Waar komt de groeiende haat voor moslims vandaan?

Waarom Haten Ze Ons Eigenlijk? Red.: Frits Bosch. Uitgeverij: de Blauwe Tijger. Foto via Bol.com

Hoe breng je het aantal moslims terug naar slechts 1 á 2 procent van de bevolking? Dit was één van de vragen die afgelopen week in De Balie gesteld werd. Waar komt die haat richting de Islam vandaan? Zijn we elk greintje fatsoen en menselijkheid verloren?

Sinds de aanslagen op de Twin Towers op 11 september 2001 lijkt de angst voor moslims als geheel toe te nemen. De recente aanslagen in Europa hebben enkel olie op het vuur gegooid. Ook in Nederland is dit duidelijk merkbaar, waar Geert Wilders het ‘De-Islamiseren’ van Nederland gebruikt als zijn belangrijkste verkiezingsbelofte. Wat maakt dat daden van enkele terroristen kunnen leiden tot angst voor een gehele bevolkingsgroep?

Groepsprocessen

Bij het analyseren van groepsprocessen wordt in de psychologie onderscheid gemaakt tussen een in- en out-group. Sociale groepen ontstaan doordat wij op basis van gemeenschappelijke kenmerken onszelf en anderen in verschillende groepen indelen.

Op kleine schaal resulteert dit in het opzoeken van vrienden, studiegenoten of collega’s. Deze personen zien wij als de in-group. Mensen met wie we ons minder of helemaal niet verbonden voelen zien we als de out-group. Op grote schaal leidt het vormen van sociale groepen bijvoorbeeld tot de ‘Westerse samenleving’ tegenover de ‘Islamitische gemeenschap’.

Generalisatie

Het idee dat personen uit de out-group sterk met elkaar verweven zijn in een verenigde, coherente eenheid omschrijft men in de sociale psychologie met het begrip entitativity. Uit verschillende onderzoeken blijkt dat mensen buiten de Islamitische gemeenschap de Islam doorgaans omschrijven als een ongedifferentieerde en onveranderlijke groep. Daarbij is het opvallend dat dit idee sterker blijkt te zijn voor de Islamitische gemeenschap, dan voor andere groepen.

Wanneer wij een groep als high entitative zien, zoals met de Islamitische gemeenschap gebeurt, wordt de hele groep verantwoordelijk gehouden voor het gedrag van individuen binnen diezelfde groep. Dit verklaart waarom wij de daden van moslimextremisten niet of nauwelijks kunnen scheiden van de rest. Het is alleszins begrijpelijk dat de angst op die manier toeneemt: wie kan je wél vertrouwen?

We houden de hele Islamitische gemeenschap als groep verantwoordelijk voor de daden van individuele moslimextremisten

Fundamentele attributiefout

Rebecca Johnson, sociologe en onderzoekster van Stanford University, benadrukt dat er hier sprake is van een belangrijke denkfout: de zogenaamde ‘fundamentele attributiefout’. We schrijven oorzaken van andermans gedrag toe aan interne en onveranderlijke factoren, terwijl we ons eigen gedrag zien als het gevolg van veranderlijke, externe en tijdelijke factoren.

Wanneer bijvoorbeeld jij en een collega beiden het werk niet afhebben, weet je dat het bij jou komt omdat je je ziek voelde: daar kon je niks aan doen. Maar je collega heeft zijn werk nooit af, loopt er altijd de kantjes vanaf en is onzorgvuldig: dat is altijd hetzelfde liedje. In het geval van moslimextremisme kan de oorzaak van de aanslagen worden gewijd aan vijandigheid, diepgeworteld in het geloof. Dit veroorzaakt logischerwijs angst jegens diezelfde religie omdat de oorzaak van terrorisme plotseling onveranderlijk lijkt.

Gevaarlijke combinatie

De combinatie van enerzijds het idee van gedeelde verantwoordelijkheid binnen de out-group en anderzijds de fundamentele attributiefout heeft twee gevolgen. Ten eerste leidt de gedeelde verantwoordelijkheid tot overhaaste generalisatie. Zo is een aanslag van iemand uit de in-group een ‘daad van een enkele verwarde man’, terwijl veel mensen ‘alle moslims en de Islam’ verantwoordelijk houden voor de aanslag in Berlijn.

Ten tweede wordt de oorzaak van deze aanslagen ten onrechte gezien als onveranderlijk, zoals een diepgewortelde vijandigheid jegens de Westerse samenleving. Met deze visie lijkt er geen andere oplossing mogelijk dan de personen die we als onveilig beschouwen te ontwijken of uit te sluiten.

Het gaat niet om wij tegen de ander: het gaat erom dat wij allemaal door één deur kunnen

Denk na over ons denken

Hoewel deze denkfouten eenvoudig te verklaren en menselijk zijn, is dit geen reden om de ogen te sluiten. Het koppig vasthouden aan deze fouten is hoe dan ook een keuze. Politici die bewust inspelen op het onderscheid tussen in- en out-groups en de bijkomende angst, maken domweg gebruik van de valkuilen in ons denkproces. Met als gevolg dat verschillende bevolkingsgroepen steeds verder tegen elkaar worden uitgespeeld. Het gaat niet om wij tegen de ander: het gaat erom dat wij allemaal door één deur kunnen.

Kijk hieronder het programma in De Balie van vorige week terug.