Tranceformatie

Foto: Stephan van Hesteren

Elke maand blikt Nuno Blijboom terug op bijzondere of interessante theatervoorstellingen. Deze maand reflecteert hij op Schwalbe speelt een tijd. Een heel lange tijd: ‘Een belachelijke hoeveelheid blikjes vult stukje bij beetje en met veel kabaal de vloer. Ik begin langzaam mijn grip op de realiteit te verliezen.’

Het nieuwe theaterseizoen begint traditiegetrouw met het Theaterfestival: de beste voorstellingen van het voorgaande seizoen staan nog een paar keer op de planken, voor de uitreiking van de Toneelprijzen het nieuwe seizoen inluiden. Met de TF Specials zette het organisatie ook nog de eervolle vermeldingen heel kort in het zonnetje. Of in het geval van Schwalbe speelt een tijd, in de maneschijn. In Schwalbes laatste performance werden tussen 23:59 en 06:00 uur elf decors uit eerdere voorstellingen van andere, (middel)grote theatergezelschappen opgebouwd en afgebroken. Geïntrigeerd vertrok ik op 9 september midden in de nacht naar Theater Bellevue.

23:45 Ik kom aan bij Theater Bellevue. Buiten begint de drukte bij theatercafé De Smoeshaan al langzaam af te nemen. Ondanks de cafeïneboost die ik een kwartier eerder thuis tot me had genomen, betrap ik mezelf erop dat ik moet gapen. Om de komende zes uur door te komen, haal ik nog een kop koffie.

23:58 Nog één minuut tot aanvang. Ik kijk me om heen en zie dat pakweg dertig anderen mij en mijn geliefde zullen vergezellen in de Grote Zaal. Voor de deur is een klein barretje gemaakt, waar tegen een klein bedrag bier, wijn en tosti’s aangeboden worden. Koffie is gratis. Bijna schenk ik mezelf bij, maar ik bedenk me. Drie koppen moeten voorlopig genoeg zijn.

00:15 Het eerste decor is alweer afgebroken. Gelijk wordt duidelijk wat het vijfkoppig collectief de rest van de avond voor ons gaat doen: oude decors van andere gezelschappen nog eenmaal in de spotlight zetten. Een metafoor voor de vergankelijkheid van het theater of een ode aan theatertechnici en toneelknechten?

Ik begin langzaam mijn grip op de realiteit te verliezen

00:40 Plank nummer negen wordt aangedragen. Inmiddels staat er een half café op het podium. Cafeïne raast op volle toeren door mijn aderen. Gele natriumlampen trekken al het licht uit de zaal. Dit blijkt een ongelukkige combinatie en alles om me heen begint langzaam te pulseren. Ik kijk naast me. Mijn geliefde zit vol fascinatie te kijken. Ik zie alleen haar hoofd groter en kleiner worden. Ik kijk weer naar het podium. Twee performers zetten plank elf neer.

01:25 Het afbreken van het café uit de mimevoorstelling Bambie 10 is in volle gang. Alles wat ik zie blijft groeien en krimpen. Om me heen zie ik dat bijna iedereen onder grijze, wollige dekentjes is gekropen. Een paar rijen achter me zie ik de bekende mimer Marien Jongewaard zitten. Om hem heen slaapt iedereen, maar hij zit vol spanning af te wachten tot het volgende door hem gedoneerde decor opgebouwd wordt. Twee mensen verlaten de zaal. Ik vraag me af of ze nog terugkomen.

01:45 Vier kapotte motors worden met grootse moeite op het podium gezet. Jongewaards tweede decor staat er nog geen vijf seconden voor het met nog grotere moeite weer weggereden wordt. We krijgen oordopjes uitgereikt. Het volgende decor is nogal luid, aldus een van de performers. Grote, zwarte zakken worden vanachter de tribune gehaald en leeggegooid op het podium. Een belachelijke hoeveelheid blikjes vult stukje bij beetje en met veel kabaal de vloer. Ik begin langzaam mijn grip op de realiteit te verliezen.

Foto: Stephan van Hesteren
Foto: Stephan van Hesteren

02:10 Hoe lang zit ik al in de zaal? Twee uur? Drie uur? Vijf uur? Hoe zien kleuren er ook al weer uit? Hoe klinkt een stilte? Nog steeds worden er blikjes op het podium gestrooid. Ik voel me gevangen in een nachtmerrie. Ik geef eindelijk toe en kijk naar de tijd op mijn telefoon. Tien over twee. Ik zit er pas twee uur. Spontaan trekt er een vlaag van acousticofobie – angst voor geluid – door mijn lijf. Ik moet weg. Samen met mijn geliefde verlaat ik de zaal. Gelijk merk ik dat ik honger heb. Ze haalt wat geld tevoorschijn en begint twee tosti’s te bakken. In de verte hoor ik nog steeds de kakofonie van aluminium op hout. Beeld ik het me in? Ik kijk om me heen. De foyer van Bellevue ziet er vreemd uit. Ik kan niet plaatsen waarom. Ik neem een hap. Nog nooit heeft een tosti zo goed gesmaakt.

Een felle lamp en een rookmachine gaan aan. Het beeld dat volgt is overdonderend

02:40 Met sneeuwscheppen en evenveel herrie zijn de blikjes weer opgeruimd. Het tweede café van de avond staat al bijna in volle glorie voor ons. De man naast me is languit op de voorste rij gaan liggen. Achter me hoor ik zacht gesnurk. Ben ik het zelf? Ben ik nog wel wakker? Ik kan me niet herinneren dat Café Lehmitz van TG Carver in elkaar geschroefd werd.

03:00 Het 21-jaaroude decor is afgebroken en een enorm douchegordijn wordt vlak voor de eerste rij opgehangen. In een hypnotiserende traagheid rijdt het metershoge karretje van de ene kant naar de andere kant. Het semidoorzichtige doek hangt. Een felle lamp en een rookmachine gaan aan. Het beeld dat volgt is overdonderend. Ik zit niet meer in Bellevue, maar bevind me in een klinische droomwereld. Of slaap ik weer?

03:35 Rijen en rijen van kleurloze, plastic tulpen hebben het podium gevuld. De zorgvuldigheid en repetitie waarmee deze neergezet zijn, brengen mij in een trance. Dan gaan de tl-balken tussen de bloemen aan. Een explosie van rood en groen vult de zaal. Ik hoor gemurmel om me heen. Het publiek is onder de indruk. Ik ook. Desondanks is het me te veel geworden. Mijn hoofd barst uit elkaar door vermoeidheid en een paradoxale combinatie van te veel en te weinig prikkels. Mijn geliefde en ik besluiten te gaan.

03:45 Ik sta buiten. Ik kijk om me heen. De wereld klopt niet. De straatlantaarns zien er vreemd kleurrijk uit en de enige auto’s die ik zie zijn taxi’s. Belachelijk veel taxi’s. Alsof ze uitgestrooid zijn uit grote, zwarte zakken en met een oorverdovend getoeter de Marnixstraat vullen.