Mode: kunst of consumptiegoed?

Andrew Bolton in The First Monday in May, een uitgave van Magnolia Pictures. Foto: Magnolia Pictures.

Verdient mode het om tot de categorie kunst te horen? Onze moderedactrice Ananda Hegeman legt uit waarom wel. “De modeontwerper wil net zo goed iets duidelijk maken met zijn ontwerp als een kunstenaar met een schilderij of beeldhouwwerk.”

Na de première van de documentaire ‘The First Monday in May’ tijdens het IDFA eind 2016 werd tijd vrijgemaakt voor een kritisch interview met de regisseur Andrew Rossi over mode. De documentaire volgt op de voorbereidingen van het jaarlijkse door Vogue georganiseerde Met Gala in het Metropolitan Museum of Art. Hier werd in 2015 de groots opgezette mode-expositie China: Through the Looking Glass geopend. Een van de vragen die tijdens het interview aan bod kwam is of mode wel kunst is. Het is een kwestie die menig kunst- of modeliefhebber wel vaker bezighoudt.

Een scène van The First Monday in May, een uitgave van Magnolia Pictures. Foto: Magnolia Pictures.
Een scène van The First Monday in May, een uitgave van Magnolia Pictures. Foto: Magnolia Pictures.

Een verhaal

Mode en kunst zijn wel degelijk verbonden; ze beïnvloeden, inspireren en maken gebruik van elkaar. De algemene beschrijving voor de term mode is wat in bepaalde tijd aantrekkelijk is, uitgedrukt in onder andere kleding, kapsels en levensstijl. De definitie van kunst is alles wat door een mens is gemaakt dat tot doel heeft het menselijke zintuig en geest te prikkelen. Mode en kunst zitten dus wat dat betreft op dezelfde lijn, de modeontwerper wil namelijk net zo goed iets duidelijk maken met zijn ontwerp als een kunstenaar met een schilderij. Bovendien verschaft kennis van kunst je vaak meer inzicht in hoe een modeontwerp tot stand is gekomen.

Gekoppelde exposities

Daarnaast ontmoeten mode en kunst elkaar steeds vaker in musea: modeontwerpers worden uitgelicht in een solotentoonstelling of beiden worden in breed uitgemeten tentoonstellingen aan elkaar gekoppeld. In het Museum Boijmans van Beuningen in Rotterdam was in 2015 bijvoorbeeld ‘The Future of Fashion is Now’ te zien waarin de mode van de toekomst werd getoond. In drie maanden bezochten ruim 83.000 mensen de expositie. De ontwerpers varieerden van gevestigde designers als Viktor&Rolf, Hussein Chalayan en Iris van Herpen tot de nieuwe generatie modeontwerpers van over de hele wereld. Ook een groot succes werd de tentoonstelling ‘Catwalk’, waar het Rijksmuseum mode in Nederland van 1625 tot 1960 presenteerde.

Over honderd jaar hangt de kleding van H&M wellicht in een museum tijdens een tentoonstelling over onze huidige periode

Theatershows

Het neerzetten van vernieuwende collecties is ook al een kunst op zich. Op de catwalk zijn soms ontwerpen te zien waarvan je je niet kunt voorstellen dat ze ooit gedragen zullen worden, omdat ontwerpers graag de grenzen van mode opzoeken. De modeshows zelf zijn tegenwoordig ook kunstwerken, het zijn als het ware theatervoorstellingen geworden. Neem bijvoorbeeld de Louis Vuitton show van 2012 waar een heuse trein de zaal inreed met de modellen erin; of kijk naar Chanel die voor de laatste paar shows het Grand Palais in Parijs heeft omgebouwd tot onder andere een supermarkt, vliegveld of zelfs een hele straat.

H&M en kunst

Andrew Rossi, regisseur van The First Monday in May, een uitgave van Magnolia Pictures. Foto: Magnolia Pictures.
Andrew Rossi, regisseur van The First Monday in May, een uitgave van Magnolia Pictures. Foto: Magnolia Pictures.

Ondanks de duidelijke verbinding van mode en kunst, zullen we ze soms toch moeten onderscheiden. Zoals wanneer er tijdens het interview met Rossi gevraagd werd of de collecties van H&M dan ook kunst zijn. Hierop antwoordde hij dat de kledingstukken zelf dan misschien geen kunstobjecten zijn, maar het concept ‘H&M’ — met alles wat daaromheen hangt, zoals de marketingstrategie, fast fashion en de invloed die ze hebben op jongeren — wél weer bewonderingswaardig te noemen is. Over honderd jaar hangt deze kleding wellicht in een museum tijdens een tentoonstelling over onze huidige periode.

Rossi heeft met de documentaire geprobeerd duidelijk te maken dat de ontwerpen die in het Met tentoongesteld worden, automatisch geïnterpreteerd worden in een historische of culturele context. Dit zorgt ervoor dat we ze niet meer zien als product, maar als kunstwerk. Hij concludeerde dan ook: “Fashion is certainly capable of serving as art — if you know where to look.’’

Hierboven zie je beelden van de mode-expositie China: Through the Looking Glass.