De Historische Sensatie: Amsterdammertjes

Dit bericht is oorspronkelijk gepubliceerd bij Maximum Amsterdam

‘Van Kanon tot Souvenir’

De geschiedenis van Amsterdam is overal om ons heen te zien. Als je goed oplet kan je op allerlei plekken een ‘historische sensatie’ ervaren, zoals Johan Huizinga het uitdrukte. Vandaag: Amsterdammertjes.

Ze zijn niet weg te denken uit het Amsterdamse straatbeeld en inmiddels een icoon geworden voor de stad: de rood-bruine Amsterdammertjes. Toeristenwinkels liggen vol met chocolaatjes, sleutelhangers, koelkastmagneten en aanstekers in de vorm van de stalen paaltjes. Maar waar dienen ze eigenlijk voor? En is dat altijd zo geweest? De meest voor de hand liggende functie van de Amsterdammertjes is het voorkomen van parkeren op de stoep. Maar de geschiedenis van de paaltjes is veelzijdiger dan een oplossing voor wildparkeerders…

“De geschiedenis van de paaltjes is veelzijdiger dan een oplossing voor wildparkeerders…”

De zeventiende eeuw was voor Amsterdam een eeuw van handel, vooruitgang, welvaart en macht. Het dorpje aan de Amstel werd dankzij de VOC een wereldstad. De bevolking groeide razendsnel en de stad dus ook. Amsterdamse kooplieden, reders en bankiers lieten prachtige huizen bouwen aan de grachten. In de levendige stad werd veel handel gedreven, vooral aan de grachten was er veel verkeer. Doordat de grachten en straten zo vol en smal waren, gebeurde het vaak dat menners en koetsiers de bochten te krap maakten, waardoor ze met de wielen van de karren en koetsen de gevels van de hoekpanden schampten. Om dit te voorkomen werden in de achttiende eeuw de eerste Amsterdammertjes op de stoepen geplaatst.

“Kanonnen van VOC-schepen werden na het rampjaar 1672 tot Amsterdammertjes gemaakt.”

Over de manier waarop de paaltjes gemaakt werden is veel discussie. De theorie die het meest tot de verbeelding spreekt is die van de kanonnen: in de 18e eeuw, na het rampjaar 1672, werden veel VOC-schepen niet meer gebruikt. De kanonnen van deze schepen ook niet, dus werden ze uit de schepen gehaald en tot Amsterdammertjes gemaakt. Ze werden op de hoeken van de straten en bij poorten van rijtuigstallingen en statige koopmanspanden ingegraven met de loop omhoog. De loop werd vervolgens gevuld met zand dat weer werd afgedekt met een kanonskogel. Als je naar de vorm van een Amsterdammertje kijkt, is het goed voor te stellen dat de eerste Amsterdammertjes zo gemaakt zijn. Anneke van der Stoel, een historica die onderzoek deed naar de herkomst van de paaltjes, heeft deze ‘stadsmythe’ echter met de grond gelijk gemaakt. Volgens haar is het waarschijnlijker dat de Amsterdammertjes een latere versie van de stenen straatpaaltjes zijn, die ook een bolle bovenkant hebben. Deze paaltjes waren van hardsteen gemaakt in plaats van staal en stonden in de zeventiende eeuw al in de stad.

3288_3068
De waarschijnlijke voorganger van het huidige Amsterdammertje. Bron: budget-bestrating.nl.

Hoe dan ook, de paaltjes zijn sindsdien nooit meer verdwenen uit Amsterdam. In de jaren zeventig nam de parkeerdruk in de binnenstad enorm toe en werden op grote schaal Amsterdammertjes geplaatst. Dit keer niet om de huizen te beschermen tegen langsrijdende karren maar om ervoor te zorgen dat men niet meer op de stoep kon parkeren.

Maar met een beetje fantasie kan je je voortaan voorstellen dat je langs omgekeerde VOC-kanonnen fietst, met het geratel van een gevaarlijk schommelend rijtuig achter je…