Rijks’ Jongste Kunstverzamelaar

Dit bericht is oorspronkelijk gepubliceerd bij Maximum Amsterdam


Historicus Wouter van der Horst is nog geen dertig en heeft al gewerkt als geschiedenisdocent, medewerker onderwijs bij het Rijksmuseum en in zijn vrije tijd als kunstverzamelaar. Wij spraken Wouter over hoe hij terecht kwam bij de vrij ongebruikelijke bezigheid en hoe het kunst verzamelen hem is vergaan.

EDEN BRÜNINGHAUS

Heeft je studie geschiedenis geholpen bij het kunst verzamelen?
“Zeker, omdat ik erg van verhalen houd. Ik heb ook de docentenopleiding geschiedenis gedaan en les gegeven. Wat ik het leukst vind is om verhalen te vertellen. Dat is wat geschiedenis zo interessant maakt: we maken allemaal onderdeel uit van een groot verhaal, en die historische objecten, die bronnen, die maken dat verhaal iets tastbaarder: ze zijn een greep uit het verleden. En nog steeds als ik op veilingen ben, ben ik naar dat soort, vooral historische, objecten op zoek: objecten die een compleet verhaal vertellen.”

“Op veilingen ben ik op zoek naar historische objecten die een compleet verhaal vertellen.”

Hoe ben je op het idee gekomen om kunst te verzamelen?
“Ik ben samen met vrienden van mij – niet met de intentie om te handelen, gewoon omdat we het leuk vonden – naar laagdrempelige veilingen gegaan als de Oprechte Veiling te Haarlem, veilinggebouw De Zwaan op de Keizersgracht en veilinghuis De Eland in Diemen. Daar begonnen we met eigen geld dingen te kopen die we gewoon mooi vonden. Om dat op gang te houden moet je ook af en toe wat verkopen, daar zit het handelselement.”

Zat er een overkoepelend thema in de objecten die jullie uitzochten?
“We gingen altijd uit van het idee dat als we iets bijzonders zagen, dat we dat kochten. Ik heb bijvoorbeeld een keer een ‘toverlantaarn’ gekocht. Daarbij zat een klein doosje, waarvan niemand precies wist wat het was – het veilinghuis had er ook niet goed naar gekeken. Het zag er niet heel bijzonder uit maar het sprak mij wel aan. Uiteindelijk heb ik het voor weinig geld gekocht. Het bleek een zelfgemaakte camera te zijn uit 1901: er zaten allerlei originele foto’s bij en een handgeschreven brief. De maker had het gemaakt omdat zijn zoon graag gefotografeerd wilde worden. Toen ik bij het Rijksmuseum ging werken, heb ik het aan het museum geschonken. De afdeling fotografie doet op dit moment onderzoek naar de camera.”

Hoe verloopt zo’n veiling?
“Op veilingen heb je altijd kijkdagen, dat is het leukste wat er is. Bij De Zwaan bijvoorbeeld, dan kom je in zo’n prachtig grachtenpand en staat elke verdieping vol met kunst en objecten. Dat varieert van de meest simpele dingen – soms staan er zelfs oude tv’s tussen – tot hoogwaardige schilderijen uit de zeventiende eeuw. Het is erg leuk om daar gewoon rond te lopen. Dat werkt eigenlijk hetzelfde als wanneer je in een museum bent: sommige dingen spreken je aan en sommige dingen niet. Als iets je aanspreekt, dan ga je in de veilingcatalogus kijken naar wat het veilinghuis erover te zeggen heeft. Vaak staat daar dan ook al een waarde-inschatting bij. Vervolgens kun je gaan inschatten of dat iets is waar je op zou willen bieden. Op de dag zelf, wanneer de veiling is, ga je bieden en hoop je dat er niet teveel andere gegadigden zijn.”

“De objecten op een veiling variëren van oude tv’s tot hoogwaardige schilderijen uit de zeventiende eeuw.”

Heb je tips voor mensen die er ook over nadenken om het verzamelen van kunst in te gaan?
“Jazeker! Ga ten eerste naar een kijkdag, en denk niet dat je alles zelf moet doen. Ga met vrienden of familie, samen is altijd leuker dan alleen! Tenslotte is het belangrijk dat je enthousiast bent en dat ook toont.”

Overzicht-1
Veilinghuis De Zwaan op de Keizersgracht. Bron: soekis.com.