Eerbetoon aan het Olympisch

Dit bericht is oorspronkelijk gepubliceerd bij Maximum Amsterdam

Voor veel Ajacieden was de mooiste wedstrijd van vorig jaar gek genoeg een vrij onbelangrijk duel in de tweede ronde van de beker. Dat kwam onder meer doordat dit duel de eerste stadsderby in officieel verband sinds 1983 was. Daarnaast had de tegenstander van die avond, de gemoedelijke amateurclub JOS Watergraafsmeer, niet alleen een van de mooiste spandoeken aller tijden (“Wij zijn JOS, Ajax is de klos”), maar ook nog eens een geweldige stadionspeaker, die met een gezonde dosis humor en een heerlijke Amsterdamse tongval de wedstrijd van commentaar voorzag. Maar bovenal lag het aan de locatie: het Olympisch Stadion, sinds jaar en dag het kloppend hart van de Amsterdamse sport en, na de grondige restauratie van ruim veertien jaar geleden, weer één van de mooiste en meest iconische gebouwen van Amsterdam.

y2ksoW9L
Spandoek JOS Watergraafsmeer (© De Brouwer)

Tijdens de wedstrijd genoten mijn vrienden en ik op de tribunes echter niet zozeer van het stadion of de wedstrijd, aangezien Ajax geen kind had aan JOS, maar eerder van het fascinerende schouwspel hoog daarboven, waar een prachtige goudkleurige nazomerse avondlucht, gitzwarte donderwolken en enkele striemende regenbuien in een constant gevecht waren om te mogen dienen als decor voor het duel ver daaronder.

Daarbij dwaalden de gedachten af naar de schitterende duels die in het verleden in het Olympisch plaatsvonden, waarbij de weersomstandigheden vaak een rol speelden. Zo is er in menig stadsderby gestreden om de officieuze titel ‘beste club van Amsterdam’. Een titel die, zeker tot de opmars naar de Europese top aan het eind van de jaren zestig, niet vanzelfsprekend aan Ajax toekwam.

Die opmars begon ook in het Olympisch. Om precies te zijn op 7 december 1966, toen Ajax het grote Liverpool vernederde met 5-1. Althans, zo wordt gezegd, want door de dichte mist werd dit de beste wedstrijd van Ajax die niemand heeft gezien. Ook in de jaren daarna diende het stadion als decor voor vele memorabele wedstrijden. Zoals in september 1983, toen Ajax in de stromende regen het Feyenoord van Johan Cruijff een enorm pak slaag gaf: 8-2. In het midden van de jaren negentig vonden hier ook de thuisduels van de magistrale Champions League-campagne plaats, die Ajax uiteindelijk in de finale in Wenen zou bekronen met de winst de beker. Die campagne startte in een regenachtig Olympisch met de totaal onverwachte zege op de titelhouder AC Milan, en in het Olympisch werd afgesloten met de galavoorstelling tegen Bayern München in de halve finale.

“Door de dichte mist werd Ajax-Liverpool (5-1, 1966) de beste wedstrijd van Ajax die niemand heeft gezien.”

De gedachten aan deze, en nog vele andere, historische wedstrijden werden pas onderbroken toen de stadionspeaker van JOS na het zoveelste doelpunt van Ajax aankondigde dat het “nou wel een keer mooi geweest” was. Gelukkig voor JOS was de scheids het daarmee eens en beëindigde hij direct daarna de wedstrijd. Met de stille wens dat er vaker zo een prachtige avond in het Olympisch mag komen lieten wij het Stadionplein achter ons, de koele Amsterdamse nacht in. Een stadion zo mooi als dit verdient dat namelijk.

Foto inleiding: Olympisch Stadion op 24 september 2014 (© Marcel Stephan)