Succes biedt geen garantie

Den Haag, 31-10-2016. Beeld uit de voorstelling Hamlet van Toneelgroep De Appel. Regie David Geysen met o.a.David Geysen, Iwan Walhain, Isabella Chapel, Hugo Maerten, Lester van Olffen, Bob Schwarze, Judith Linssen, Beaudil Elzenga, Fahd Larhzaoui. Foto: Leo van Velzen.

Elke maand blikt Nuno Blijboom terug op bijzondere of interessante theatervoorstellingen. Deze maand: Hamlet van Toneelgroep De Appel. De allerlaatste voorstelling van Nederlands oudste theatergezelschap, dat komend jaar geen subsidie meer krijgt en daarom ophoudt te bestaan. “In een tijdperk waar er nauwelijks geld voor de kunsten is, zou huidige kwaliteit boven voorbijgane kwaliteit moeten gaan.”

Ik zag deze maand een Vlaming met een trechter op zijn hoofd in veertig minuten een universum scheppen met LP’s en een pannenkoek. Maar daar ga ik het niet over hebben. Ik wil het hebben over iets wat mij nog veel meer verbaasde afgelopen maand: de polemiek rond het einde van Toneelgroep De Appel.

Het oudste Nederlandse gezelschap krijgt vanaf 1 januari 2017 geen subsidie meer van de gemeente Den Haag en kan niet langer voortbestaan. Artistiek leider Arie de Mol stapte op en David Geysen nam voor de laatste loodjes zijn werk over. Hij gooide de plannen voor de rest van het seizoen om en besloot als slotvoorstelling Hamlet op de planken te zetten.

Eerste golf kritiek
Ik heb deze Hamlet niet gezien. Desalniettemin wil ik reflecteren op de bizarre manier hoe er met de kritiek op dit sluitstuk is omgegaan. Laten we bij het begin beginnen: op 15 november schreef Loek Zonneveld een flink kritiekstuk op de website Theaterkrant, gaf de voorstelling twee sterren en kreeg vervolgens de hoon van regisseur en titelvertolker David Geysen over zich heen.

Volgens Geysen zou Zonneveld in zijn artikel de waarheid verdraaid hebben en hen geen kans hebben gegeven wegens zijn vriendschap met oud-regisseur De Mol. Criticus Jacques Nachtegaal schaarde zich eveneens aan de kant van De Appel, maar ook hij wist niet te vertellen wat precies de onzin was die Zonneveld uitkraamde.

Geduld is ereschuld
Daarop publiceerde politiek journalist Marc Chavannes enkele dagen later bij De Correspondent een boos artikel over de subsidiestop van De Appel. In zijn artikel stelt Chavannes dat De Appel nooit echt subsidie gegund werd en dat heel Nederland ondankbaar is jegens het werk dat de De Appel jarenlang afleverde.

Historisch besef, een prachtig oeuvre en sterke bijdragen aan het Nederlands cultureel erfgoed. Chavannes zag dit als voldoende om De Appel subsidie te blijven verstrekken. Dat Arie de Mol de afgelopen jaren de artistieke kwaliteit schijnbaar omlaag heeft gehaald tijdens zijn leiderschap (iets wat Chavannes vrijwel woord voor woord aanhaalt), zou geen bezwaar moeten zijn: “Een beetje geduld is een ereschuld,” aldus Chavannes.

Den Haag, 31-10-2016. Beeld uit de voorstelling "Hamlet" bij de toneelgroep De Appel. Regie David Geysen met o.a.David Geysen, Iwan Walhain,Isabella Chapel, Hugo Maerten, Lester van Olffen, Bob Schwarze, Judith Linssen, Beaudil Elzenga, Fahd Larhzaoui. Foto: Leo van Velzen.
Beeld uit de voorstelling Hamlet van Toneelgroep De Appel. Regie David Geysen.
Foto: Leo van Velzen.

Theatercriticus en dramaturg Marijn Lems reageerde op Chavannes’ artikel en zei dat het toch wel een tikkeltje eenzijdig opgeschreven was. Toen kwam de boze aap uit de mouw: net als De Appel en David Geysen werd Chavannes boos op enige vorm van kritiek.

Daarop vroeg ik mij af: waarom mogen voorstellingen niet langer beoordeeld worden op hun kwaliteit? Waarom mag het sluitstuk van 45 jaar hard werken niet met een kritische blik bekeken worden? Dit is een gevaarlijke beweging die het theater meer kwaad dan goed doet.

Voor wat hoort wat
Deze arrogante houding van De Appel en consorten is misschien wel precies wat hen de kop heeft gekost. Natuurlijk is het verschrikkelijk dat het oudste gezelschap van Nederland opgedoekt wordt, maar laten we niet doen alsof De Appel de afgelopen jaren consistent het allerbeste theater van De Lagen Landen heeft afgeleverd.

Afgaande op de recensies, heeft De Appel in de afgelopen vier jaar maar één echt sterke voorstelling afgeleverd. Alleen Herakles uit 2012 kreeg minstens vier sterren van alle dagbladen en Theaterkrant. Alles wat zij daarna opgevoerd hebben kreeg vrij consistent enkel drie sterren of minder van dezelfde kritische media. En dat met bijna twee miljoen euro subsidie per jaar.

Natuurlijk zou elk invloedrijk gezelschap (dat was De Appel wel, ere wie ere toekomt) voldoende geld moeten krijgen om voorstellingen te blijven maken. Misschien zou het theaterlandschap dan mooier en diverser dan ooit zijn. Maar dat gaat niet. Er is geen geld. Dat betekent dat gezelschappen die al jaren onderpresteren zullen sneuvelen. En tja, dan geldt een eeuwenoud economisch principe ineens ook voor de kunsten: successen uit het (verre) verleden bieden geen garantie voor de toekomst.

Iedere maand geeft Nuno Blijboom zijn ongezouten mening over de theaterwereld. Hier lees je alle Blikken van Blijboom.