Forum voor Demagogie

Foto via Forum voor Democratie / Facebook

Een existentiële crisis bedreigt het voortbestaan van de Nederlandse samenleving en niemand doet er wat aan. Dat is tenminste wat de nieuwe partij Forum voor Democratie (FvD) de kiezers wil doen geloven. FvD wil daarom het systeem radicaal omgooien. Maar hoe zinvol zijn die vernieuwingen eigenlijk?

De eerste vraag is of er überhaupt een crisis is en of die wel zo existentieel is als de partij doet voorkomen. Een deel van de argumenten die ze aanhalen zijn namelijk op zijn minst twijfelachtig te noemen. Volgens het FvD worden onder meer onze grenzen ‘niet langer verdedigd’, staan we bloot aan ‘massale immigratie die we niet aankunnen’ en neemt de terreurdreiging ‘steeds verder toe’. Daarom wil het FvD onder andere ‘grenscontroles herinvoeren’ en een veel strikter immigratiebeleid hanteren.

Feiten

De bovengenoemde stellingen komen echter niet overeen met de feiten. De Nederlandse grenzen worden al beschermd door grenscontroles, zoals vastgelegd in de Vreemdelingenwet, en zijn vorig jaar zelfs nog verscherpt. Dus het plan om grenscontroles opnieuw in te voeren is per definitie onmogelijk.

Ook de uitspraak dat Nederland bloot staat aan “massale immigratie die we niet aankunnen” is twijfelachtig. Het klopt dat Nederland mede door een migratieoverschot in 2016 een relatief hoge bevolkingsgroei kende, maar volgens het CBS zal dit positieve migratiesaldo de komende jaren afnemen. Tegelijkertijd werden er in 2016 een stuk minder asielaanvragen (ruim 18.000) gedaan dan in het piekjaar 2015 (ruim 43.000).

Met betrekking tot de terreurdreiging in Nederland geldt exact hetzelfde. Deze neemt namelijk niet “steeds verder toe”, zoals het FvD beweert, maar is al sinds maart 2013 op hetzelfde niveau: ‘substantieel‘. Ook in de jaren daarvoor was het dreigingsniveau volgens de NCTV (Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid) afwisselend ‘beperkt’ en ‘substantieel’.
Of er een existentiële crisis is die de samenleving bedreigt is dus maar zeer de vraag.

Het partijkartel

Foto via bol.com
Foto via bol.com

De grote boosdoener is volgens het FvD het zogenaamde “partijkartel”, een gesloten groep van circa 10.000 mensen van “een select aantal partijen” die “het politieke systeem dicht houden voor nieuwe mensen en nieuwe ideeën” en “meedraaien in een baantjescarrousel”. Bestuurders, hoogleraren, journalisten, parlementsleden: ze zouden allemaal worden gerekruteerd door de partijtop.

Dit idee is echter niet gebaseerd op de realiteit. Universiteiten stellen nog steeds zelf hoogleraren aan en over de aanstelling van journalisten hebben politieke partijen sinds de ontzuiling in de jaren zestig al niets meer te zeggen. Bovendien zouden verkiezingen overbodig zijn als parlementsleden door de partijtop worden gerekruteerd. Slechts het idee dat bestuurders nogal eens direct uit de politiek komen valt te verdedigen. Camiel Eurlings ging bijvoorbeeld direct na zijn werk als minister van Verkeer en Waterstaat aan de slag bij de KLM.

Daarnaast is de omschrijving van het partijkartel bijzonder hypocriet. Op de kieslijst van FvD staan namelijk 3 (oud-)journalisten, 1 bestuurslid en 3 (oud-)hoogleraren. Een van die hoogleraren (Paul Cliteur) is zelfs het gezicht van de crowdfunding-actie om het partijkartel te breken.

Nieuw systeem

De oplossing voor dit partijkartel ligt volgens het FvD in een radicale hervorming van het politieke systeem. De twee belangrijkste speerpunten zijn de invoering van bindende referenda en volksinitiatieven naar Zwitsers model en een gekozen minister-president.

In het Zwitserse model kan het parlement worden overruled door middel van referenda die alleen burgerinitiatieven en oppositiepartijen kunnen initiëren. Daarnaast is een referendum verplicht bij iedere grondwetswijziging en toetreding tot een supranationale organisatie.

Lijsttrekker Thierry Baudet. Foto via Forum voor Democratie
Lijsttrekker Thierry Baudet. Foto via Forum voor Democratie

Voor de tweede verandering zou iedere stemgerechtigde twee stemmen krijgen: één voor een partij en één voor de minister-president. Bovendien wordt de macht van de minister-president aanzienlijk uitgebreid. Deze vormt de nieuwe regering, stelt het kabinet samen, en kan op eigen houtje ministers ontslaan en staatssecretarissen promoveren. Tot slot zou de premier bepaalde zaken als ‘Chefsache‘ kunnen betitelen en zo individuele ministers kunnen overrulen.

Het idee achter deze verandering is dat Nederland dan slagvaardiger geregeerd zou worden. Het kan echter ook averechts werken en de politiek verdelen in een links en rechts blok die beide minder op het sluiten van compromissen uit zijn. Een zodanig machtige positie zou de strijd om het Torentje verhevigen. Dit maakt de toch al lastige formatie nog moeilijker en drijft mensen de politiek in die slechts de macht en aanzien van het ambt willen.

Dat een systeem met een centrale figuur helemaal niet tot een meer slagvaardige regering hoeft te leiden laat het Amerikaanse systeem zien, waar de rol van een centrale figuur tot in het extreme is uitgevoerd. Het is in die zin dus niet direct een aanbeveling. Bovendien zou een gekozen premier ook haaks staan op het eerdergenoemde Zwitserse model. Daarin wordt de functie van president namelijk elk jaar uitgeoefend door één van de zeven ministers, waardoor politieke persoonlijkheden nauwelijks een rol spelen. Deze systemen lijken dus niet te combineren, los van de vraag hoe goed ze onafhankelijk van elkaar functioneren.

De plannen van het FvD lijken dan ook vooral een vernieuwing om de vernieuwing. Er is niet goed nagedacht over de implementatie hiervan, en de vraag wat er überhaupt mis is met het huidige systeem. Zo bezien is het maar de vraag hoe heilzaam het is voor de Nederlandse democratie als het FvD zijn plannen tot uitvoer zou brengen.