikt in Brussel, en hem na de verkiezingen op dezelfde functies aan te willen houden.

Jeroen Dijsselbloem, Igno Notermans en Elias Asselbergs. Foto: Room for Discussion
Jeroen Dijsselbloem, Igno Notermans en Elias Asselbergs. Foto: Room for Discussion

Maar er is ook veel kritiek op de pragmaticus. Een student deelde op locatie van het interview flyers uit met hevige beschuldigingen als “het vernielen van de parlementaire democratie in Griekenland” aan het adres van Dijsselbloem. Met andere woorden, maar eenzelfde kritische blik gingen de interviewers van Room for Discussion met de minister in gesprek.

De pijn van bezuinigingen

De minister verdedigde stellig het beleid dat hij heeft gevoerd in Europa. Tegen rapporten van onder andere het IMF in, hield Dijsselbloem vol dat de zware bezuinigingen nodig waren, en dat het zelfs onmogelijk was de financiële crisis van 2008 anders aan te pakken. “In veel landen was de staatsschuld al hoog voor de crisis begon. In goede tijden is er dus niet bezuinigd om de schuld te verminderen en een buffer te creëren.” Er was volgens Dijsselbloem simpelweg geen mogelijkheid om geld in de economie stoppen, dus moest er bezuinigd worden in economisch zware tijden.

Jeroen Dijsselbloem en Igno Notermans. Foto: Room for Discussion
Jeroen Dijsselbloem en Igno Notermans. Foto: Room for Discussion

Dit argument wordt echter sterk in twijfel getrokken door critici, en zijn beleid bleef gedurende het hele gesprek een knelpunt. Er kwam geen duidelijk antwoord op de vraag waarom ook de landen die nog wel ruimte hadden om de investeren, waaronder Nederland, dit niet deden. Ook in die landen werd namelijk fors bezuinigd. Maar Dijsselbloem’s respons werd niet zomaar geaccepteerd door de interviewers, beide met economische achtergrond: “Dat is te makkelijk.” Hoewel er flink werd doorgevraagd, bleef een bevredigend antwoord toch uit.

De hoge prijs van de crisis werd, en in landen als Griekenland is dit nog steeds het geval, namelijk betaald door de onderkant van de samenleving. Zowel interviewers als publiek zochten daarom naar Dijsselbloem’s motivatie dat zijn beleid rechtvaardigde. De politicus gaf toe dat mensen in de onderste lagen van der maatschappij het inderdaad het zwaarst hadden, maar vond dat niet de bezuinigingen hiervan de oorzaak zijn, maar de onhoudbare situatie die er al was vóór de crisis.

Foto: Room for Discussion
Foto: Room for Discussion

Vooruit kijken

De oplossing is volgens Dijsselbloem hervorming om een duurzame welvaartsstaat en sterke economie op te bouwen, en wat dat betreft is hij optimistisch over de toekomst. Hij wijst op de groeiende economie in Europese landen, de goede voorspellingen en het wederkerende vertrouwen van consumenten. Politiek gezien is het spannender door de aankomende verkiezingen in Frankrijk, Duitsland en Italië. Dijsselbloem hoopt in deze landen op pro-Europese leiders om mee samen te werken.

Jeroen Dijsselbloem, Igno Notermans en Elias Asselbergs. Foto: Room for Discussion
Jeroen Dijsselbloem, Igno Notermans en Elias Asselbergs. Foto: Room for Discussion

Ook in Nederland ziet hij dat voor zich. “Ik zou graag een sterk, progressief blok vormen”, zegt Dijsselbloem, “wat mij betreft wordt de regering zo progressief mogelijk, met een coalitie van de PvdA, GroenLinks, D66, en SP”. Volgens de huidige peilingen zou dit geen meerderheid in de kamer opleveren. Er moet dus nog veel gebeuren deze week om een dergelijke samenwerking, waar de huidige minister op hoopt, werkelijkheid te laten worden.